Maandbladartikel

Toerekening van een onrechtmatige daad

C.H. Sieburgh

In dit artikel wordt door mr. C.H. Sieburgh haar proefschrift inzake de toerekening bij onrechtmatige daad besproken.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
maart 2001
AA20010182

Toerekening van kennis aan een rechtspersoon: mijmeringen bij een Hindoestaanse tempel

S.M. Bartman

Hoge Raad 29 maart 2019, nr. 18/01396, ECLI:​NL:​HR:​2019:​467, NJ 2019/157 (Mandir)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
juni 2019
AA20190482

Toerekening van leningen aan kosten

J.W. Zwemmer

Hoge Raad 22 oktober 2004, nr. 39082, ECLI:NL:HR:2004:AH9156 Rente van een lening aangegaan ter financiering van verbetering of onderhoud van de eigen woning kan pas als eigen-woningrente worden aangemerkt als het bedrag van de lening ook als zodanig is aangewend.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
september 2005
AA20050741

Toestemming als rechtvaardiging: zelfbeschikking in het strafrecht?

S.R. Bakker

Post thumbnail

In diverse gevallen kan de strafbaarheid of strafwaardigheid van bepaalde gedragingen worden beïnvloed of weggenomen wegens toestemming van het slachtoffer. Activiteiten in het studentenleven, deelneming aan sportwedstrijden en het ondergaan van medische ingrepen zijn daarvoor illustratief. In deze bijdrage wordt onder andere stilgestaan bij de voorwaarden voor een strafrechtelijk relevante toestemming, de al dan niet rechtvaardigende werking ervan en de ruimte voor zelfbeschikking in het Nederlandse strafrecht.

Verdieping | Verdiepend artikel
maart 2017
AA20170177

Toetreding EU tot het EVRM: één Europa voor de mensenrechten?

A. Kleinhout

In de op 18 juni 2004 aangenomen tekst van het 'Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa' (hierna: Grondwet) wordt voorgesteld om de Europese Unie (hierna: EU) te laten streven naar toetreding tot het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM). Dit voorstel is zonder meer interessant te noemen; enerzijds is het een stap in de richting van een nieuwe relatie tussen EU en het EVRM. Anderzijds is het opvallend dat - meer dan een halve eeuw na oprichting van de eerste Gemeenschap - kennelijk nog niet geheel duidelijk is hoe de relatie tussen de EU en het EVRM zou moeten zijn. In deze bijdrage zal nog eens worden stilgestaan bij het vraagstuk van toetreding door de EU tot het EVRM.

Verdieping | Studentartikel
december 2004
AA20040831

Toetsing in enkele andere landen

F. Grondman

In het volgende stuk hoop ik een overzicht te geven van de manier waarop in een paar landen wetten getoetst worden, in het bijzonder met het oog op de bescherming van de grondrechten. In Frankrijk wordt nauwelijks aan grondrechten getoetst, in West-Duitsland is een speciaal college met die taak belast, en in Denemarken en Noorwegen heeft tenslotte de gewone rechter de bevoegdheid de wet te toetsen aan de Grondwet.

januari 1970
AA19700480

Toetsing van algemene voorwaarden bij een arbeidsongeschiktheidsverzekering

Annotatie bij HR 28 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1800

W.H. van Boom

Hoge Raad 28 september 2018, nr. 18/00989, ECLI:NL:HR:2018:1800

Annotaties en wetgeving | Annotatie
januari 2020
AA20200060

Toetsing van belastingwetgeving aan het gelijkheidsbeginsel in Nederland en Duitsland

R. van der Hulle, R. van der Hulle

Post thumbnail

Zowel in Nederland als in Duitsland wordt belastingwetgeving regelmatig door belastingplichtigen met een beroep op het gelijkheidsbeginsel bij de rechter aangevochten. In deze bijdrage wordt bezien op welke wijze de Hoge Raad en het Duitse constitutionele hof beoordelen of belastingwetgeving in strijd is met dit beginsel. Hoewel beide rechtscolleges uitgaan van een ruime beoordelingsvrijheid voor de belastingwetgever, stellen zij zich niet altijd even terughoudend op.

Verdieping | Verdiepend artikel
december 2015
AA20150981

Toetsing van de (mogelijke) beperking in het Nederlandse stelsel van gefinancierde rechtsbijstand aan artikel 6 lid 1 EVRM

R. Kolvoort

De afgelopen acht jaar is het terrein van de gefinancierde rechtsbijstand door forse bezuinigingsmaatregelen getroffen. Inmiddels zijn nieuwe voorstellen gedaan die moeten leiden tot een verdere vermindering van de kosten voor de gefinancierde rechtsbijstand. In verband met deze maatregelen heeft Renske Kolvoort op initiatief van de Landelijke Organisatie van Bureau's voor Rechtshulp (LOB) onderzocht welke grenzen artikel 6 lid 1 EVRM stelt aan de mogelijkheden om de gefinancierde rechtsbijstand van overheidswege te beperken. Haar onderzoek staat in dit artikel centraal. Onder meer het belang van het recht op rechtsbijstand en het recht op rechtsbijstand op nationaal en supranationaal niveau komen aan bod. Vervolgens behandelt Kool conclusies die afgeleid zijn uit uitspraken van de Europese Commissie en het Europese Hof ten aanzien van de plicht voor Lid-Staten om het recht op rechtsbijstand te waarborgen. Tenslotte worden de beperkingsmogelijkheiden van de gefinancierde rechtsbijstand uitgebreid getoetst aan artikel 6 lid 1 EVRM.

