Resultaat 10033–10044 van de 12969 resultaten wordt getoond
J.H.L. Beckers
Met de implementatie van de dertiende Europese vennootschapsrichtlijn is in Nederland het verplicht bod geïntroduceerd. Dit cahier biedt inzicht in de complexe materie van acting in concert.
9789069168937 - 16-03-2009
J.M. ten Voorde
Hoge Raad 20 juni 2017, nr. 15/03725, ECLI:NL:HR:2017:1111; Hoge Raad 20 juni 2017, nr. 15/04324, ECLI:NL:HR:2017:1112; Hoge Raad 20 juni 2017, nr. 15/05968, ECLI:NL:HR:2017:1113; Hoge Raad 20 juni 2017, nr. 16/02956, ECLI:NL:HR:2017:1114; Hoge Raad 20 juni 2017, nr. 16/01173, ECLI:NL:HR:2017:1115
Annotaties en wetgeving | Annotatiejanuari 2018AA20180067
R.M. Wibier
Hoge Raad 13 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1785 (UTB Holding/Glencore)
Annotaties en wetgeving | Annotatiemaart 2021AA20210279
C.A.J.M. Kortmann
Nationale Ombudsman 25 april 2008, nr. 2008/05 Prof. mr. C.A.J.M. Kortmann annoteert een uitspraak van de Nationale Ombudsman waarin de Nationale Ombudsman oordeelt dat de uitlatingen van een gedeputeerde in een openbare vergadering voor een gewezen lid van Gedeputeerde staten grievend kan zijn maar waartegen een burger volgens de Nationale Ombudsman niet zo veel kan doen als gevolg van de immuniteit van het lid van het provinciebestuur.
Annotaties en wetgeving | Annotatieseptember 2008AA20080632
J.H. Nieuwenhuis
Friedrich Carl von Savigny (1779-1861) is de ontwerper van het Bolletje/Bolletje-model van de rechtshandeling: een op rechtsgevolg gerichte wil (‘Ik wil Bolletje’) die zich door een verklaring (‘Ik wil Bolletje’) heeft geopenbaard. Een opstel van Meijers uit 1921, De grondslag der aansprakelijkheid bij contractueele verplichtingen, bevat het bestek van de ‘wilsvertrouwensleer’ die ten grondslag ligt aan de artikelen 3:33 en 3:35 BW. Een andere visie verdient de voorkeur: ‘Ik wil Bolletje’ niet opgevat als wilsverklaring, maar als normatieve taaldaad.
Bijzonder nummer | Duits rechtjuli 2014AA20140545
E.H. Hondius
Column van Hondius waarin deze rechtsvergelijking door Sir Basil Markesinis behandelt. Markesinis heeft onder meer een Engelstalig commentaar op het Duitse vermogensrecht geschreven. Hondius geeft een aantal quotes van hem waarin Markesinis de vloer aanveegt met collega rechtsvergelijkers van zowel het Europese vasteland als Engelse native speakers.
Opinie | Columndecember 2009AA20090809
UCERF 17 - Actuele ontwikkelingen in het familierecht
H.N. Stelma-Roorda
Gelet op de sterk vergrijzende maatschappij is het geen overbodige luxe om aan levenstestamenten aandacht aan te besteden. Daarbij spelen spannende vragen een rol: hoever reikt de autonomie van een burger om over zijn toekomstige leven te beschikken? Hoe moet de door hem benoemde vertegenwoordiger zijn taken verrichten en hoe zit het met toezicht? Stelma-Roorda […]
L. Postma, J. Verhagen
De zogenaamde ‘homogenezingstherapie’, ook wel conversietherapie, is een fenomeen dat de gemoederen bezighoudt. Van verschillende kanten uit de samenleving wordt voor een juridische aanpak voor het voorkomen en tegengaan van conversietherapie gepleit. Maar is een wettelijk verbod aangewezen? En is daar een afzonderlijke bepaling voor nodig? In deze bijdrage bezien de auteurs of het strafrecht en gezondheidsrecht reeds voldoende mogelijkheden bieden om conversietherapie aan te pakken.
Verdieping | Verdiepend artikelfebruari 2022AA20220098
G.J. Leenknegt
Een uiteenzetting van hoe de kabinetsformatie in Nederland verloopt.
Verdieping | Verdiepend artikelnovember 2002AA20020798
S.E. Bartels, V. Tweehuysen
Academisch onderwijs is niet alleen het overbrengen van kennis die de docent al heeft en die de student nog moet vergaren. Docenten moeten studenten aan het denken zetten, vragen stellen zonder meteen het antwoord te geven en vragen durven stellen waarop zij zelf het antwoord niet weten. Geregeld komt het voor dat tijdens het (voorbereiden van het) onderwijs een vraag rijst waarover de bij het vak betrokken docenten nog niet eerder nadachten. Zo verging het ons bij het onderwijs over derdenbescherming in het kader van het derdejaarsvak Burgerlijk Recht I (goederenrecht). De vraag die aan de orde was: wat is een ‘ongeldige vroegere overdracht’ in de zin van artikel 3:88 BW? We bespreken deze vraag aan de hand van twee casus, waarvan wij ons afvragen of zij tot toepasselijkheid van artikel 3:88 BW zouden kunnen leiden.
Opinie | Opiniërend artikelmei 2011AA20110367
A.A.H. van Hoek
Annotaties en wetgeving | Annotatiedecember 2016AA20160957
H.N. Schelhaas
Hoge Raad 3 februari 2017, nr. 15/05174, ECLI:NL:HR:2017:142, NJ 2017/78 (Tamacht/Hodenius); Hoge Raad 3 februari 2017, nr. 15/03855, ECLI:NL:HR:2017:143, RvdW 2017/260 (Aventura); Hoge Raad 3 februari 2017, nr. 15/05400, ECLI:NL:HR:2017:144, NJ 2017/79 (Van der Vrande/Van de Laar); Hoge Raad 3 februari 2017, nr. 15/05423, ECLI:NL:HR:2017:150, NJ 2017/80 (J/K)
Annotaties en wetgeving | Annotatiejuni 2017AA20170508
Een who is who van de rechtsvergelijking
E.H. Hondius
Column van Hondius waarin deze rechtsvergelijking door Sir Basil Markesinis behandelt. Markesinis heeft onder meer een Engelstalig commentaar op het Duitse vermogensrecht geschreven. Hondius geeft een aantal quotes van hem waarin Markesinis de vloer aanveegt met collega rechtsvergelijkers van zowel het Europese vasteland als Engelse native speakers.
Opinie | Column
december 2009
AA20090809
Maandbladartikel