Resultaat 1–12 van de 39 resultaten wordt getoond

Afwikkeling van een ongeldig telefoonabonnement

W.H. van Boom

HR 12 februari 2016, ECLI:NL:HR:2016:236, RvdW 2016/279 (Lindorff BV/Nazier)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Mei 2016
AA20160363

Artikel 6:230u BW: het draagkrachtbeginsel in het contractenrecht

A.G. Castermans

Artikel 6:230u BW is op 13 juni 2014 in werking getreden. Zij vraagt om twee redenen de aandacht. Ten eerste geeft zij uiting aan het draagkrachtbeginsel in het contractenrecht. De vraag is hoe bijzonder dat is. Ten tweede verbiedt zij de handelaar een aanbod te doen aan een consument die dreigt boven zijn stand te gaan leven; de vraag is op straffe waarvan. Beide vragen houdt Alex Geert Castermans tegen het licht. Hij sluit af met enige uitlegkwesties.

Blauwe pagina's | Bijzondere bepalingen | Verdieping
September 2016
AA20160576

As honest as the day is long

V. Mak

In common law-systemen is de goede trouw een vreemd verschijnsel. In het Canadese recht lijkt daar nu verandering in te komen, aldus Vanessa Mak.
 

Opinie | Column
Februari 2015
AA20150121

Baris-Riezenkamp

W.C.L. van der Grinten

HR 15 november 1957, ECLI:NL:HR:1957:AG2023
 

Februari 1958
AA19580103

Belangenconflicten tussen agent en principaal

K.A.M. van Vught

Een agent (vertegenwoordiger) moet de belangen van zijn principaal (vertegenwoordigde) behartigen. Daarom kan de agent niet zomaar met zichzelf contracteren. Ook kan hij niet zonder meer twee principalen tegelijk vertegenwoordigen. Deze bijdrage beziet de regeling van belangenconflicten in het Burgerlijk Wetboek tegen de achtergrond van de common law.

Verdieping | Studentartikel
November 2015
AA20150861

Borgtocht aangegaan ten behoeve van normale uitoefening bedrijf vennootschap?

A.J.M. Nuytinck

Hoge Raad 13 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1220 (mrs. C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron en C.H. Sieburgh; A-G mr. M.L.C.C. Lückers) Verbintenissenrecht, huwelijksvermogensrecht. Vernietigbaarheid borgtochtovereenkomst wegens ontbreken toestemming echtgenote (art. 1:88 lid 1 onder c i.v.m. art. 1:89 lid 1 BW)? Reikwijdte uitzondering van artikel 1:88 lid 5 BW. Rechtshandeling ten behoeve van normale bedrijfsuitoefening?

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Oktober 2018
AA20180816

Buena Vista

J.H. Nieuwenhuis

HR 16 november 1984, ECLI:NL:HR:1984:AG4903

April 1985
AA19850214

Contracten met de overheid

H.J.S.M. Langbroek, M.W. Scheltema

Contracten met overheden is een onderwerp dat ligt op een kruispunt van privaat- en publiekrecht. Dit cahier geeft een introductie in het overheidscontractenrecht.

9789069168173 - 20-6-2016

De bancaire kredietovereenkomst

A.J. Verdaas

De juridische en praktische aspecten van bancair krediet, in het bijzonder van kredieten zoals die door Nederlandse banken verstrekt worden aan kleine tot middelgrote ondernemingen en non-profitorganisaties.

9789492766229 - 4-4-2018

De herziening van het Franse verbintenissenrecht: les jeux sont faits

C. Calomme, J.M. Smits

1 oktober 2016 was een historische datum voor het Franse recht. Voor het eerst sinds de invoering van de Code Civil in 1804 vond een grondige herziening plaats van het in het wetboek neergelegde verbintenissenrecht. In deze bijdrage wordt ingegaan op de motieven voor en de inhoud van de herziening.

Verdieping | Verdiepend artikel
Oktober 2016
AA20160726

De invloed van regelgeving van sportorganisaties op het civiele aansprakelijkheidsrecht

R.H.C. van Kleef

De sport kenmerkt zich door een grote hoeveelheid van eigen regelgeving. Veel van deze regelgeving is van tuchtrechtelijke aard en dient (mede) om schade te voorkomen. Denk bijvoorbeeld aan spelregels, pisteregels of aan standaarden voor stadionveiligheid. In dit artikel wordt gestreefd de status van deze regels in een civiele procedure te verduidelijken. In welke mate kan en moet tuchtrechtelijke regelgeving van sportorganisaties in aanmerking worden genomen bij het bepalen van de toepasselijke zorgvuldigheidsnorm?

Bijzonder nummer | Tuchtrecht
Juli 2016
AA20160545

De respectplicht ten aanzien van andermans contractuele belangen

L.M. van Bochove

Niet-contractspartijen zijn verplicht in hun handelen enige rekening te houden met het bestaan van een overeenkomst. Dit blijkt uit het feit dat het uitlokken van contractbreuk, en onder omstandigheden ook het profiteren hiervan, als strijdig met de maatschappelijke zorgvuldigheid wordt aangemerkt. Maar in hoeverre is ‘contractbreuk’ vereist? Kan bijvoorbeeld ook het aanzetten tot de opzegging van een overeenkomst als onzorgvuldig worden gekwalificeerd?

Verdieping | Verdiepend artikel
Mei 2018
AA20180361

Resultaat 1–12 van de 39 resultaten wordt getoond