merkenrecht

Resultaat 1–12 van de 46 resultaten wordt getoond

Adam Opel-Autec

Ch.E.F.M. Gielen

Hof van Justitie Europese Gemeenschappen (HvJ EG) 25 januari 2007, zaak nr. C-48-05, ECLI:EU:C:2007:55 (Adam Opel/Autec) Uitleg van artikel 5 lid 1 onder a Merkenrichtlijn. Tegen gebruik van een merk kan alleen worden opgetreden, wanneer door dergelijk gebruik afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de functies van het merk. Onder gebruik van het merk voor waren in die bepaling moet worden verstaan het gebruik van het merk voor de waren door de derde tegen wie wordt opgetreden. Uitleg van artikel 5 lid 2 en art 6 lid 1 Merkenrichtlijn. Vergelijk: BMW/Deenik-arrest.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
mei 2007
AA20070460

Adverteren op Google met het merk van een concurrent als AdWord

J. Hofhuis

Post thumbnail Iemand die op Google naar een BlackBerry zoekt, zou wel eens ook geïnteresseerd kunnen zijn in een iPhone. Dus een handelaar in iPhones zou wel eens geïnteresseerd kunnen zijn in een AdWord bij de zoekterm ‘BlackBerry’. ‘BlackBerry’ is echter ingeschreven als merk. En natuurlijk wil de merkhouder niet dat internetgebruikers een gesponsorde koppeling voor iPhones te zien krijgen wanneer zij op ‘BlackBerry’ zoeken. Het Hof van Justitie heeft zich recent uitgelaten over de vraag wanneer een merkhouder zich tegen dergelijke gesponsorde koppelingen kan verzetten. Het Hof wekt daarbij de indruk het de merkhouder lastig te maken op te treden tegen dergelijk gebruik. Maar wie de arresten goed leest, ziet dat de positie van de merkhouder zo zwak nog niet hoeft te zijn. Het Hof blijkt het vooral juristen lastig gemaakt te hebben.

oktober 2010
AA20100703

Céline-Céline

Ch.E.F.M. Gielen

Hof van Justitie Europese Gemeenschappen (HvJ EG) 11 september 2007, zaaknr. C-17/06, ECLI:EU:C:2007:497 (Céline SARL tegen Céline SA) Uitleg van artikel 5 lid 1 onder a en artikel 6 lid 1 onder a Merkenrichtlijn. Het gebruik zonder toestemming van een aan een ouder merk gelijke maatschappelijke benaming of handelsnaam of van een aan een ouder merk gelijk bedrijfsembleem door een derde voor de verhandeling van dezelfde waren als waarvoor dat merk is ingeschreven, is een gebruik dat de houder van dit merk kan verbieden krachtens artikel 5 lid 1 sub a, van de Merkenrichtlijn, indien er sprake is van een gebruik voor waren dat afbreuk doet of kan doen aan de functies van het merk. Indien dit het geval is, kan artikel 6 lid 1 sub a, van die richtlijn aan een dergelijk verbod slechts in de weg staan, indien sprake is van een gebruik van de eigen maatschappelijke benaming of handelsnaam door de derde volgens de eerlijke gebruiken in nijverheid en handel.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 2008
AA20080224

Dairy Partners/DOC Dairy Partners

Verwarringsgevaar, vrijhoudingsbehoefte en de beschrijvende handelsnaam

D.J.G. Visser

Hoge Raad 19 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:269 (Dairy Partners/DOC Dairy Partners)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
mei 2021
AA20210486

Davidoff/Gofkid

Ch.E.F.M. Gielen

Hof van Justitie Europese Gemeenschappen (HvJ EG) 9 januari 2003, zaaknr. C-292/00, ECLI:EU:C:2003:9 (Davidoff/Gofkid) De bescherming van bekende merken geldt, ondanks de tekst van artikel 5 lid 2 Merkenrichtlijn, ook wanneer dit merk of een daarmee overeenstemmend teken wordt gebruikt voor soortgelijke waren of diensten.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
oktober 2003
AA20030781

De springende roofkat

H. Cohen Jehoram

Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (HvJ EG) 11 november 1997, zaak C-251/95, ECLI:EU:C:1997:528 (SABEL BV/Puma AG, Rudolf Dassler Sport) Het criterium ‘gevaar voor verwarring, inhoudende de mogelijkheid van associatie met het oudere merk’, als bedoeld in de eerste Merkenrecht richtlijn moet aldus worden uitgelegd, dat gevaar voor verwarring niet reeds aanwezig kan worden geacht, indien het publiek twee merken wegens hun overeenstemmende begripsinhoud met elkaar zou kunnen associëren.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
juli 1998
AA19980700

