Resultaat 37–48 van de 50 resultaten wordt getoond
M. Fenwick, E. Vermeulen
Is the coronavirus accelerating the future? Will the crisis provide a ‘tipping point’ that encourages corporations to promote socially desirable values? Or, will we simply return to business-as-usual once the memory of the crisis fades? When thinking about re-building the economy post-crisis, this article argues that investors need to be encouraged to take ‘intelligent risks’ that focus on stakeholder-oriented listed and non-listed companies. The article considers how changes in accredited investor rules could provide one mechanism for achieving this goal and describes how distributed ledger technology – blockchain and smart contracts – can add a new layer of investor protection if such rules are relaxed.
Bijzonder nummer | Concurrentiejuli 2020AA20200706
P. Tuit
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, zaak 270/80, prejudiciële beslissing van 9 februari 1982
Annotaties en wetgeving | Annotatiefebruari 1983AA19830268
Ars Aequi Libri
Selectie van de belangrijkste wet- en regelgeving op het gebied van het ondernemings- en effectenrecht zoals deze geldt op 1 oktober 2023. De wetsartikelen zijn in de marge voorzien van toelichtende kopjes en de bundel bevat een uitgebreid trefwoordenregister.
9789493333024 - 02-11-2023
R.J.Q. Klomp
Auteur bespreekt in dit artikel waarin het handelsrecht, en vooral de ondergang daarvan, als gevolg van een harmonisering met het privaatrecht aan de orde komt.
Literatuur | Proefschriftbijdragejuli 1998AA19980725
F.G.M. Smeele
Bespreking proefschrift. Hoofdvraag is wie er bij cognossementsvervoer tot vergoeding van ladingschade kan worden aangesproken, met andere woorden ‘whodunnit?’Auteur concludeert dat bij nader inzien de tegenstelling tussen debeginselen van partij-autonomie en derdenbescherming bij de passieve legitimatie maar eenschijnbare. Zeer wel kunnen deze uitgangspunten met elkaar in harmonie gebracht worden, namelijkwanneer aan het contractuele aspect in de verhouding tussen vervoerder en afzender en aan het waardepapierrechtelijke aspect tussen vervoerder en derde-houder beslissende betekenis wordt toegekend.
Literatuur | Proefschriftbijdragenovember 1998AA19980919
H.J. Snijders
Rechtvraag waarbij het pandrecht centraal staat.
Perspectief | Rechtsvraagseptember 1998AA19980789
B. Emmerig, C. Hupkes, J. Melis, P. Roos
In deze bijdrage wordt een inleiding gegeven bij de rode draad van 1988 `financiële markten en instellingen´.
Overig | Rode draad | Financiële markten en instellingenmaart 1988AA19880162
W.Th. Douma
De Comprehensive Economic & Trade Agreement (CETA) zou een gouden standaard vormen, ondanks vage en niet-afdwingbare milieu- en sociale bepalingen. Ook kunnen aan Canadese investeerders via Investeerder-Staat Geschilbeslechting hoge schadevergoedingen worden toegekend vanwege niet-discriminerende milieu- en andere maatregelen in het algemeen belang. Zonder aanpassingen vormt het verdrag daarom geen geschikte basis voor een EU-Mercosur-handelsverdrag.
Bijzonder nummer | Concurrentiejuli 2020AA20200684
T. Lubbers
Waar een debiteur op het land met zijn gehele vermogen instaat voor zijn schulden, is dat op zee niet altijd het geval. De scheepseigenaar kan zijn aansprakelijkheid voor maritieme vorderingen namelijk beperken. Vroeger kon hij zelfs volstaan met afstand van zijn schip aan de crediteur. Dit eeuwenoude privilege wordt doorgaans uitgelegd als een welbewuste inbreuk op de rechten van de crediteur en op de rechtvaardigheid, ter stimulering van investeringen in de maritieme economie. Maar klopt dat beeld wel?
Bijzonder nummer | Recht door zeejuli 2025AA20250486
K.C.N. Gombeer
Kristof Gombeer onderzoekt in deze bijdrage aan het Bijzonder Nummer ‘Recht door zee’ de spanningen tussen het internationale zeerecht en de mensenrechten in het kader van maritieme migratie. Gombeer toont aan hoe mensenrechten de laatste decennia een correctieve rol zijn gaan spelen bij situaties waarin migranten op zee in nood verkeren. Aan de hand van recente jurisprudentie en het optreden van verschillende staten analyseert hij hoe drie zeerechtregimes onvoldoende soelaas bieden wanneer nationale belangen botsen met mensenrechtelijke verplichtingen.
Bijzonder nummer | Recht door zeejuli 2025AA20250508
E. Florijn, I. Reuder
Een interview met professor mr. H.C.F. Schoordijk over onder andere zijn opvattingen over het hedendaagse onderwijs in het (privaat)recht, zijn ideeën over privaatrechtelijke rechtsvindingstheorieën, zijn mening over het Nieuw Burgerlijk Wetboek en de verhouding tussen de bijdragen aan de rechtsontwikkeling van enerzijds de universiteiten en anderzijds de rechtspraktijk.
Perspectief | Interviewjuni 1991AA19910473
J.G.J. Rinkes
Consumptief krediet wordt verstrekt door (semi-)gemeentelijke kredietbanken, sociale instellingen (bijvoorbeeld personeelsfondsen), spaarbanken, algemene en coöperatief georganiseerde banken en financieringsmaatschappijen. De nu (1988) geldende regels met betrekking tot de kredietverlening aan particulieren zijn onoverzichtelijk en inconsistent. Op 19 november 1986 is een voorstel van Wet houdende regels met betrekking tot het consumentenkrediet aangeboden aan de Tweede Kamer. Naar aanleiding van het verschijnen van de Memorie van Antwoord en Nota van Wijziging bij de WCK op 29 april 1988 wordt in deze bijdrage een overzicht gegeven van aard en ratio van de voorgestelde wet. Voorts worden de recente wijzigingen en aanpassingen van de WCK besproken.
Overig | Rode draad | Financiële markten en instellingenseptember 1988AA19880530