Burgerlijk recht

Dading in plaats van strafrecht

Een voorbeschouwing op Sorgdragers beleidsnotitie

P.G. Wiewel

Dading is het tussen dader en slachtoffer van een strafbaar feit afgesproken oordeel dat er geen behoefte is aan strafvervolging. In deze bijdrage gaat de auteur in op het gebruik van dading, de politiek hierbij, uitgangspunten bij strafrechtspleging en het verschil tussen publieke en private aangelegenheden van strafrecht en dading.

Opinie | Opiniërend artikel
juni 1997
AA19970412

DAF (Ofasec/NTM)

R.D. Vriesendorp

Hoge Raad 23 maart 2001, nr. C99/054HR, ECLI:NL:HR:2001:AB0700, JOL 2001, 186, RvdW 2001, 66 (Ofasec/NTM) In deze noot wordt ingegaan op het uitvoerige DAF-arrest waarbij vennootschappelijke verhoudingen, de uitleg van overeenkomsten en het verschaffen van zekerheid door de dochtermaatschappijen voor de moedermaatschappij aan de orde.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
juli 2001
AA20010566

Davidoff/Gofkid

Ch.E.F.M. Gielen

Hof van Justitie Europese Gemeenschappen (HvJ EG) 9 januari 2003, zaaknr. C-292/00, ECLI:EU:C:2003:9 (Davidoff/Gofkid) De bescherming van bekende merken geldt, ondanks de tekst van artikel 5 lid 2 Merkenrichtlijn, ook wanneer dit merk of een daarmee overeenstemmend teken wordt gebruikt voor soortgelijke waren of diensten.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
oktober 2003
AA20030781

De ‘joint venture’: economische aspecten

P.J. Uitermark

De joint venture is een van de vele vormen van (strategische) samenwerking in het bedrijfsleven. Een algemeen aanvaarde definitie ervan kennen we niet, zodat de omvang van het verschijnsel niet nauwkeurig bekend is. Moeilijk te zeggen is evenzeer wat met de joint venture in het algemeen gesproken, wordt beoogd. De joint venture wordt ingezet in de concurrentiestrijd op de (wereld-)markt. Hoe en wanneer dit wapen wordt ingezet hangt af van de marktontwikkeling. Het is vaak een weinig kostbare en mede daardoor ook risicobeperkende manier om een nieuwe ondernemingsstrategie te beproeven.

Bijzonder nummer | Joint Ventures
mei 1995
AA19950347

De ‘rechtsvormende taak’ van de rechter? Een kritische noot

Discussie over de wenselijkheid van de rechterlijke rechtsvorming: een gepasseerd station?

C. Schutte

Post thumbnail Tweede bijdrage in deze uitgave van Ars Aequi over de rechtsvormende taak van de rechter door Schutte. Aan de orde komen wederom de uitlating van prof. mr. C.A.J.M. Kortmann over rechtsvorming en het rapport over versterking van de cassatierechtspraak uit 2008. De auteur gaat in op de volgende vraag: 'Wat is rechtsvorming door de rechter?'. Verder behandelt hij de taak van de rechter in het staatsbestel alsmede rechtsbescherming.

Verdieping | Studentartikel
oktober 2009
AA20090676

De ‘Zutphense Juffrouw’ geeft na 100 jaar haar geheimen prijs!

E. von Bóné

Post thumbnail In dit artikel wordt ingegaan op de uitspraak van de feitenrechter in de bekende zaak van de 'Zutphense Juffrouw'. In dit artikel wordt de uitspraak van de kantonrechter uit Zutphen die de zaak in eerste aanleg behandelde integraal weergegeven. Met dit arrest is een belangrijke invulling gegeven aan het onrechtmatige daadsbegrip.

Verdieping | Studentartikel
september 2009
AA20090546

De ‘dode letter’ van artikel 3:84 lid 3 BW

C. Jansen

Post thumbnail In deze aflevering van de Blauwe Pagina’s ‘Verdraaid recht’ pleit Corjo Jansen voor afschaffing van het fiduciaverbod in artikel 3:84 lid 3 BW.

Blauwe pagina's | Verdraaid recht
mei 2024
AA20240380

De ‘grote leugen’ in een nieuw jasje

F.J.R. van den Linden

In dit opiniërende artikel wordt ingegaan op de invoering van de flitsscheiding. Daarbij kunnen huwelijkspartners het huwelijk omzetten in een geregistreerd partnerschap (art. 1:77a BW) en dit geregistreerd partnerschap vervolgens met wederzijds goedvinden ontbinden (art. 1:80c lid 1 sub c jo. art. 1:80d BW). De auteur betoogt op verschillende gronden dat de invoering van deze vorm van scheiding zonder dat de rechter erin betrokken wordt een kwalijke zaak is.

Opinie | Opiniërend artikel
maart 2001
AA20010153

De ‘omkeringsregel’ en de redelijkheid en billijkheid

G.R. Rutgers

Hoge Raad 29 november 2002, nr. C00/298HR, ECLI:NL:HR:2002:AE7345, RvdW 2002, 190 (The Transport Ferry Service (Nederland) B.V., P&O European Ferries (Felixtowe) Ltd/N.V. Nederlandse Spoorwegen, Wim Vos Internationale Transporten B.V., S.T.A.R. Trasporti Internazionale S.p.A. en Ecodeco S.p.A.). Ook wel bekend als Lekkende tankcontainer. Verduidelijking 'omkeringsregel' bij causaal verband; voorwaarden waaronder de bewijslast met betrekking tot het bestaan van conditio sine qua non-verband tussen de onrechtmatige gedraging of tekortkoming en het ontstaan van de schade wordt omgekeerd; toepassing van de redelijkheid en billijkheid als uitzondering op de hoofdregel van artikel 150 (= art. 177 oud) Rv.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
april 2003
AA20030307

De ‘vermoedelijke wil’ voor je uitvaart: cremeren met toost op het leven

L.A.G.M. van der Geld

Lucienne van der Geld bespreekt in deze column hoe een verschil van inzicht over de uitvaartwensen van de overledene tot problemen kan leiden en geeft en passant tips voor nabestaanden van klimaatbewuste overledenen en acrylnageldragers met injectables en siliconen.

Opinie | Column
april 2023
AA20230271

UCERF 7 - Actuele ontwikkelingen in het familierecht

De (on-)mogelijkheden van een ‘ouder-kind’-financiering

G. Doull

In deze bijdrage wordt uitgebreid stil gestaan bij de rol van de ouders in geval het kind te weinig inkomen heeft om zijn droomhuis te kunnen kopen.

UCERF 9 - Actuele ontwikkelingen in het familierecht

De (on)mogelijkheid van sharia in Nederland

M.S. Berger

Deze bijdrage stelt de (On)mogelijkheid van sharia in Nederland ter discussie. Over de vraag wat onder de sharia moet worden verstaan bestaan veel misverstanden.