Burgerlijk recht

Ongehuwde gelijkheid

H.J. van Kooten, K. Vos

Redactioneel artikel waarin gepleit wordt voor een grotere gelijk schakeling tussen mensen die op basis van een huwelijk en mensen die niet op basis van een huwelijk samenwonen. De redacteuren bepleiten een registratiesysteem welk systeem alleen voor de vermogensrechtelijke positie gevolgen heeft en gelijk is aan het huwelijk.

Opinie | Redactioneel
januari 1992
AA19920003

Ongerechtvaardigde verrijking

Een handleiding voor raadsheren en studenten, met gratis stappenplan

G.E. van Maanen

Post thumbnail Wanneer mag men een verrijking 'ongerechtvaardigd' noemen? Een stappenplan voor de praktische toepassing van dit leerstuk.

9789069163864 - 01-07-2001

Ongerechtvaardigde verrijking

E.J.H. Schrage

Vanaf de dagen van het Romeinse recht zijn het contract en de onrechtmatige daad niet de enige bronnen van verbintenissen. Er zijn er nog een paar meer. Daaronder speelt de ongerechtvaardigde verrijking een belangrijke rol. Iedereen is tegen ongerechtvaardigde verrijking: vanaf de Romeinse jurist Pomponius, via de middeleeuwse jurist Martinus Gosia, tot de Hollandse natuurrechtsleraar Hugo de Groot. Desondanks heeft de vormgeving van een goede regeling veel voeten in de aarde. We volgen de ontwikkeling van een belangwekkend leerstuk vanaf de 2e eeuw na Chr. tot in het Nieuw BW.

Overig | Rode draad | Digesten
oktober 2005
AA20050815

Ongerechtvaardigde verrijking (Digitaal boek)

Een handleiding voor raadsheren en studenten, met gratis stappenplan

G.E. van Maanen

Post thumbnail Wanneer mag men een verrijking 'ongerechtvaardigd' noemen? Een stappenplan voor de praktische toepassing van dit leerstuk.

9789069163864 - 01-07-2001

Onjuiste toepassing van artikel 4:46 BW?

A.J.M. Nuytinck

Hoge Raad 10 november 2023, ECLI:NL:HR:2023:1531 (mrs. M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek, A.E.B. ter Heide, F.R. Salomons en G.C. Makkink; A-G mr. W.L. Valk)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
januari 2024
AA20240056

Onkruidverdelging bij de lelieteelt: reflexwerking van risicoaansprakelijkheid

T. Hartlief

Hoge Raad 2 december 2005, nr. C04/263HR, ECLI:NL:HR:2005:AU5661, LJN: AU5661, NJ 2006, 444 (JBMV) (Rijpma/Groot, Lelieteler) In de annotatie bij dit arrest wordt ingegaan op eigen schuld en in hoeverre dit ook aan de orde is als het om hulppersonen gaat.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
december 2006
AA20060899

Online gokken: inzetten op verslavingspreventie

M.W. Kouwenberg, E.E. Maathuis

Sinds de legalisering van online gokken per 1 oktober 2021 is de online gokmarkt sterk gegroeid. De Nationaal Rapporteur Verslavingen vreest dat in de toekomst meer personen met een gokverslaving bij verslavingszorg terechtkomen. Hij adviseert een mogelijkheid te creëren om kansspelaanbieders aansprakelijk te stellen als zij niet voldoen aan hun onderzoeks- en zorgplicht. Wij bespreken – onder meer aan de hand van het Oostenrijkse Glücksspielgesetz – wat hiervoor nodig is en stellen voor een schadefonds op te richten.

Opinie | Redactioneel
februari 2024
AA20240083

Onrechtmatige rechtspraak: een nieuw criterium

V.V.R. van Bogaert

Wat nu als de rechter je onderneming failliet verklaard, dit in hoger beroep dit wordt teruggedraaid, maar de curator de spullen al verkocht heeft? In het Nederlandse recht is het niet langer mogelijk om de rechter in persoon aan te spreken, maar ook de staat aansprakelijk stellen is in dit geval zeer moeilijk en kan alleen bij schending van artikel 6 EVRM (Fair Trail)

Opinie | Opiniërend artikel
februari 2006
AA20060109

Onrechtmatige wetgeving

R.J.B. Schutgens

Roel Schutgens promoveerde op 22 juni 2009 cum laude aan de Radboud Universiteit Nijmegen op het proefschrift Onrechtmatige wetgeving. Promotoren waren prof.mr. C.A.J.M. Kortmann en prof.mr.drs. C.H. Sieburgh. In dit artikel bespreekt hij zijn proefschrift.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
december 2009
AA20090850

Ontbinding en vervangende schadevergoeding: lood om oud ijzer?

M.T. Beumers, K.A.M. van Vught

Als een schuldenaar in verzuim is, heeft zijn schuldeiser onder meer de keuze tussen het ontbinden van de overeenkomst en het vorderen van vervangende schadevergoeding. In de literatuur is wel verdedigd dat deze remedies tot dezelfde uitkomst leiden. Deze opvatting ziet er echter aan voorbij dat de prestaties van contractpartijen niet steeds een gelijke economische waarde vertegenwoordigen. Zeker voor de contractpartij die een economisch nadelige overeenkomst heeft gesloten, doet de keuze tussen deze remedies er wel degelijk toe.

Opinie | Redactioneel
februari 2018
AA20180099

Ontbinding zonder formaliteiten

W.H. van Boom

Hoge Raad 8 juli 2011, nr. 10/00006, ECLI:NL:HR:2011:BQ1684, LJN: BQ1684, RvdW 2011, 905 (G4 Beheer/Hanzevast Beleggingen)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
mei 2012
AA20120366

Onterven en passeren in het Byzantijnse recht

De nieuwe regeling van Novelle 115.3 en 4 (a.542)

H. de Jong

Post thumbnail Novelle 115, met name de capita 3 en 4, afgekondigd door keizer Justinianus (482-565) in 542, bevatte belangrijke nuanceringen en een nadere invulling van de toen bestaande regels betreffende het onterven en passeren van naaste verwanten. De Novelle had een doorwerking in het Byzantijnse recht van de Basilica en de Peira. Soms werden oude regels uit het Corpus iuris vanwege de introductie van Novelle 115 weggelaten of gewijzigd, soms ook opnieuw geïnterpreteerd zodat zij naast Novelle 115 hun gelding konden behouden.

Verdieping | Verdiepend artikel
oktober 2024
AA20240857