Burgerlijk recht

Als consument je recht halen bij een geschillencommissie: goed(koop), maar kan beter

C.M.D.S. Pavillon

Post thumbnail Heeft een consument een geschil met een bij De Geschillencommissie aangesloten ondernemer, dan ligt de gang naar die commissie, gezien de kosten, onzekerheid en ingewikkeldheid van een gerechtelijke procedure, al snel voor de hand. Toch kleven er ook nadelen aan deze vorm van alternatieve geschillenbeslechting. Aan de hand van drie uit het leven gegrepen casus wordt besproken op welke punten die geschillenbeslechting kan worden verbeterd en waarom cruciaal is dat de overheid in De Geschillencommissie blijft investeren.

Rode draad | Beschermenswaardige partijen
februari 2020
AA20200199

Alternatieve causaliteit, een Engels perspectief

R. Tan

De laatste jaren groeit hier te lande de belangstelling voor de alternatieve causaliteit, zowel in deliteratuur als in de rechtspraak. Wat te doen als er niet één maar meerdere mogelijke oorzaken zijnvan schade, en niet te bepalen valt wat de werkelijke oorzaak is? Krijgt het slachtoffer geen, een beetje of volledige schadevergoeding? De ontwikkeling is gaande, maar een definitieve oplossing blijft uit. In een dergelijk klimaat kan een frisse blik geen kwaad. Daarom hierbij een kijkje in de keuken van onze eilandburen.

Verdieping | Studentartikel
december 2007
AA20070933

Alternatieve Geschillenbeslechting

P. Sanders

Bij de discussie hier te lande over de rol welke ADR kan spelen in de oplossing van geschillen is rechtsvergelijking van bijzonder belang. Vooral de Verenigde Staten waar het begon. Een ruimere blik is voor dit onderwerp wenselijk.

Bijzonder nummer | Anglo-Amerikaans recht
mei 1998
AA19980465

Alternatieven voor vruchtgebruik

R.M. Wibier

Hoge Raad 30 september 2022, ECLI:NL:HR:2022:1331 (Telecom Vastgoed/KPN)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 2023
AA20230199

Ambtshalve aanvullen van rechtsgronden (Digitaal boek)

C.E. Smith

Post thumbnail Aan de hand van recente jurisprudentie worden de contouren van het leerstuk van art. 25 Rv geschetst. Het onderscheid tussen het bevoegd aanvullen van rechtsgronden en het onbevoegd bijbrengen van feiten.

9789069165219 - 08-06-2004

Ambtshalve toepassing consumentenrecht: grensbepaling en praktische kwesties

A.G.F. Ancery, H.B. Krans

Post thumbnail

In veel geschillen tussen consumenten en professionele partijen beschikt de rechter binnen de rechtsstrijd over te weinig feiten om toepassing te kunnen geven aan consumenten­beschermende bepalingen. Die feiten zijn wel te vinden in het dossier, maar ze worden niet door partijen aangevoerd en vallen dus niet binnen de rechtsstrijd. Buiten de grenzen van die rechtsstrijd mag de rechter zich alleen begeven ter bescherming van de openbare orde. Zo kan de consument dus tussen wal en schip vallen. Deze lacune in de bescherming van de consument is het HvJ EU niet ontgaan. In een reeks arresten heeft het geoordeeld dat nationale rechters gehouden kunnen zijn om nationale wetgeving ter implementatie van Unierecht ambtshalve toe te passen. Over deze voor de praktijk van het rechterlijk werk belangrijke materie gaat deze bijdrage.