Dezelfde techniekrestrictie in een ander jasje

De gelijkenis tussen de modelrechtelijke en merkenrechtelijke techniekrestrictie

F.L. Westenend

Post thumbnail Binnen het intellectuele-eigendomsrecht wordt vaak onderscheid gemaakt tussen de modelrechtelijke en merkenrechtelijke techniekrestrictie. Dit artikel betoogt dat de aard van de techniekrestricties, de rol die alternatieve vormen spelen en het belang van niet-technische elementen of kenmerken in het modellenrecht en het merkenrecht hetzelfde zijn en dat de modelrechtelijke en merkenrechtelijke techniekrestricties op eenzelfde wijze worden ingevuld. Voorts betoogt dit artikel dat een verschillende invulling van deze techniekrestricties ook niet nodig is.

Verdieping | Studentartikel
mei 2021
AA20210433

Dior/Evora – merkenrecht

H. Cohen Jehoram

Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (HvJ EG) 4 november 1997, zaak C-337/95, ECLI:EU:C:1997:517, Jurispr. I-6013 (Dior/Evora) Het staan een wederverkoper van merkproducten niet alleen vrij om deze door te verkopen doch ook om het merk te gebruiken in reclame voor deze verdere verhandeling. De wederverkoper mag echter niet deloyaal handelen tegenover de gerechtvaardigde belangen van de merkhouder. Zijn op zichzelf geoorloofde reclame moet niet de waarde van het merk aantasten doordat deze de reputatie van het merk ernstig schaadt.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
juni 1999
AA19990480

Domeinnaam-vallen! Het onrechtmatig registreren van Internet-domeinnamen en de mogelijkheden voor een andere wijze van aanpak van het beheer van het Nederlandse domein

M. Sanna

Geschillen over het registreren van domeinnamen die overeenkomen met een gedeponeerd merk zijn aan de orde van de dag. In dit artikel wordt een beschrijving gegeven van (het ontstaan van) de wijze van beheer van domeinnamen. Op nationaal en internationaal niveau wordt gezocht naar oplossingen om het onrechtmatig registreren tegen te gaan. In dit artikel wordt betoogd dat de overheid moet ingrijpen in de wijze van het beheer van domeinnamen, dat thans in handen is van particuliere organisaties.

Verdieping | Studentartikel
juli 2001
AA20010526

Ex Aequo, net zo goed als Ars Aequi, maar je krijgt geld toe!

D.J.G. Visser

Post thumbnail Amusant artikel waarbij ingegaan wordt op de kracht van het juridische studentenblad Ars Aequi en het gebruik daarvan als merk. Daarbij wordt ingegaan op de inschrijfbaarheid van het merk 'Ars Aequi' en de bescherming van het merk. Hierbij komt veel jurisprudentie aan de orde.

Opinie | Amuse
oktober 2009
AA20090620

Hag II-arrest

H. Cohen Jehoram

Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (HVJ EG) 17 oktober 1990, zaak C-10/89 (CNL-SUCAL SA tegen HAG GF AG). Ook bekend als Hag II-arrest. In dit arrest dat een opvolger is van het HAG I-arrest uit 1974 wordt ingegaan op de verhouding tussen het nationale merkrecht en het EG-verdrag. Het HvJEG komt terug op haar eerdere uitspraken inzake de de leer van de identieke oorsprong. In de noot wordt hier dieper op ingegaan evenals op de regels rondom de vrijwillige splitsing van een merk.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
januari 1995
AA19950057

Herkomst- en goodwillinbreuk in het merkenrecht na INTEL en L’Oréal

A.A. Quaedvlieg

Post thumbnail In de twee snel opeenvolgende zusterarresten INTEL en l’Oréal heeft het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (hierna: het Hof) niet alleen het eigene van de goodwillfunctie belicht, maar ook verrassende samenhangen met en overgangen naar de klassieke herkomstfunctie onthuld. Tijd voor een bestandsopname van de sophisticated machine die het leerstuk van de merkinbreuk geworden is.

december 2009
AA20090799

Resultaat 1–12 van de 46 resultaten wordt getoond