Resultaat 325–336 van de 387 resultaten wordt getoond
K.R.S.D. Boele-Woelki
Rectificatie bij de beantwoording van een eerdere rechtsvraag op het gebied van het internationaal alimentatierecht.
Perspectief | Rechtsvraagmei 1988AA19880341
UCERF 13 - Actuele ontwikkelingen in het familierecht
C.A. Goudsmit
De auteur beschrijft in deze bijdrage waar zij in haar functie als gemeentelijke kinderombudsman in Rotterdam en omgeving mee te maken krijgt. Welke rol kan een gemeentelijke kinderombudsman spelen bij de verwezenlijking van kinderrechten? Het werkterrein van de ombudsman is breed en betreft zeer uiteenlopende onderwerpen; door de decentralisatie van zorg naar gemeenteniveau is die […]
M.S. Berger
Opinie | Opiniërend artikeldecember 2017AA20170974
L.A.G.M. van der Geld
Koppels gaan naar verloop van tijd steeds meer op elkaar lijken en geven vaak zelfs hun eigen identiteit op. [email protected] en samen in lycra op de profielfoto van Strava. Maar zijn ze ook een rechtseenheid? Voor samenwoners is er niks geregeld, laat staan voor polyamoureuzen. Hoog tijd voor een hedendaagse visie over de juridische positie van alle koppels.
Opinie | Amusedecember 2020AA20201104
A.J.M. Nuytinck
Hoge Raad 21 februari 2014, nr. 12/05846, ECLI:NL:HR:2014:416
Annotaties en wetgeving | Annotatiemei 2014AA20140363
M. van Hoeken
In dit artikel wordt ingegaan op de verschillende samenlevingsvormen die bestaan in de Nederlandse samenleving. Waar vroeger alleen het huwelijk de enige gelegitimeerde was, bestaan er tegenwoordig veel meer. In dit artikel worden deze samenlevingsvormen, haar kenmerken en haar rechtsgevolgen besproken. Er wordt gekeken vanuit het privaat recht en sociaal zekerheidsrecht. Ook worden de gesignaleerde problemen besproken alsmede een mogelijk registratiesysteem en de aanpassing van het huwelijksrecht.
Verdieping | Studentartikelfebruari 1993AA19930078
Hoge Raad 19 januari 2007, nr. C05/273HR, ECLI:NL:HR:2007:AZ1488, LJN: AZ1488, NJ 2007, 62 Verdeling huwelijksgoederengemeenschap bijwege van echtscheidingsconvenant; onrechtmatige daad (verzwijging); samenloop; de aan de bevoegdheid tot vernietiging van een verdeling (art. 3:196 BW) verbonden vervaltermijn van artikel 3:200 BW staat niet eraan in de weg dat na het verstrijken daarvan een deelgenoot jegens de ander een vordering tot schadevergoeding op grond van onrechtmatige daad instelt.
Annotaties en wetgeving | Annotatiejuni 2007AA20070515
UCERF 16 - Actuele ontwikkelingen in het familierecht
S. Rutten
Susan Rutten gaat in op de mogelijkheid voor vrouwen om via het civiele recht aan huwelijkse gevangenschap te ontkomen. Tot nu toe is dat veelal via een kort geding-procedure aangespannen op grond van onrechtmatige daad; onder toekomstige wetgeving kan dit als nevenvoorziening bij een echtscheidingsverzoek. Op basis van rechtspraak van de Hoge Raad geldt een […]
S.B.
In deze column worden problemen rondom het vaderschap (indien men niet getrouwd is met de moeder) besproken.
Opinie | Columnfebruari 2003AA20030091
P.A.M. Meijknecht
In dit artikel wordt de totstandkoming en verandering besproken in het echtscheidingsrecht. Een wetsvoorstel tot wijziging hiervan heeft er 20 jaar over gedaan om tot wet te worden verheven. In het artikel komen de verschillende wetsvoorstellen die hier voor nodig waren ruim aan de orde.
Annotaties en wetgeving | Wetgevingjuli 1993AA19930568
G. van der Burght
De Caribische landen van het Koninkrijk kennen alleen het vrouw-man-huwelijk; zij bieden echter ongehuwde samenlevers enkele voorzieningen in het relatievermogensrecht en in het erfrecht, die volgens de auteur best in het Nederlands BW zouden mogen worden opgenomen.
Blauwe pagina's | Caribisch rechtmei 2019AA20190340
M.J.G.C. Raaijmakers
Hoge Raad 10 mei 1996, nr. 15987, ECLI:NL:HR:1996:ZC2069, RvdW 1996, 117 (L.S./J.S. en H.S.). Ook bekend als Societas Leonina. Erfrecht kwestie waarbij een rol speelt of een VOF geldig tot stand is gekomen en dus al dan niet in de huwelijks goederengemeenschap valt. In de noot wordt ingegaan op de personen- en familierechtelijke, erfrechtelijke en vennootschap rechtelijke kanten van de zaak.
Annotaties en wetgeving | Annotatieoktober 1996AA19960633