Verdieping | Verdiepend artikel
november 2016
AA20160825

Ambtshalve toepassing van Europees consumentenrecht: de richtlijn consumentenkoop (vervolg)

A.S. Hartkamp

Hof van Justitie Europese Unie (HvJ EU) 4 juni 2014, zaak C-497/13, ECLI:EU:C:2014:357 (Froukje Faber/Autobedrijf Hazet Ochten BV)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
oktober 2015
AA20150816

Ambtshalve toetsing bij oneerlijke bedingen

W.H. van Boom

Hoge Raad 13 september 2013, nr. 12/00395, ECLI:NL:HR:2013:691, TvC 2013/6, p. 262 (Heesakkers/Voets)  

Annotaties en wetgeving | Annotatie
mei 2014
AA20140358

Amerikaanse produktenaansprakelijkheid voor geneesmiddelen

C.A.M. van de Paverd

Op 1 november 1990 is in Nederland de wet Productaansprakelijkheid in werking getreden. Deze wet heeft als doel de bescherming van de burger tegen schade die opgetreden is ten gevolge van een gebrek in een product. Op grond van deze wet kan een producent van een gebrekkig product risico-aansprakelijk gesteld worden. Schuld (indien de producent het gebrek had kunnen kennen of voorkomen) doet niet ter zake. De ontwikkeling van schuld- naar risico-aansprakelijkheid ten aanzien van gebrekkige producten heeft in de Verenigde Staten al veel eerder plaatsgevonden. Reeds in 1944 werd gepleit voor risico-aansprakelijkheid voor een ontploft cola-flesje. In dit artikel zal een schets gegeven worden van het Amerikaanse productenaansprakelijkheidsrecht ten aanzien van geneesmiddelen waarbij zowel schuld- als risico-aansprakelijkheid aan de orde zullen komen. Deze producten nemen in het Amerikaanse recht een bijzondere plaats in, mede omdat in sommige gevallen de betekenis van risico-aansprakelijkheid in dit kader afwijkt van die in het geval van andere gebrekkige producten.

Verdieping | Studentartikel
september 1991
AA19910617

Amro-Tilburgsche Hypotheekbank

S.C.J.J. Kortmann

Hoge Raad 7 oktober 1988, nr. 13 173, ECLI:NL:HR:1988:1, RvdW 1988, 157 (Amro/Tilburgsche Hypotheekbank) Uitspraak van de Hoge Raad en bijbehorende noot waarbij de verrekening tijdens surseance en faillissement aan de orde komt bij te kwader trouwheid van partijen. De Hoge Raad oordeelt dat er wat betreft girale betalingen geen uitzonderingen gelden voor verrekeningsvraagstukken en deze op een lijn dienen te worden gesteld met chartale betalingen.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 1989
AA19890217

Amsterdam-Ikon arrest

P.W.C. Akkermans

Hoge Raad 27 maart 1987, nr. 12807, ECLI:NL:HR:1987:AG5565, AB 1987, nr. 273, m.nt. FHvdB (mrs. Ras, Bloembergen, Haak, Roelvink, Boekman; A-G Franx) (Amsterdam/Ikon) In deze uitspraak van de Hoge Raad staat de toepassing van het gelijkheidsbeginsel in een bestuursrechtelijke verhouding. In de noot komt aan de orde in hoeverre het gelijkheidsbeginsel heeft te gelden als een algemeen beginsel van behoorlijk bestuur.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
februari 1988
AA19880111

Amsterdams verrekenbeding in verband met hypothecaire lening, kapitaalverzekering en waardestijging woning

A.J.M. Nuytinck

Hoge Raad 10 juli 2009, nr. 07/12242, ECLI:NL:HR:2009:BI4387, LJN: BI4387 Noot bij een uitspraak van de Hoge Raad over het zogenaamde 'Amsterdams' verrekenbeding waarbij er door echtelieden die buiten iedere gemeenschap van goederen getrouwd zijn over en weer om de zoveel tijd wordt verrekend. In deze noot wordt dieper in gegaan op deze bijzondere vorm van verrekening tussen echtelieden. Aan de orde komen de beleggingsleer, de betaling van premies voor een kapitaalverzekering en de peildatum.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
oktober 2009
AA20090654