Resultaat 721–732 van de 2043 resultaten wordt getoond
P.J. Wattel
Sinds jaar en dag, en de laatste tijd in toenemende mate, is het bijna een gewoonte geworden dat actiegroepen, die zich door een overheidsmaatregel benadeeld voelen, gaan betogen op het Binnenhof. Mr. J.W. Wattel bespreekt de juridische toelaatbaarheid van dergelijke acties, wat het parlement kan doen bij excessen en wat onze volksvertegenwoordigers zelf vinden van de bonte kermis van betogingen.
Opinie | Opiniërend artikeldecember 1990AA19900942
N. Groot, B. Hessel, D. Radder, K. van der Woerdt
Wanneer krijgen decentrale overheden zoals provincies en gemeenten met onderdelen van het EU-recht te maken? En hoe moeten zij daarmee omgaan? Deze praktisch handleiding geeft daarop het antwoord.
9789069168555 - 19-08-2016
J.A.M.A. Sluysmans
De eendenkooi is een van oorsprong Nederlandse vinding, waarvan de geschiedenis teruggaat tot in elk geval de vroege zestiende eeuw. Het hebben en houden van een eendenkooi is enkel toegestaan aan diegenen die beschikken over een zogenaamd recht van eendenkooi. Jacques Sluysmans legt uit wat dit inhoudt.
Blauwe pagina's | Bijzondere bepalingenjuni 2016AA20160420
B. Oosting
Na alle commotie rond de opvoering van Fassbinders vermeende antisemitische toneelstuk 'Het vuil, de stad en de dood' zijn de extremistische 'anti-democratische' groeperingen weer in het middelpunt van de belangstelling komen te staan.Hierdoor kwam de vraag naar de mogelijkheden tot juridische bestrijding van dergelijke organisaties prominent in beeld. Het meest geëigende instrument dat het Nederlandse recht kent is de beperking van het in de Grondwet neergelegde recht van vereniging door de artikelen 15 en 16 boek 2 BW. Door middel van deze artikelen kunnen organisaties verboden worden verklaard en/of worden ontbonden. In dit artikel volgt een beschouwing over de vraag of een democratie zich mag verweren tegen 'anti-democratische' organisaties en, zo ja, hoe ver men hierin mag gaan.Hierbij zal tevens het wetsontwerp verboden rechtspersonen, waarvan de parlementaire behandeling (1988) inmiddels is gevorderd tot en met het voorlopig verslag Eerste Kamer, aan de orde komen.
Verdieping | Studentartikeljuni 1988AA19880359
R. de Bock
Aan de hand van een voorbeeld van restitutie van opleidingsgeld legt Ruth de Bock uit dat het recht niet altijd werkt zoals het bedoeld is.
Opinie | Columnfebruari 2020AA20200168
F.C.M.A. Michiels
Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State (ABRvS) 26 februari 2001, ECLI:NL:RVS:2003:AF4369, nr. 200001037/1, Bouwrecht 2001, nr. 151, m.nt. A.A.J. de Gier Omgevingsplan; appellabiliteit omgevingsplan alleen mogelijk voor zover het omgevingsplan de vaststelling of herziening van een streekplan betreft; besluitkarakter onderdelen streekplan; concrete beleidsbeslissing; onverschoonbare termijnoverschrijding.
Annotaties en wetgeving | Annotatiemaart 2002AA20020170
J.W.H. Lemmen, M.D. Reijneveld
Het wetsvoorstel ter wijziging van de Drank- en Horecawet biedt ruimte voor het ontstaan van mengvormen tussen horeca en detailhandel. De auteurs gaan in op de voor- en nadelen van dit wetsvoorstel en concluderen dat het voorstel moeilijk verenigbaar is met ander overheidsbeleid zoals het Nationaal Preventieakkoord, dat vooral de gezondheid van burgers lijkt te willen beschermen.
