Resultaat 181–192 van de 206 resultaten wordt getoond

The proof of the pudding is in the eating

Boekbespreking van 'Het fait accompli in het vermogensrecht' van mr. B.W.M. Nieskens-Isphording

E. Florijn

In dit artikel wordt het proefschrift van Nieskens-Isphording besproken. In het proefschrift staat het ontstaan en de gebondenheid aan verbintenissen centraal. In het artikel wordt eerst ingegaan op het systeem van ontstaansbronnen van verbintenis waarbij ook de vertrouwensleer aan de orde komt. Nieskens-Isphording wijst het vertrouwen als ontstaansbron als van verbintenis af en wijst erop dat het eigendomsrecht het wezen van het privaatrecht is. Alle eigendomsverschuivingen komen tot stand door verrijking en verarming.

Literatuur | Boekbespreking
december 1991
AA19911144

The Territorial Jurisdiction of the International Criminal Court

M. Vagias

Post thumbnail The International Criminal Court (ICC) became a reality with the adoption of the Rome Statute on 17 July 1998 and its entry into force on 1 July 2002. The Court is a permanent institution and self-standing international organization, established beyond the United Nations – but in fact existing and operating in close connection with it. One of the most contentious issues of the negotiations that led to the adoption of the Court’s constitution was the issue of its jurisdiction. An important question for analysis is the following: how little of an international crime need take place on State Party territory for the Court to have jurisdiction? This is the main question that will be addressed in this article.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
januari 2012
AA20120062

Third Party Dispute Settlement in an Interdependent World: Developing a Theoretical Framework

M.M.T.A. Brus

Bespreking van een proefschrift waarin de machtsuitoefening in de wereld centraal staat. Hierbij staat de volgende vraag centraal: Kan het recht een deel van de stabiliserende en voorspellende rol die tot nog toe met name door het politieke en militaire machtsevenwicht gespeeld werd, overnemen en aan welke voorwaarden moet daarvoor worden voldaan?

Literatuur | Proefschriftbijdrage
juli 1995
AA19950637

Tijdens de zitting ervaren procedurele rechtvaardigheid beïnvloedt het vertrouwen in rechters

J.E. Hulst

Voor haar proefschriftonderzoek deed Liesbeth Hulst onder meer experimenten onder justitiabelen in de rechtbank. Ze onderzocht het belang van ‘ervaren procedurele rechtvaardigheid’ in rechtszittingen. Dit is de subjectieve indruk die justitiabelen zich vormen van hoe eerlijk en rechtvaardig zij zich door de rechter tijdens hun zitting behandeld voelen. De uitkomsten bewijzen dat sprake is van een oorzakelijke invloed van tijdens de zitting ervaren procedurele rechtvaardigheid op het vertrouwen in rechters (en op het aan rechters toegekende gezag). Ten slotte geeft het onderzoek inzicht in wanneer een zitting door justitiabelen als procedureel rechtvaardig wordt ervaren. Ervaren procedurele rechtvaardigheid is iets anders dan wat juristen onder een eerlijk proces verstaan. Er is dus naast het klassieke juridisch-inhoudelijke werk van rechters nog iets anders wat hun maatschappelijke effectiviteit bepaalt.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
mei 2019
AA20190410

Toegang tot recht in perszaken

L.R. van Harinxma Thoe Slooten

Is het voor een door de media benadeelde mogelijk om hun recht te halen, bezien in het licht van baten en lasten? In dit proefschrift is hier onderzoek naar gedaan en de auteur komt tot de conclusie dat een benadeelde meestal niet veel heeft aan sancties.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
juli 2006
AA20060538

Toerekening van een onrechtmatige daad

C.H. Sieburgh

In dit artikel wordt door mr. C.H. Sieburgh haar proefschrift inzake de toerekening bij onrechtmatige daad besproken.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
maart 2001
AA20010182

