Resultaat 2557–2568 van de 7294 resultaten wordt getoond
R.J.B. Schutgens, J.J.J. Sillen
In dit tweeluik komt de wenselijkheid van een door de Nationale Conventie voorgestelde preambule bij de Grondwet aan de orde. Schutgens en Sillen oordelen dat dit niet nodig is om verschillende redenen, bijvoorbeeld het feit dat de samenbinding van burgers door de Grondwet vergroot wordt, zich niet zal verwezenlijken omdat de Grondwet nauwelijks zaken regelt die tussen burgers onderling spelen.
Opinie | Opiniërend artikeloktober 2008AA20080715
T. Barkhuysen, Y.E. Schuurmans
Snelheid en rechtszekerheid zijn waarden waaraan rechtzoekenden grote behoefte hebben. Een prejudiciële procedure, waarin een lagere rechter een rechtsvraag hangende het geding voorlegt aan de hoogste rechter, realiseert die waarden optimaal. In deze bijdrage wordt onderzocht of een regeling van de prejudiciële procedure – in navolging van het civiele recht – ook in het bestuursrecht aanbeveling verdient.
Opinie | Opiniërend artikeloktober 2013AA20130736
A.L.M. Keirse
Dit artikel behandelt het vraagstuk omtrent de wrongful birth, oftewel wanneer een kind eigenlijk niet meer geboren had moeten worden, maar door een medische fout toch geboren is.
Verdieping | Verdiepend artikelseptember 2004AA20040607
R.A.J. van Gestel
In dit postuum eerbetoon voor Jan Vranken doe ik een poging om het bijzondere van zijn werk voor een breed publiek van wetenschappers, praktijkjuristen en studenten over het voetlicht te brengen. Dat gebeurt niet door middel van een terugblik op hoogtepunten uit zijn werk van weleer, maar door in te gaan op wat dat werk en de persoon erachter uniek maken, te weten: een door nieuwsgierigheid gedreven aanhoudende zoektocht naar antwoorden op de vraag of het privaatrecht en de wetenschap die dat recht bestudeert er wellicht ook heel anders uit zouden kunnen zien. Hierbij richt ik me op enkele thema’s die hem tot het laatst bezighielden en besluit ik met een boodschap voor de onderzoekers van morgen.
Perspectief | Ars Longa Vita Brevisseptember 2025AA20250650
T.E. Lambooy, R.S. Mackor
Beschadiging van natuur blijft vaak buiten de rechter. Niet altijd is meteen duidelijk dat sprake is van een schadeveroorzakende gebeurtenis. Voorts is de handhavingscapaciteit beperkt of ontbreekt lokaal de benodigde kennis. Wereldwijd worden nu rechten gegeven aan rivieren en andere natuurentiteiten, bijvoorbeeld in de vorm van toekenning van rechtspersoonlijkheid. Zo krijgt de natuur een stem. Dit artikel bespreekt deze trend en beproeft welke betekenis hij kan hebben vanuit juridisch perspectief.
Bijzonder nummer | Recht & Natuurjuli 2022AA20220596
L. Dufour
Op dit moment zijn er vier Publiekrechtelijke Beroepsorganen en met de inwerkingtreding van het wetsvoorstel Wet op het notarisambt zal De koninklijke Notariële Beroepsorganisatie de vijfde worden. In dit artikel wordt besproken of het wenselijk is dat een dergelijk orgaan ook in het leven wordt geroepen voor de Gerechtsdeurwaarders.
Opinie | Opiniërend artikeljuli 1999AA19990536
N. Kreileman
Nederlandse vennootschappen kunnen kiezen voor een monistische of een dualistische bestuursstructuur. Is gekozen voor een monistische bestuursstructuur, dan kan daarnaast niet ook nog een raad van commissarissen worden ingesteld. Vennootschappen naar het recht van Curaçao en Sint Maarten kunnen de monistische en dualistische bestuursstructuur daarentegen wel combineren. In deze bijdrage onderzoek ik of we een voorbeeld moeten nemen aan Curaçao en Sint Maarten en het verbod van artikel 2:140/250 lid 1 BW moeten schrappen.
Blauwe pagina's | Caribisch rechtnovember 2019AA20190828
W.H. Simonis
Eind vorig jaar verschenen er verontrustende berichten ten aanzien van de onafhankelijkheid van onzerechtspraak. De oorzaak was de moderniseringsoperatie van de rechterlijke organisatie, die is neergelegd in twee wetsvoorstellen. De directe aanleiding voor de ophef was het zeer kritische artikel van dePresident van en de Procureur-Generaal (verder:P-G) bij de Hoge Raad, dat nu ook buiten de juridische media in de aandacht kwam. De Volkskrant wijdde onder de kop ‘Rechters in verzet ’een hoofd-redactioneel commentaar aan het rumoer dat was ontstaan. Men concludeerde dat het hoog tijd werdom tot modernisering over te gaan en dat het overdreven was te spreken van een aanslag op de rechterlijke onafhankelijkheid. Alle reden om de beoogde wetgeving eens nader te bekijken.
Verdieping | Studentartikelapril 2001AA20010202
B. Hessel
Perspectief | Rechtsvraagjuni 1980AA19800365
C.J.P. van Laer
In het november-nummer van dit tijdschrift publiceerde C.A.M. Damen een artikel over 'De leemte in de Beroepswet' (pp. 585-588). Het is een enigszins verbeterde versie van een bijdrage van dezelfde auteur voor SMA van dezelfde maand, voorzien van een opmerking van A.B. (pp. 772-775). Het betreft dit belangrijke vraagstuk van rechtsberscherming: welke rechtsgang kan de verzekerde met succes volgen wanneer het uitvoeringsorgaan talmt met het verstrekken van een voor beroep vatbare beslissing (v.b.v.b.)? Ten onrechte wekt de auteur de indruk dat dit vraagstuk een oplossing zou naderen.
Opinie | Reactie/nawoordjanuari 1980AA19800013
J.L. van der Neut
Het is een tamelijk doorzichtige discussiemethode. Je vat welwillend de argumenten van de opponent samen, je geeft in die 'samenvatting' datgene weer wat deze nu juist niet gezegd heeft en levert daar de nodige kritiek op. De echte argumenten van de discussiepartner verdwijnen onder tafel. Ik werd met dit bedenkelijke fenomeen geconfronteerd in de reactie van mr. L.A. Geelhoed op mijn twijfels ten aanzien van de wezenlijke verbetering die de recente wijziging in art. 429 qua ter Sr. van ‘achterstellen wegens ras' in 'onderscheid maken wegens ras’ zou hebben betekend (AA 1982, p. 302 v.)
Opinie | Reactie/nawoordseptember 1982AA19820516
A.P.H. Meijers
Is een kerkelijk pensioenfonds een zelfstandig onderdeel van het Rooms-Katholiek kerkgenootschap? De Commissie Gelijke Behandeling vindt van niet? De interpretatie van artikel 2:2 BW en artikel 3 Algemene Wet Gelijke Behandeling wordt in het licht van de godsdienstvrijheid als recht van het kerkgenootschap geplaatst. Aan de hand van een recent oordeel van de Commissie Gelijke Behandeling wordt ingegaan op de doorwerking van kerkelijk recht en met name van het canoniek recht als kerkgenootschappelijk statuut binnen de Nederlandse burgerlijke rechtsorde.
Bijzonder nummer | Recht & Religiejuli 2003AA20030588