Burgerlijk recht

Niet-nakoming van negatieve verplichtingen in faillissement: mission impossible van de curator?

B.A. Keizers

Post thumbnail

De curator kan geconfronteerd worden met verplichtingen van de gefailleerde uit overeenkomsten waarvoor hij geen handeling meer hoeft te verrichten om nakoming te bewerkstelligen (negatieve verplichtingen). De Hoge Raad oordeelde in het Nebula-arrest (2006) dat de curator deze negatieve verplichtingen niet na hoeft te komen. In het Berzona-arrest (2014) oordeelde de Hoge Raad (daarentegen) dat de curator niet actief mag wanpresteren. Naar aanleiding van beide arresten staat in deze bijdrage centraal, in welke mate de curator binnen het kader van de Faillissementswet de bevoegdheid, dan wel mogelijkheid heeft om negatieve verplichtingen uit wederkerige (duur)overeenkomsten niet na te komen.

Verdieping | Studentartikel
september 2015
AA20150662

Nietige en non-existente vennootschap

M.J.G.C. Raaijmakers

Hoge Raad 7 april 1989, nr. 12904, ECLI:NL:HR:1989:AG6042, NJ 1989, 630, m.n. Maeijer (Ubbink Isolatie DV/Dak- en Wandtechniek DV) vervolg op Hoge Raad 24 april 1987, NJ 1987, 660 en HvJ 20 september 1989, 136/87. Reeks van uitspraken van de Hoge Raad (7 april 1989 en 24 april 1987) en uitspraak van het HvJ EG van 20 september 1989 waarbij het handelen namens een niet bestaande BV centraal staat. In het arrest komt de vraag aan de orde wanneer er sprake is van een nietige of niet bestaande BV. Voor de oprichting van een BV is een notariële oprichtingsakte nodig en een departementale (thans: ministeriële) verklaring van geen bezwaar. De bestuurders dienen de vennootschap tevens in te schrijven in het handelsregister (geen constitutief vereiste). In de noot wordt over de problematiek rondom het handelen van niet juist opgerichte vennootschap verder in gegaan. Verder wordt er ook in gegaan op de oprichting van personen vennootschappen.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
december 1989
AA19891003

Nieuw bewijsrecht in burgerlijke zaken

R.Ch. Verschuur

Artikel waarin de verandering van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering centraal staat voor wat betreft de wijziging van het bewijsrecht in burgerlijke zaken. In het artikel wordt ingegaan op de parlementaire geschiedenis en vervolgens wordt de regeling inhoudelijk besproken. Verderop komt de veranderde terminologie aan de orde. Daarna wordt de vrijheid en de lijdelijkheid van de rechter besproken in de nieuwe wet. Vervolgens komen de verschillende bewijsmiddelen aan de orde zoals schriftelijk bewijs, de partij als getuige en het getuigenbewijs in het algemeen.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
april 1988
AA19880244

Nieuw Vermogensrecht en rechtsvergelijking – reconstructie van een wetgevingsproces

V.J.A. Sütõ

Een uiteenzetting van het ontstaan van het nieuwe vermogensrecht.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
februari 2005
AA20050101

Nieuwe ‘Orde in de regelgeving’

J.Th.J. van den Berg

Post thumbnail Tegenover een parlement dat gebrekkige aandacht toont voor de constitutionaliteit van de wetgeving, staat een rechterlijke macht die zich lang niet altijd meer door de wet alleen laat leiden. Vooral in de politiek is de irritatie over het handelen van de rechter toegenomen, waarop rechters opmerkelijk defensief reageren. Tijd om te waken voor overdrijving, maar ook voor nieuwe concentratie op waarde en inhoud van de wet.

Verdieping | Verdiepend artikel
oktober 2020
AA20200864

Nieuwe (?) normen voor faillisementscurator

Een beschouwing naar aanleiding van Hoge Raad 19 april 1996, RvdW 1996, 89C

M.J. Borgers

In deze bijdrage staat het arrest van de Hoge Raad van 19 april 1996, RvdW 1996, 89C, waarin ingegaan wordt op de persoonlijke aansprakelijkheid van de faillissementscurator, centraal. Onderzocht wordt met name in hoeverre dit arrest verandering aanbrengt in de criteria die voor de persoonlijke aansprakelijkheid van de faillissementscurator gelden. (LJN nummer: ZC2047)

Verdieping | Studentartikel
september 1996
AA19960543

UCERF 11 - Actuele ontwikkelingen in het familierecht

Nieuwe aandacht voor toezicht op vermogens­beheer bij minderjarigen

J.H.M. ter Haar

Hans ter Haar gaat in op rechtsvergelijkend onderzoek dat recent is gedaan naar de positie van kinderen in een vermogensrechtelijke context. Hij spitst zich daarbij vooral toe op toezicht op bewind over erfrechtelijke aanspraken, omdat het gebrekkige functioneren hiervan aanleiding was voor het onderzoek.
 

UCERF 6 - Actuele ontwikkelingen in het familierecht

Nieuwe erfrechtelijke verwijzingsregels in de Europese Unie

P.A.M. Lokin

Doel van deze bijdrage is de Europese erfrechtelijke verwijzingsregels te bespreken in vergelijking met de thans geldende Nederlandse verwijzingsregels om de meest in het oog springende verschillen en overeenkomsten te illustreren.

Nieuwe geschillenregeling voor ondernemingsraden

M.Tj. Bouwes

In dit artikel wordt de nieuwe geschillenregeling voor ondernemingsraden besproken die is neergelegd in de Wet op de Ondernemingsraden. De regeling geeft regels ten aanzien van geschilbeslechting tussen onderdelen van de ondernemingsraad en geschillen met de ondernemer. Er wordt ingegaan op de veranderde taak van de bedrijfscommissie. Daarnaast wordt de toegang tot de rechter besproken, evenals de integratie van procedures en regels op lager niveau. Tenslotte komt het hoger beroep en de kosten van rechtsbijstand aan de orde.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
juni 1990
AA19900383

Nieuwe Matex

P. van Schilfgaarde

Hoge Raad 10 februari 1978, nr. 11186, ECLI:NL:HR:1978:AC1257 (Nieuwe Matex)

september 1978
AA19780512

UCERF 8 - Actuele ontwikkelingen in het familierecht

Nieuwe ontwikkelingen met betrekking tot partneralimentatie

M.L.C.C. de Bruijn-Lückers

In deze bijdrage wordt nader ingegaan op deze actuele ontwikkelingen op het gebied van partneralimentatie. De rechtsgrond voor partneralimentatie staat ter discussie: van lotsverbondenheid naar huwelijks gerelateerde vermindering van de verdiencapaciteit.

Nieuwe regels voor productaansprakelijkheid

P.W.J. Verbruggen

Post thumbnail Sinds 1985 kennen we in Europa uniforme regels ter vergoeding van schade veroorzaakt door gebrekkige producten. De opkomst van software, AI en mondiale waardeketens maken echter duidelijk dat deze regels sterk verouderd zijn. Het productaansprakelijkheidsrecht gaat daarom op de schop. Deze amuse beschouwt in kort bestek wat er te veranderen staat.

Opinie | Amuse
maart 2024
AA20240198