Transfer of movables in German, French, English and Dutch law

L.P.W. van Vliet

Literatuur | Proefschriftbijdrage
juli 2000
AA20000594

Veilige Havens: Aanvullend Contractenrecht als Keuzemenu

R.H.J. van Bijnen

Normaliter geldt aanvullend contractenrecht pas wanneer partijen een bepaald punt niet in hun contract hebben geregeld; er is sprake van een zogenaamd opt-out regime. In deze bijdrage ga ik in op het veel minder bekende tegenovergestelde fenomeen van veilige havens. Veilige havens zijn een bijzondere vorm van aanvullend contractenrecht, omdat hier sprake is van een zogenaamd opt-in regime. Het aanvullende recht geldt voor geen enkele partij, tenzij partijen er juist expliciet voor kiezen om dit regime wl voor hun contract te laten gelden. Veilige havens worden ingeroepen door middel van zogenaamde magische woorden. Door deze woorden die vaste betekenis hebben ontstaat een keuzemenu van erkende pre-formuleringen. Ik betoog dat contractspartijen grote behoefte hebben aan een dergelijk keuzemenu, omdat dit hen in staat stelt eenvoudig en ondubbelzinnig die contractsvoorwaarden te selecteren die ze nodig hebben.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
maart 2006
AA20060218

Ver van het bed of dicht bij huis

Wetgevingsbevelen in het civiele en bestuursprocesrecht

G. Boogaard

Post thumbnail

Op 15 mei 2013 promoveerde Geerten Boogaard aan de UvA op zijn proefschrift Het Wetgevingsbevel. Over constitutionele verhoudingen en manieren om een wetgever tot regelgeving aan te zetten.

De Hoge Raad doet erg moeilijk over bevelen aan een regelgever. De Afdeling bestuursrechtspraak geeft dergelijke wetgevingsbevelen echter wel. Moet de Afdeling zich iets gelegen laten liggen aan de bezwaren van de Hoge Raad of is er een goede rechtvaardiging voor een verschil tussen de civiele rechter en de bestuursrechter op dit punt?

Literatuur | Proefschriftbijdrage
november 2013
AA20130885

Verandering van omstandigheden en de uitleg van overeenkomsten

Naar aanleiding van 'Rebus sic stantibus' door prof.mr. P. Abas

M.W. Hesselink, B. Oosting, C.E. du Perron

Verleden jaar verscheen van de hand van prof. mr. P. Abas het boek 'Rebus sic standibus, een onderzoek naar de toepassing van de clausule rebus sic standibus in de rechtspraak van enige Europese landen'. Naar aanleiding van het verschijnen van deze monofrafie organiseerde het Amsterdams juridische dispuut 'Johannes van der Linden' in oktober 1989 een debat tussen de auteur en prof. mr. H.C.F. Schoordijk. In dit artikel wordt aan de hand van de studie van Abas en een verslag van het debat ingegaan op het vraagstuk van de verandering van omstandigheden en - in samenhang daarmee - op de controverse die op het gebied van de uitleg van overeenkomsten bestaan tussen voorstanders van de beperkende werking van goede trouw, zoals Abas, en aanhangers van de methode van de normatieve uitleg, zoals Schoordijk. Daarbij wordt tevens aandacht besteed aan de rol in de discussie van de door Suijling en Bregstein ontwikkelde leemtetheorie.

Literatuur | Boekbespreking
september 1990
AA19900563

Verdienste, toeval, en rechtvaardigheid

H.M. Brouwer

Op 7 januari 2020 promoveerde Huub Brouwer aan Tilburg University met zijn proefschrift 'Verdienste, Toeval, en Rechtvaardigheid'. In deze bijdrage vertelt hij over zijn onderzoek.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
april 2020
AA20200424

Vergoeding van immateriële schade wegens aantasting in de persoon

A.J. Verheij

Ander nadeel dan vermogensschade, immateriële schade, komt alleen voor vergoeding in aanmerking indien dit uit de wet voortvloeit (art. 6:95 BW). Art. 6:106 BW geeft een aantal gevallen waarin immateriële schade voor vergoeding in aanmerking komt. In het proefschrift wordt ingegaan op het geval van 6:106 lid 1 sub b BW waarin onder andere de persoonsaantasting is geregeld.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
juni 2003
AA20030481

Resultaat 181–192 van de 206 resultaten wordt getoond