Maandbladartikel

Handhaving na vernietiging van het te handhaven besluit

F.C.M.A. Michiels

Hoge Raad 17 december 2004, nr. C03/232HR, ECLI:NL:HR:2004:AR2773, AB 2005, 82 m.nt. PvB, JB 2005, 33 m.nt. Tycho Lam In dit arrest en de daarbij behorende noot staat de terugwerkende kracht van de vernietiging van een besluit door de rechter centraal. De vraag of een handhavingssanctie de vernietiging van het besluit volgt, wordt door de Hoge Raad ontkennend beantwoord.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
juni 2005
AA20050478

Handhaving van de nieuwe Mededingingswet

De boeteprocedure in het licht van enige rechtsbeginselen

E. Aalst

De nieuwe Mededingingswet, welke op 1 januari 1998 van kracht zal worden, sluit aan bij het Europese kartelrecht, gebaseerd op artikel 85 en 86 EG-verdrag. Voor handhaving is daarom in het wetsontwerp een bestuurlijke boeteprocedure opgenomen. Hieronder zal ik deze keuze voor bestuurlijke handhaving behandelen en de waarborgen die de boeteprocedure, in het bijzonder in het licht van de mensenrechten, zal moeten bieden.

Verdieping | Studentartikel
september 1997
AA19970555

Handhaving van informatieplichten in het verbintenissenrecht

W.H. van Boom

Hoge Raad 12 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1677 (Arvato I) en Hoge Raad 10 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:861 (Arvato II)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
april 2023
AA20230282

Handhaving van privaatrecht door toezichthouders

C.A. Hage

In toenemende mate worden publiekrechtelijke toezichthouders belast met het toezicht op belangrijke onderdelen van het burgerlijk recht. Privaatrecht en publiekrecht kennen echter verschillende doelstellingen en verschillende handhavingsmiddelen. In mijn proefschrift staan met name de volgende vragen centraal: welke regels van privaatrechtelijke aard worden publiekrechtelijk gehandhaafd? En in hoeverre leent het privaatrecht zich voor handhaving met bestuursrechtelijke middelen? In deze bijdrage enkele resultaten.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
september 2018
AA20180756

Handreikingen voor het gebruik van de conclusie van het civiele parket bij de Hoge Raad in rechtswetenschappelijk onderzoek

J. Oppatja, M.V.R. Snel

Post thumbnail In het licht van de eisen die aan rechtswetenschappelijk onderzoek worden gesteld en de aard en vormgeving van conclusies van het civiele parket bij de Hoge Raad, doet deze bijdrage enkele handreikingen aan de (student)onderzoeker over het gebruik van conclusies in civielrechtelijk wetenschappelijk onderzoek.

Perspectief | Perspectiefartikel
januari 2025
AA20250072

Hang naar heden

Over het verleden in het geldende recht

J.M. Milo

Post thumbnail

Ons geldende recht is hedendaags recht geworden. In rechtsgeleerde literatuur, rechtspraak en onderwijs wordt minder met behulp van het verleden geargumenteerd dan een halve eeuw en langer geleden. Waaraan ligt dat? Is nieuw recht beter recht? Zijn Nederlandse juristen te volgzaam in wat door wetgever en rechter is uitgesproken? Wanneer is een concept, een regel of een auteur `over de datum’? Er zijn goede redenen om de deur naar het verleden meer open te zetten – in ieder geval in rechtsgeleerd onderwijs en debat.

Perspectief | Perspectiefartikel
maart 2017
AA20170240

Hardrijders gezocht

I. Giesen, A.J. Verheij

In dit redactionele artikel gaan twee redacteuren in op het beleid van het ministerie van justitie op de inkomsten te verhogen door meer processen-verbaal uit te schrijven. Volgens de redacteuren is dit geen goed idee en staat dit idee ver af van het eigenlijke idee van criminaliteitsbestrijding.

Opinie | Redactioneel
januari 1994
AA19940003

Harmonisatie in en rond de Wet administratieve rechtspraak bedrijfsorganisatie

P.J.J. van Buuren

De Wet administratieve rechtspraak bedrijfsorganisatie (Wet Arbo) is in 1954 tot stand gebracht om beroepsmogelijkheden te scheppen tegen besluiten en handelingen van de organen van de publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie (de SER, product-, hoofdbedrijf- en bedrijfschappen). Zoals bekend is de publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie niet geworden wat men er zich zo rond 1950 van voorstelde.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
oktober 1986
AA19860614

Harmonisatie van de omzetbelasting

B.J.M. Terra

Voor de voltooiing van de interne markt is de harmonisatie van de omzetbelasting noodzakelijk. De fiscale grenzen, veroorzaakt door het verrekenen van de indirecte belastingen bij grensoverschrijdend verkeer, vormen de Achilleshiel van Europa 1992. Niet alleen is opheffing van de fiscale grenzen noodzakelijk, ook met betrekking tot de directe belastingen dienen de Lid-Staten overeenstemming te bereiken waar het met de harmonisatie heen moet.

Bijzonder nummer | Europa 1992
mei 1989
AA19890462

Harmonisatie van procesrecht?

Een beschouwing over hoofdstuk 8 Algemene wet bestuursrecht

A. Knigge

Op 23 januari 1992 werd het voorstel van wet 22 495 bij de Tweede Kamer ingediend. Dit bevat onder andere het uniforme bestuursprocesrecht dat toegepast zal worden in de in te stellen administratieve kamers. Met deze uniformering wordt een verhoogde rechtsbescherming beoogd. Van harmonisering met het burgerlijk procesrecht is echter afgezien omdat men de verschillen tussen beide vormen van procesrecht nog te groot achtte. Betoogd wordt dat verdergaande harmonisering met het burgerlijk procesrecht mogelijk was geweest, indien men meer oog had gehad voor de verzoekschriftprocedure.

Verdieping | Studentartikel
maart 1993
AA19930165

Harmonisatie van wetgeving in de EEG

P.J. Slot

In dit artikel wordt ingegaan op de harmonisatie van het recht van de lidstaten van de EEG. Daarbij wordt ingegaan op verschillende artikelen die ten grondslag liggen aan de harmonisering zoals de vrij verkeer bepalingen in het verdrag. Daarna komen de verschillende harmonisatiemethoden aan de orde. Vervolgens komt de wetgeving die wordt geharmoniseerd bij het van kracht worden van de Europese Akte aan de orde. Daarna wordt de jurisprudentie over harmonisatie van wetgeving door het HvJEG behandeld.

Bijzonder nummer | Europa 1992
mei 1989
AA19890453

Harmonisatiewet

Annotatie

C.A.J.M. Kortmann

In deze beknopte noot van Prof. C.A.J.M. Kortmann wordt het bekende Harmonisatiewet-arrest besproken waarbij toetsing van de wet in formele zin aan het Statuut en de algemene rechtsbeginselen wordt uitgesloten.

Overig | Rode draad | Raad en daad | Verdieping | Verdiepend artikel
november 2005
AA20050952