Opinie | Redactioneeloktober 2019AA20190739
R.J.B. Schutgens
Hoge Raad 10 oktober 2014, nr. 13/02931, ECLI:NL:HR:2014:2928 (Staat/Nietrokersvereniging CAN)
Annotaties en wetgeving | Annotatieapril 2015AA20150305
J.J. Bolten
De meeste buitenlandse vrouwen die tot verblijf in Nederland zijn toegelaten, danken hun toelating aan de zogenoemde gezinshereniging met hun reeds eerder hier te lande verblijvende echtgenoot. Met de afhankelijke verblijfstitel van deze vrouwen bezegelt het vreemdelingenbeleid de afhankelijkheid die de maatschappelijke positie van gehuwde vrouwen nog steeds veelal kenmerkt. Terwijl de gezinseenheid in Nederland langzaam maar zeker haar alleenzaligmakend aureool verliest, ook in het recht, blijft het vreemdelingenrecht haar pleitbezorger wanneer het aan de verbreking van hel gezinsverband gevolgen verbindt ten aanzien van de voortzetting van het verblijf. Om met de jurist te spreken: hinc lacrimae! Dat de Nederlandse overheid een allesbehalve permissief toelatingsbeleid voert mag bekend verondersteld worden, maar dat de ‘permissive society’ vreemdelingen buitenshuis behoeft niet als een logische consequentie gezien te worden. In de volgende uiteenzetting zal eerst het recht op gezinshereniging in Nederland geplaatst worden regen de achtergrond van verdragen, van hel systeem der Vreemdelingenwet en van de administratieve praktijk. In het tweede gedeelte wordt de opheffing van het afhankelijk verblijfsrecht onderzocht, waarbij de positie van de buitenlandse vrouwen centraal staat, terwijl meer zijdelings aandacht geschonken wordt aan de tweede generatie. Tenslotte wordt de afhankelijke verblijfstitel besproken als product van een beleid dat onder meer als grillig en ondoelmatig moet worden gekwalificeerd. Aan conclusies valt niet te ontkomen.
oktober 1981AA19810603
R. van der Hulle
Het kiesrecht voor gedetineerden is nog altijd een omstreden onderwerp binnen het Verenigd Koninkrijk. De Britse regering voert al jarenlang een felle strijd tegen de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: het EHRM), waaruit volgt dat een algehele, categorische uitsluiting van gedetineerden van deelname aan verkiezingen niet is toegestaan. Tegen die achtergrond werd het Britse Supreme Court gevraagd een oordeel te geven over de uitsluiting van gedetineerden van deelname aan het op 18 september 2014 gehouden Schotse referendum.
Verdieping | Verdiepend artikeljuni 2015AA20150454
T.D. Cammelbeeck
In dit artikel wordt de wetgeving besproken die tot stand is gebracht op basis van artikel 103 Grondwet en die uitzonderingstoestanden regelt. Het gaat daarbij om vier verschillende wetten die in dit artikel besproken worden, te weten: Coördinatiewet uitzonderingstoestanden, Invoeringswet Coördinatiewet uitzonderingstoestanden, Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag (Wbbbg) en de Oorlogswet voor Nederland (OWN). Er wordt ingegaan op de inhoud en de totstandkoming van de herzieningsoperatie.
Annotaties en wetgeving | Wetgevingdecember 1996AA19960762
T.J. Scholten
Het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden werd in 2024 zeventig jaar oud. Voor de gelegenheid kwam de Raad van State van het Koninkrijk met een spontaan advies. Het advies vormt een goede inleiding in actuele, maar soms ook al decennia oude debatten over de constitutionele vormgeving van de Koninkrijksverhoudingen. In deze bijdrage wordt gereflecteerd op opvallende aspecten van het advies, met name betreffende het democratisch tekort, de waarborgfunctie en de geschillenregeling.
Opinie | Opiniërend artikelmei 2025AA20250356