Verdieping

Een Europees icoon: de rechtsgeleerde Aemilius Papinianus

J.E. Spruit

Post thumbnail

Papinianus heeft zich in de late Oudheid als gezaghebbend jurist een grote reputatie verworven. Met de receptie van het Romeinse recht in Europa hebben sedert de Renaissance zijn faam en positie als rolmodel voor juristen nog aan kracht gewonnen. Wat kan in dit proces een doorslaggevende factor zijn geweest?

Verdieping | Verdiepend artikel
mei 2015
AA20150372

Een geen-bezwaarsysteem voor post mortem orgaandonatie: een kwestie van principe

M.A.J.M. Buijsen

De wet op de orgaandonatie heeft niet het gewenste effect, het aantal donoren blijft achter bij het aantal patienten dat vraagt om een orgaan. Daarom gaan er nu geluiden op om en systeem van geen bezwaar in te voeren, waarbij iedereen donor is tenzij hij/zij aangeeft geen donor te willen zijn.

Verdieping | Verdiepend artikel
januari 2004
AA20040022

Een gefundeerde discussie over de Nederlandse zakelijke advocatuur?

Over de waarde van empirisch onderzoek naar de advocatuurlijke beroepsethiek

T.T. Butter

Post thumbnail Over het antwoord op de vraag hoe advocaten invulling moeten geven aan hun rechtsstatelijke rol wordt verschillend gedacht. Ten aanzien van de discussie over de beroepsethiek van de zakelijke advocatuur leeft de wens voor meer nuance, minder polarisatie en een meer geïnformeerd debat. Empirisch onderzoek kan in deze laatste behoefte voorzien. In deze bijdrage bespreek ik de waarde van empirisch onderzoek voor academische discussies over de advocatuurlijke beroepsethiek in algemene zin en van eigen, Nederlands, onderzoek naar de zakelijke advocatuur in het bijzonder.

Verdieping | Verdiepend artikel
april 2024
AA20240331

Een gemeentelijk verbod van het gebruik van tropisch hardhout?

R. Visser

Algemeen lijkt de opvatting aanvaard dat er voor individuele gemeenten geen mogelijkheden bestaan om een verbod op het gebruik van tropisch hardhout in een autonome verordening op te nemen. Nationale dan wel internationale regelgeving zou daar aan in de weg staan. In het onderstaande wordt betoogd dat een dergelijk verbod wel degelijk door een gemeente kan worden uitgevaardigd.

Verdieping | Studentartikel
juni 1996
AA19960398

Een gewogen afbeelding; een civielrechtelijk model voor het afwegen van belangen bij het openbaar maken van afbeeldingen

L. van der Vliet

In de zaak O.J. Simpson werden in de zomer van 1994 beelden getoond die ver buiten de werkelijkheid lagen. Het leek alsof het een speelfilm betrof. Hoever kunnen de media hiermee gaan? Waar liggen de grenzen in het portretrecht? In dit artikel wordt getracht hierin duidelijkheid te scheppen.

Verdieping | Studentartikel
april 1995
AA19950252

Een internationaal klachtrecht bij schendingen van sociaaleconomische mensenrechten?

A.P.M. Coomans

Deze bijdrage bespreekt en becommentarieert de visie en de argumenten van de Nederlandse regering over de totstandkoming van een klachtrechtprotocol bij het Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten waarover in de Verenigde Naties momenteel gesproken wordt. Kernvraag daarbij is in hoeverre de naleving van sociale en economische mensenrechten vatbaar is voor rechterlijke toetsing. De regering is van mening dat dit niet goed mogelijk is. In deze bijdrage wordt betoogd dat dit een conservatief standpunt is dat geen recht doet aan recente nationale en internationale ontwikkelingen.

Verdieping | Verdiepend artikel
januari 2003
AA20030022

Een internationaal strafhof: Het Statuut van Rome in vogelvlucht

Amnesty International, L. van Troost

Een diplomatieke conferentie in Rome onder auspiciën van de Verenigde Naties resulteerde deze zomer in een verdrag ter oprichting van een permanent Internationaal Strafhof. In het artikel wordt het Statuut van Rome in hoofdlijnen uiteengezet en op een aantal belangrijke punten van een kort commentaar voorzien.

Verdieping | Verdiepend artikel
november 1998
AA19980882

Een juridische blik op het elektriciteitssysteem op zee

Een kleine beurt voor de Grondwet

H.R.B.M. Kummeling, T. Zwart

In dit artikel wordt ingegaan op de grondwetsherziening die in 1998 aan de orde was. Na een korte introductie over de herzieningsprocedure, waarbij ook andere landen aan de orde komen, wordt er ingegaan op de veranderingen voor de Grondwet.

Verdieping | Verdiepend artikel
april 1998
AA19980253

Een kritische beschouwing over de mensenrechtendeclaratie van Caro

A. Ellian

De strijd om de naleving van de rechten van de mens in de islamitische wereld heeft uiteindelijk tot het verdrag The Cairo Declaration on Human Rights in Islam geleid. In dit artikel wordt dit verdrag in drie verschillende stappen aan een analyse onderwerpen. Allereerst wil ik de achtergronden ervan bespreken, daarna zal ik proberen de achterliggende motieven van de verdragsluitende partijen te achterhalen en ten slotte zal ik het verdrag (dus de afgekondigde rechten) met het daarin opgenomen beperkingsmechanisme trachten te exponeren. Dit artikel is geen kritische beschouwing van een wereldreligie. Het mag niet met de neokoloniale ideeën over de islamitische cultuur worden verward.

Verdieping | Verdiepend artikel
november 1997
AA19970793

Een lacune in het Haagse Verdrag inzake het toepasselijk recht op de vertegenwoordiging: de dubbele vertegenwoordiging

J.H.M. van Swaaij

Het Haags Verdrag betreffende het toepasselijke recht op de Vertegenwoordiging van 14 maart 1978 (Tractatenblad. 1987, 138) zal voor Nederland binnenkort in werking treden. De regeling van het Verdrag is toegesneden op de tripartite vertegenwoordigingsfiguur, waarbij de vertegenwoordiger, die optreedt voor een vertegenwoordigde, handelt met een derde. Voor de gevallen waarin ook de derde door een ander vertegenwoordigd wordt, blijkt de regeling een lacune te vertonen. Bovendien is niet geheel duidelijk of het Verdrag toepasselijk is op de verhouding middellijk vertegenwoordiger derde.

Verdieping | Studentartikel
juli 1991
AA19910530

Een liefde voor het leven

H.U. Jessurun d'Oliveira

In de rubriek `recht in zicht´ wordt door een oud-redacteur teruggekeken op zijn of haar artikel dat deze redacteur destijds schreef en wat de uitwerkingen van het artikel waren. In dit artikel gaat Jessurun d´Oliveira in op een criminologisch artikel waarbij hij een een oratie van een hoogleraar (1958) aanviel met als gevolg een groot aantal reacties.

Verdieping | Verdiepend artikel
oktober 2001
AA20010727