Burgerlijk recht

De geneeskundige behandelingsovereenkomst en de vertegenwoordiging van meerderjarige onbekwamen

F.C.B. van Wijmen

Eind mei 1990 is bij de Tweede Kamer een ontwerp van Wet geneeskundige behandelingsovereenkomst ingediend, waarin het beginsel, dat voor medische behandeling op deugdelijke informatie gebaseerde toestemming vereist is, een centrale plaats inneemt. Zeer veel mensen zijn niet in staat tot het geven van een dergelijk 'informed consent'. Voor plaatsvervangend beslissen en andere vertegenwoordigingssituaties in het kader van de individuele gezondheidszorg bevat het ontwerp ook een regeling. Voor meerderjarige onbekwamen is die, mede in relatie tot andere huidige en toekomstige wetgeving, voor verbetering vatbaar.

Overig | Rode draad | De positie van onbekwamen in het recht
april 1991
AA19910307

De gespleten opdracht van het recht

Autonomie en verbondenheid in het privaat-, straf- en staats- en bestuursrecht

L. van den Berge

Post thumbnail

De nabijheid van anderen is voor volwaardig menszijn onontbeerlijk, maar kan ons ook tot stikkens toe benauwen. Het moderne recht tracht ons lucht te geven door scheidingen aan te brengen tussen individuen onderling. Maar tegelijk zal het  moeten erkennen dat de mens een gemeenschapswezen is dat in afzondering van anderen niet volwaardig kan existeren. Hoe kan het recht aan die gespleten opdracht het best voldoen? Dit artikel bespreekt aan de hand van de bijdragen aan dit Bijzonder Nummer hoe de spanning tussen idealen van autonome vrijheid en gebondenheid het gehele recht in haar greep houdt.

Bijzonder nummer | Autonomie
juli 2017
AA20170654

De gevaren van de optiehandel: hoe ver strekt de zorg van de bank?

T. Hartlief

Hoge Raad 11 juli 2003, nr. C01/257HR, ECLI:NL:HR:2003:AF7419, RvdW 2003, 123 (Van Zuylen/Rabo Schaijk-Reek) In deze noot bij dit arrest wordt ingegaan op de zorgplicht van de bank bij het particuliere beleggers in het geval van put- en call-opties. De Hoge Raad stoelt de bescherming op de aanvullende werking van de redelijkheid en billijkheid en noemt de belangrijkste voorwaarden en de reikwijdte van de zorg.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
december 2003
AA20030929

De goederenrechtelijke werking van de ontbindende voorwaarde

A.H. Scheltema

Het leerstuk van de voorwaarde wordt vaak als een lastig onderdeel van het burgerlijke recht beschouwd. Desondanks heeft de wetgever dit leerstuk in 1992 nog eens extra gecompliceerd door de terugwerkende kracht af te schaffen. Dit was een ongelukkige keuze, hetgeen duidelijk naar voren komt bij de (goederenrechtelijke werking van de) ontbindende voorwaarde, maar ook bij (die van) de opschortende voorwaarde. Een beschrijving van zowel het huidige als het oude Nederlandse stelsel, mede in een rechtshistorisch en rechtsvergelijkend perspectief, maakt één en ander aanschouwelijk.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
september 2004
AA20040671

De grensoverschrijdende garage

H.K. Köster

Hoge Raad 17 april 1970, nr. 10.381, ECLI:NL:HR:1970:AC5012, NJ 1971/89, (De Jongh/Kuipers). Ook wel bekend als Grensoverschrijdende garage.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
november 1970
AA19700542

De Haan (c.s.)/Mr. Hamm q.q.

C.A.J.M. Kortmann

Hoge Raad 19 mei 1999, nr. OK69-I, ECLI:NL:HR:1999:AD3053, NJ 1999, 670 en 671, nt. Ma; JOR 1999/170 en 171, nt. S.C.J.J. Kortmann (De Haan c.s./Mr Hamm q.q.) De curator van de moedervennootschap is bevoegd een enquête te verzoeken bij de dochtervennootschappen. Failliete dochtervennootschappen kunnen zich tegen een dergelijk verzoek verzetten en daarbij vertegenwoordigd worden door hun bestuurders.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
februari 2000
AA20000102

De hand gelicht met de terhandstellingsplicht?

W.H. van Boom

Hoge Raad 11 februari 2011, nr. 09/03748, ECLI:NL:HR:2011:BO7108 (First Data BV/KPN Hotspots Schiphol BV)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
oktober 2011
AA20110726

De handelingsonbevoegdheid van artikel 3:43 BW

W.H. van Boom

Hoge Raad 23 maart 2018, nr. 17/01075, ECLI:NL:HR:2018:428, RvdW 2018/362 (AA Accountants BV/O. BV)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
september 2018
AA20180715

De hervorming van het Belgische goederenrecht

E.F. Verheul

Post thumbnail Modern, flexibel en functioneel. Het zijn geen kwalificaties die het goederenrecht doorgaans ten deel vallen. Toch zijn het de doelen die met de hervorming van het Belgische goederenrecht worden nagestreefd. Deze bijdrage belicht een aantal onderwerpen van de Belgische hervorming die vanuit een Nederlands perspectief in het oog springen.

Verdieping | Verdiepend artikel
januari 2021
AA20210034

De herziening van het Franse verbintenissenrecht: les jeux sont faits

C. Calomme, J.M. Smits

Post thumbnail

1 oktober 2016 was een historische datum voor het Franse recht. Voor het eerst sinds de invoering van de Code Civil in 1804 vond een grondige herziening plaats van het in het wetboek neergelegde verbintenissenrecht. In deze bijdrage wordt ingegaan op de motieven voor en de inhoud van de herziening.

Verdieping | Verdiepend artikel
oktober 2016
AA20160726

De heteroseksuele exclusiviteit van het huwelijk na Hoge Raad 19 oktober 1990

C. Waaldijk

In dit artikel dat valt onder de rubriek mensenrechten wordt ingegaan op een viertal rechterlijke uitspraken uit de periode 1988-1990 over het toestaan van een huwelijk tussen personen van hetzelfde geslacht. In het artikel volgt de auteur de rechterlijke wetsinterpretatie en toetsing en gaat in op de rechtsvormende taak ten aanzien van het 'homohuwelijk'.

Verdieping | Verdiepend artikel
januari 1991
AA19910047

De historische oorsprong van artikel 5:2 BW

J.A. Ankum

Een uiteenzetting van de tot stand koming van art 5:2 BW, te beginnen bij de Romeinse tijd en eindigend bij de huidige tijd.

Overig | Rode draad | Digesten
november 2006
AA20060784