Shop

Eiland in zicht, Engels recht en de Europese Gemeenschappen

J. van Dijk

Het Britse rechtsstelsel verschilt aanzienlijk van het continentale. Dit leverde, te verwachten, problemen op na toetreding van het Verenigd Koninkrijk tot de Europese Gemeenschappen, aangezien door het lidmaatschap de juridische contacten aanzienlijk toenamen. In dit artikel worden veranderingen in het Engelse recht beschreven, welke mede het gevolg zijn van het Britse lidmaatschap van de EG. Zet het Perfide Albion langzaam maar zeker koers richting vasteland?

november 1984
AA19840602

Eigenlijk nutteloos, maar ook prachtig

I. Giesen

Post thumbnail Nutteloos, maar ook een verborgen schat, dat is artikel 150 Rv volgens Ivo Giesen, zo is te lezen in deze aflevering van de Blauwe Pagina’s ‘Liever kwijt dan rijk’.

Blauwe pagina's | Liever kwijt dan rijk
maart 2023
AA20230164

Eigendomsverkrijging van meteorieten: toe-eigening, natrekking, aanwas of schatvinding?

J.E. Jansen

Post thumbnail Van wie is een meteoriet? De Nederlandse literatuur en rechtspraak zwijgen over deze kwestie. In Frankrijk, Amerika, Duitsland en Oostenrijk is dat anders. Verschillende oplossingen worden aangedragen: er zou sprake zijn van eigendomsverkrijging door toe-eigening, natrekking, aanwas of schatvinding. Een rechtsvergelijkende rondgang is de moeite waard omdat hij interessante vragen opwerpt over de reikwijdte van de verschillende originaire wijzen van eigendomsverkrijging.

Verdieping | Verdiepend artikel
november 2020
AA20201048

Eigendomsrechten vanuit rechtseconomsch perspectief

B. Bouckaert

In dit artikel wordt op rechtseconomische wijze het eigendomsrecht geanalyseerd. Daarbij komen begrippen aan de orde wat eigendom in economische zin is, wat dit te maken heeft met het schaarstebegrip, het verschil tussen individuele en groepseigendom, eigendom en markt(werking). Daarna worden de beperkingen van het eigendomsrecht beschreven. Als laatste wordt er een casus geschetst waarbij er wordt ingegaan op het eigendomsrecht bij aandelen en een ruimtelijk ordeningscasus waarbij nabuurschap centraal staat.

Bijzonder nummer | Rechtseconomie
oktober 1990
AA19900777

Eigendom van bijenzwermen

E.F. Verheul

Post thumbnail

Dit jaar wordt in de rubriek 'Bijzondere bepalingen' aandacht besteed aan binnen- en buitenlandse ‘bijzondere’ wetsbepalingen. Dit is de eerste aflevering. Wanneer men door het Duitse Bürgerliches Gesetzbuch (BGB) bladert, treft men op den duur in het derde boek, dat gaat over het zakenrecht, maar liefst vier bepalingen aan die de eigendom van bijenzwermen regelen (§ 961-964 BGB). Op het eerste gezicht lijkt dat nogal overdreven, vooral wanneer men bedenkt dat aan de eigendom van dieren in het algemeen slechts één bepaling is gewijd (§ 960 BGB). In deze bijdrage wordt aandacht besteed aan de oorsprong van de zogenoemde ‘Bienenidylle’ in het Duitse BGB.

Blauwe pagina's | Bijzondere bepalingen
januari 2016
AA20160004

Eigen schuld. Een historische en rechtsvergelijkende studie

E.G.D. van Dongen

Post thumbnail

Emanuel van Dongen promoveerde op 18 juni 2013 aan de Universiteit Maastricht met het proefschrift ‘Contributory Negligence. A Historical and Comparative Study’. In dit artikel schrijft hij waar zijn stellingen in de kern op neerkomen.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
mei 2014
AA20140398

Eigen recht eerst?

Over nut en noodzaak van oud-vaderlands recht

J.M. Milo

Post thumbnail Kennis van oud-vaderlands recht is nuttig en noodzakelijk. Ons positieve recht is in wezen een tweestromenland, waarbij niet alleen Romeins recht, maar ook oud-vaderlands recht steeds aanwezig is achter een hedendaagse methodische en inhoudelijke façade van wettekst en arrest. Wie eigen recht echt wil kennen, kan niet heen om oud vaderlands recht.

Perspectief | Perspectiefartikel
juni 2020
AA20200626

Eigen recht eerst

E.H. Hondius

Reclame maken voor het recht uit eigen land, het gebeurt echt. Is dat zinvol? Is ‘vreemd’ recht dan minder goed? Ewoud Hondius schrijft erover in zijn column ‘Eigen recht eerst’.

Opinie | Column
september 2013
AA20130640

EG-Hof beslist: ‘Belgische echtgenote valt onder het gezag van haar Belgische echtgenoot, hun kind krijgt daardoor Nederlandse studiefinanciering!’

K.J.M. Mortelmans

Hof van Justitie Europese Gemeenschappen (HvJ EG) 8 juni 1999, zaak C-337/97, ECLI:EU:C:1999:284, JB 1999, nr. 148, p. 718; NJB 1999, nr. 20, p. 1264; Juridisch up to Date, 12 augustus 1999, p. 7 (C.P.M. Meeusen en Hoofddirectie van de Informatie Beheer Groep (IBG)) Dit arrest gaat om het recht op studiefinanciering avn een kind waarvan het gezin gebruik maakt van het vrije verkeer van personen. Er komen twee onderwerpen aan de orde die Gemeenschapsrechtelijk bekeken nog niet uitgekristalliseerd zijn. Ten eerste het begrip werknemer gekoppeld aan relaties binnen een gezin en ten tweede het begrip interne markt en de gevolgen voor eigen onderdanen.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
november 1999
AA19990838

Efficiëntie als instrument en als norm

Enkele rechtstheoretische kanttekeningen bij de economische analyse van het recht

A.M. Hol

In dit artikel wordt beschreven op welke wijze de rechtseconomie de inzicht in het recht kan verdiepen. Daarbij wordt ingegaan op de verschillende wijzen waarop het recht vanuit economisch perspectief benaderd kan worden. Daarbij worden enkele theoretische en filosofische implicaties besproken. Positieve en normatieve economische analyses worden hierbij behandeld.

Bijzonder nummer | Rechtseconomie
oktober 1990
AA19900632

Effective and sufficient

B.I. Bethlehem, H. Nieuwstadt

Ondanks dat de nationale rechtsmiddelen nog niet uitgeput zijn, wordt een vreemdeling bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens toch ontvankelijk verklaard. Het gaat er bij nationale rechtsmiddelen om of deze effective en sufficient zijn.

Opinie | Redactioneel
april 2007
AA20070287

Effectieve remedie bij overschrijding redelijke termijn in civilibus

Over doorwerking, inpassing en verdere doorwerking van het EVRM in het privaatrecht

S.D. Lindenbergh

Hoge Raad 28 maart 2014, nr. 12/05436, ECLI:NL:HR:2014:736 (Eisers/Gemeente De Bilt)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
september 2014
AA20140636