Verdieping | Verdiepend artikel
september 1989
AA19890761

Toetsing van wetgeving aan de sociale grondrechten van hoofdstuk 1 van de Grondwet

J.W.A. Fleuren

Post thumbnail In dit artikel wordt onderzocht in hoeverre het toetsingsverbod in de weg staat om wetten in formele zin te toetsen aan de sociale grondrechten neergelegd in hoofdstuk 1 van de Grondwet. Waar een toetsingsverbod voor klassieke grondrechten buiten twijfel verheven is, blijft dit voor de instructienormen en taakstellingen voor de overheid die de sociale grondrechten zijn, een open vraag die niet alleen academisch is.

Verdieping | Studentartikel
september 2008
AA20080620

Toetsing, steen der wijzen of des aanstoots?

J.J.E. Schutte

‘We obey the law not neccssarily because we think that the law is right, but because we think it is right to obey the law’. Deze constatering, hoe fundamenteel ook voor de existentie van een democratisch gestructureerde gemeenschap, mag geen afbreuk doen aan de voor de progressie van deze gemeenschap noodzakelijke ontwikkeling van een kritisch rechtsgevoel. Voorstellen, om onder het hoofd rechtsbescherming van de individuele burger de formele wet aan toetsing aan algemene rechtsbeginselen door een op papier onafhankelijke instantie te onderwerpen, zouden een bijdrage kunnen vormen tot een dergelijke ontwikkeling. Men moet echter wel beseffen dat de institutionalisering van een dergelijke toetsingsvorm niet alleen een juridisch-technische ingreep is, maar ook verdergaande implicaties kan hebben. Wanneer men stelt dat de formele wet als uitdrukkingsvorm van de centrale overheid (c) aan rechterlijke toetsing aan bovenwettelijke beginselen (a) moet worden blootgesteld, om hiermee de rechtsbescherming (b) van de individuele burger (d) in ruimere mate te garanderen, dan stelt men een problematiek aan de orde die door 4 variabelen en het evenwicht van hun onderlinge verhoudingen en interacties wordt beheerst: (a), (b), (c) en (d) corresponderen respectievelijk met standpuntbepalingen ten aanzien van de inhoud van de begrippen ethiek, recht, staat en individu. De politieke werkelijkheid wordt geanalyseerd door verschillende disciplines, die hun eigen methode leveren voor de bestudering van onze vier begrippen en hun onderlinge relaties. Zo geeft de synthese van moraal-filosofische (ethiekrecht), juridische (recht-staat), sociologische (gemeenschap-individu) en sociaal-psychologische (individu-ethiek) inzichten en factoren een wetenschappelijk beeld van het dialectisch politiek klimaat, ‘de mentaliteit’ van een bepaalde historische gemeenschap. Wij willen aantonen, dat het politiek evenwicht, door de eventuele invoering van de voorgestelde toetsingsmogelijkheid, waarschijnlijk op meerdere fronten de gevolgen van een gewijzigd inzicht zal moeten dragen. Het is onze bedoeling om schematisch een inventarisatie te geven van verschillende opvattingen over de hierboven aangeduide basiscomponenten van een politiek systeem en hun onderlinge dialectische relaties. Een groot aantal bronvermeldingen kan de geïnteresseerde lezer de weg openen zich verder in de materie te verdiepen. Aan de hand van voorbeelden uit Frankrijk hopen we aan te tonen hoe voorzichtig men moet zijn bepaalde, in een ander politiek systeem geïntegreerde juridische vormen in abstracto (rechts-)vergelijkend getransponeerd te denken in het eigen politiek systeem, of, geënt op het eigen politiek klimaat, te bekritiseren.

januari 1970
AA19700471

Toetsingskader #MeToo: brengt het #JusticeForAll?

J. Dierx, R. van Eijbergen

Post thumbnail In dit artikel wordt vanuit een sociaalwetenschappelijk perspectief naar grensoverschrijdend gedrag gekeken en wordt het strafrechtelijke en arbeidsrechtelijke toetsingskader bij grensoverschrijdend (seksueel) gedrag uiteengezet. Tot slot wordt antwoord gegeven op de vraag: maakt dit toetsingskader de belofte van erkenning en genoegdoening waar?

Opinie | Opiniërend artikel
mei 2023
AA20230346