Resultaat 217–228 van de 251 resultaten wordt getoond

Potter tegen Grotter, parodie of plagiaat?

R.J.Q. Klomp

Er bestaan een natuurlijke spanning tussen het auteursrecht en het recht op parodie. Dit blijkt bijvoorbeeld uit de recente rechterlijke uitspraken in de zaak van Harry Potter tegen Tanja Grotter. Is het boek over Tanja Grotter een nieuw en oorspronkelijk werk en als zodanig een toegestane parodie? Of is het een inbreuk op het auteursrecht van Joanne Rowling, de auteur van Harry Potter-serie?

Overig | Rode draad | Recht en literatuur
Februari 2004
AA20040112

Prestatieontlening II-Vrijheid van nieuwsgaring (NOS-KNVB)

H. Cohen Jehoram

Hoge Raad 23 oktober 1987, nr. 12916, ECLI:NL:HR:1987:AD0055, RvdW 1987, 191, Informatierecht AM11988/2 (NOS/KNVB) Uitspraak van de Hoge Raad op het snijvlak van het intellectuele eigendomsrecht, mediarecht en mededingingsrecht waarbij de Hoge Raad de volgende rechtsregels formuleert: Prestatieontlening in de mededinging is geen onrechtmatige daad. Vrijheid van nieuwsgaring omvat geen recht op informatie. In de noot wordt dieper op de prestatiebescherming in gegaan en wordt eerdere jurisprudentie en literatuur aangehaald.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Juli 1988
AA19880461

Prestatieontlening III – Staat-Den Ouden

H. Cohen Jehoram

Hoge Raad 20 november 1987, nr. 13023, ECLI:NL:HR:1987:AD0056, RvdW1987, 219, Informatierecht AMI1988/2, 36 (Staat/Den Ouden). Ook bekend als Prestatieontlening III. Derde publicatie in een reeks annotaties waarin de prestatieontlening aan de orde komt. Wederom wordt geoordeeld dat de prestatieontlening geen onrechtmatige daad is in mededingingsrechtelijke zin. In de noot wordt hier wederom op in gegaan.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
December 1988
AA19880869

Pronken met andermans veren: vier manieren om over plagiaat te spreken

C.J.M. Schuyt

Post thumbnail

Om aan te geven hoe ongelooflijk leuk een juridische studie kan zijn beschrijft Kees Schuyt vier manieren om over plagiaat te spreken.

Opinie | Amuse
September 2016
AA20160578

Pronken met eigen veren

R. de Graaff, D.J. Verhey

De laatste jaren wordt de academische wereld overspoeld door een golf van ophef rond wetenschappelijke publicaties. Begin dit jaar verplaatste het publieke debat zich naar het fenomeen ‘zelfplagiaat’. Ten onrechte wordt in de media gesuggereerd dat er nauwelijks verschil bestaat tussen plagiaat en het voortbouwen op eigen werk.

Opinie | Redactioneel
Mei 2014
AA20140323

Raamuitzetter

H. Cohen Jehoram

Hoge Raad 31 mei 1991, nr. 14253, ECLI:NL:HR:1991:ZC0259, NJ 1992, 391 (Borsumij/Stenman). Ook bekend als Raamuitzetter. Uitspraak van de Hoge Raad en daarbij behorende noot op het gebied van het octrooirecht. In de uitspraak komt aan de orde wat de verhouding is tussen de leer van de slaafse nabootsing en de modernere prestatieontlening. De Hoge Raad oordeelt dat de laatste leer de eerdere heeft geabsorbeerd. In de noot wordt dieper op deze problematiek ingegaan.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
September 1993
AA19930680

Rechten schenden vanaf de zeepkist

Ch. Alberdingk Thijm

De opkomst van internet en cameratelefoons brengt een grote meningsuiting op internet met zich mee die vaak gepaard gaat met een schending van rechten van de afgebeelde of benoemde persoon.

Opinie | Amuse
December 2006
AA20060855

Rechtsvraag (198) Intellectuele Eigendom

Th.C.J.A. van Engelen

Rechtsvraag behorende betreffende Intellectuele eigendom. De casus betreft ansichtkaarten waarop zonder toestemming van de licentiehouder afbeeldingen werden gedrukt. De vraag wordt gesteld in hoeverre een verbodsactie kan slagen.

Perspectief | Rechtsvraag
November 1990
AA19900882

Rechtsvraag (232) Intellectuele eigendom-Europees recht

W.A. Hoyng

Rechtsvraag op het gebied van het Europese intellectuele eigendomsrecht, meer in het bijzonder het merkrecht waarbij merkinbreuk bij een internationaal (gedeeltelijk) geregistreerd merk aan de orde is.

Perspectief | Rechtsvraag
April 1994
AA19940252

Rechtsvraag (294) Intellectuele eigendom

M.S.C. Bakker

Rechtsvraag op het gebied van het intellectueel eigendomsrecht, in het bijzonder auteurs-, tekening- en modellenrecht.

Perspectief | Rechtsvraag
Maart 2001
AA20010181

Refererend merkgebruik: is het Tanderil-arrest achterhaald na Hölterhoff-Freiesleben?

W. de Haan, W. Huizer, R. Span

Mag een arts op een recept de naam van een bekend merk vermelden, terwijl hij eigenlijk een minder bekend, maar veel goedkoper middel voorschrijft? En is het de apotheker vervolgens toegestaan om een goedkoper middel aan de patiënt te leveren, ondanks het feit dat op het recept het bekende merk staat vermeld? Deze vragen werden in 1984 negatief beantwoord door het Benelux Gerechtshof in het Tanderil-arrest. Eind 2002 wees het Europese Hof van Justitie (HvJEG) arrest in de zaak Hölterhoff/Freiesleben, een kwestie waar het eveneens over refererend merkgebruik ging. In de literatuur is inmiddels de vraag opgeworpen of dit arrest in een andere richting wijst dan de oude Benelux-jurisprudentie. Mede in het licht van een ander arrest van het HvJEG, inzake Arsenal/ Reed, wordt in deze bijdrage onderzocht wat nu de stand van zaken is met betrekking tot refererend merkgebruik.

Verdieping | Studentartikel
November 2003
AA20030814

Resolution v AstraZeneca en Shionogi: met gezichtspunten zonder uitgangspunten wordt rechtszekerheid een wasen neus

Th.C.J.A. van Engelen

Hoge Raad 8 juni 2018, nr. 16/02891, ECLI:​NL:​HR:​2018:​854, IEPT20180608, NJ 2018/410, m.nt. Ch. Gielen, BIE 2018/20, m.nt. P.L. Reeskamp (Resolution/AstraZeneca en Shionogi)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Juni 2019
AA20190492

Resultaat 217–228 van de 251 resultaten wordt getoond