Resultaat 97–108 van de 138 resultaten wordt getoond

OGEM-enquête (I) en (II)

M.J.G.C. Raaijmakers

Hoge Raad 10 januari 1990, nr. 20, ECLI:NL:HR:1990:AC1233, RvdW 1990, 22/23, NJ 1990, 465/466 m.n. Maeijer; TVVS 1990, pp. 127-132 noot Th.S. IJsselmuiden (Ogem-enquête (I) en (II)) In deze noot wordt ingegaan op de gevolgen van het failliet gaan van Ogem waarbij een uitspraak van de Hoge Raad aan de orde komt en er strijd is over de werking en strekking van de regeling van het enquêterecht. De Hoge Raad doet hierover een belangrijke uitspraak en oordeelt dat wanneer er sprake is van wanbeleid van de rechtspersoon dit geen oordeel inhoudt over de persoonlijke verwijtbaarheid van de bestuurders. Op een onderdeel wordt de beschikking van het hof o.g.v. motiveringsklachten gecasseerd. In de uitvoerige noot wordt ingegaan op de wetsgeschiedenis van de enquêteregeling. Daarna wordt de enquêteprocedure besproken waarbij de tweefasenstructuur wordt onderscheiden. Daarna komt de ontvankelijkheid van de oud-bestuurders van de failliete NV in de cassatieprocedure behandeld. Raaijmakers behandelt vervolgens het onderscheid van wanbeleid van de rechtspersoon en de aansprakelijkheid van de bestuurders. Deze loopt niet zonder meer parallel. Als laatste komt het openbaar belang bij faillissement aan de orde en wordt er afgesloten met aanbevolen literatuur. In de tweede annotatie komt met name het begrip 'wanbeleid van de rechtspersoon' diepgaand aan de orde waarbij met name van belang is dat een enquêteprocedure ook gestart kan worden bij faillissement van de vennootschap waarbij er dan geen voorzieningen worden getroffen. Daarbij worden in de opvolgende paragrafen behandelt: de wijze waarop de HR in het concrete arrest het wanbeleid beoordeelt en de verschillende voorbeelden waaruit wanbeleid kan bestaan, bijvoorbeeld in strijd handelen met wettelijke voorschriften, statuten of beleidsvoorschriften binnen de vennootschap.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
november 1990
AA19900858

Ongedeelde smart!

P. Werdmuller, R. de Winter

In dit redactionele artikel wordt ingegaan op de nieuw in te voeren van het aansprakelijkheidsrecht van automobilisten in het verkeer waarbij zij altijd voor de volledige schade aansprakelijk zijn indien zij in aanraking komen met andere weggebruikers dan automobilisten.

Opinie | Redactioneel
juli 1996
AA19960483

Op de rand of net er over?

A.W. Jongbloed

In beginsel is iemand aansprakelijk met zijn gehele vermogen. Er bestaat geen wettelijke regel dat bij de executie een bepaalde volgorde in acht moet worden genomen, maar in de praktijk zijn op grond van rechterlijke uitspraken regels gegroeid. Daarnaast wil de wetgever de schuldenaar beschermen met een regeling omtrent zaken waarop geen beslag kan worden gelegd c.q. een zeker bedrag aan inkomen/uitkering niet voor beslag vatbaar te verklaren. Recent ontstond discussie betreffende een uitspraak van de voorzieningenrechter Arnhem, waarin is uitgemaakt dat de beslagvrije voet niet geldt voor op een bankrekening overgemaakt restantsalaris.

Opinie | Opiniërend artikel
maart 2008
AA20080196

Over ballen, gevallen biervaten en andere ongelukjes

Rechtsvraag (310) verbintenissenrecht

S.R. Damminga

Aan de hand van een casus over de ontgroening bij een studentenverenigingn worden er verschillende vragen gesteld op het gebied van verbintenissen- en aansprakelijkheidsrecht.

