Verdiepend artikel
Resultaat 397–408 van de 638 resultaten wordt getoond
Mulder q.q.-CLBN (Connection) tien jaren laterAnnotatie
Annotatie
R.D. Vriesendorp
Hoge Raad 17 februari 1995, nr. 15743, ECLI:NL:HR:1995:ZC1641, NJ 1996, 471; Ars Aequi 1995, p. 604-611 (AA19950604) (Mulder/CLBN) Inning van verpande vorderingen door pandgever/curator.
Overig | Rode draad | Raad en daad | Verdieping | Verdiepend artikel
september 2005
AA20050744
Resultaat 397–408 van de 638 resultaten wordt getoond





Met de unanieme steunverklaring in 2011 door de VN Mensenrechtenraad aan de UN Guiding Principles on Business and Human Rights en de opname van de tot die principes behorende corporate responsibility to respect human rights in de OESO Richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen is een belangrijke stap voorwaarts gezet op het politiek en juridisch complexe gebied van de relatie tussen ondernemingen en mensenrechten. Deze UN Guiding Principles hebben een jaar na hun totstandkoming al belangrijke invloed gehad op het gebied van de regulering van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) in bredere zin, ook in EU-verband. In dit artikel worden context en inhoud van deze belangrijke mijlpaal op het gebied van mensenrechten en MVO in vogelvlucht beschreven.
Eind vorig jaar heeft de Hoge Raad een tweetal arresten gewezen inzake de zogeheten Mr. Big-methode. Onderzocht wordt wat de uitspraken betekenen voor de toekomstige inzet van deze methode en hoeveel ruimte het door de Hoge Raad geschetste kader nog biedt voor andersoortige, op artikel 126j Sv gestoelde undercoveroperaties waarin opsporingsambtenaren actief interfereren in het leven van verdachten.