Perspectief | Rechtsvraag
september 2003
AA20030718

Over haken en (be)ogen

L. van Wifferen, E. de Zwaan

In dit redactionele artikel wordt ingegaan op de opzetclause die is opgenomen in vele verzekeringsclausules die veel voorkomen in verzekeringsovereenkomsten die door de Hoge Raad in het belang van het slachtoffer wordt uitgelegd

Opinie | Redactioneel
januari 2000
AA20000003

Passieve legitimatie uit cognossement

F.G.M. Smeele

Bespreking proefschrift. Hoofdvraag is wie er bij cognossementsvervoer tot vergoeding van ladingschade kan worden aangesproken, met andere woorden ‘whodunnit?’Auteur concludeert dat bij nader inzien de tegenstelling tussen debeginselen van partij-autonomie en derdenbescherming bij de passieve legitimatie maar eenschijnbare. Zeer wel kunnen deze uitgangspunten met elkaar in harmonie gebracht worden, namelijkwanneer aan het contractuele aspect in de verhouding tussen vervoerder en afzender en aan het waardepapierrechtelijke aspect tussen vervoerder en derde-houder beslissende betekenis wordt toegekend.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
november 1998
AA19980919

Productaansprakelijkheid en de komst van zelfrijdende auto’s: klaar voor een bestuurderloze toekomst?

N.E. Vellinga

De ontwikkeling van zelfrijdende auto’s brengt vele juridische vragen met zich. Deze vragen zien onder meer op het bestuurdersbegrip in de wegenverkeerswetgeving, aansprakelijkheid en verzekering. In deze bijdrage wordt ingegaan op vragen die rijzen ten aanzien van de aansprakelijkheid van de producent van een zelfrijdende auto. Daarnaast worden de mogelijkheden omtrent de verkeersverzekering en een compensatiefonds verkend.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
oktober 2021
AA20210957

Proportionele doorbreking van wettelijke limitering bij stilzitten wetgever

W.H. van Boom

Hoge Raad 18 mei 2018, nr. 16/06017, ECLI:NL:HR:2018:729 (X/Allianz Benelux B.V.). Ook wel bekend als gebroken giek.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 2019
AA20190199

Pruisken/Organice: schadevergoeding bij overlijden

T. Hartlief

Hoge Raad 16 december 2005, nr. C04/276HR, ECLI:NL:HR:2005:AU6089, RvdW 2006, 1 (Pruisken/Organice) Organice was verantwoordelijk voor het organiseren van een bedrijfsuitje van het hoogheemraadschap Delfland, maar op de toggle-baan ging het fout en kwam een van de deelnemers te overlijden. Organice erkent aansprakelijkheid, maar in dit arrest draait het om de omvangsfase van de schadevergoeding.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
april 2006
AA20060281

Rampen en crises: aansprakelijkheid & verzekering of overheidsschadefonds?

T. Hartlief

Post thumbnail De coronacrisis is ongekend, juist ook door de gevolgen van de getroffen overheidsmaatregelen, maar ook bij eerdere rampen en crises speelde de overheid in ieder geval in de afwikkelingsfase een hoofdrol. Het normale systeem van aansprakelijkheid en verzekering maakt bij de afwikkeling van schade door rampen en crises al snel plaats voor al dan niet incidentele overheids­schadefondsen. Hoe komt dat en valt hier wat aan te doen?

Bijzonder nummer | Crisis!
juli 2021
AA20210734

Recht en Verandering

M. Geerdink, I. Laurijssens

Op 25 maart 1999 organiseerde het Centrum voor Recht, Bestuur en Samenleving van de Rijksuniversiteit van Groningen een symposium onder de titel 'Recht en Verandering'. De centrale vraag die hier aan de orde kwam, is in hoeverre het recht reageert op de maatschappij of andersom, of het recht in staat is de maatschappelijke ontwikkelingen te beïnvloeden. Dagvoorzitter was professor Lokin. Hieronder volgt een verslag van de lezingen zoals die door de verschillende sprekers werden gehouden.

Verdieping | Studentartikel
september 1999
AA19990616

Rechtsvraag (186) burgerlijk recht

P.A. Stein

Rechtsvraag op het gebied van het aansprakelijkheids- en verzekeringsrecht en waarbij na een geschetste casus de vraag aan de orde komt wie de verzekeringspenningen toekomen na een schadegeval.

Perspectief | Rechtsvraag
maart 1989
AA19890222

Resultaat 97–108 van de 138 resultaten wordt getoond