Burgerlijk recht

Medevoogdij en Gezamenlijke voogdij

I. Giesen, A.J. Verheij

In dit artikel wordt het medio 1994 ingediende wetsvoorstel dat medevoogdij en gezamenlijke voogdij regelt besproken. Aan de orde komen de achtergronden en worden de beide vormen van voogdij uitvoerig besproken.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
februari 1995
AA19950113

Medezeggenschap van werknemers en joint ventures

L. Timmerman

Nederland kent een nogal uitgebreid systeem van medezeggenschapsrecht. Het is van belang na te gaan hoe deze medezeggenschapsregels uitwerken in joint venture-verhoudingen. In het artikel komt de medezeggenschap binnen de joint venture aan de orde waarbij aandacht wordt besteed aan de inspraakrechten.

Bijzonder nummer | Joint Ventures
mei 1995
AA19950368

Mediasafe

M.J.G.C. Raaijmakers

Hoge Raad 11 september 1998, nr. 15915 (C95/067), ECLI:NL:HR:1998:ZC2698, RvdW 1998, 150 (Rabo ‘Vecht- en Plassengebied’/Minderhoud qq), vervolg op Hoge Raad 22 maart 1996, NJ 1996, 568 m.nt. Maeijer (Mediasafe en Mediasafe II) Tegenstrijdig belang (art. 2:256 BW). Bescherming belang van de vennootschap. Niet alleen bij 'direct' maar ook bij 'indirect' tegenstrijdig belang. Moedermaatschappij vertegenwoordigt dochter als haar directrice bij aangaan van een financieringsovereenkomst voor de gehele groep. Belangenstrijdigheid tussen moeder en dochter? Bespreking interne bevoegdheid en externe bevoegdheid bestuurder en binding van de rechtspersoon door handelen bestuurder. Bespreking uitzondering van artikel 2:256 en artikel 2:146 BW. Kritische bespreking van de oprekking van het begrip 'tegenstrijdig belang'.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
februari 1999
AA19990116

Mediation: een (on)geoorloofd duwtje in de rug?

A.W. Jongbloed

Post thumbnail Tot voor kort bestond buiten de kring van direct betrokken mediators weinig aandacht voor mediation. Er was geen wettelijke regeling, gepubliceerde rechtspraak was er nauwelijks en bijna alle mediators verrichtten hun bemiddelende werk als nevenfunctie. Dat verandert. In deze bijdrage wordt bezien in hoeverre mediation verplicht moet worden en of een wettelijke regeling gewenst is.

Verdieping | Verdiepend artikel
juni 2012
AA20120434

Medisch Tuchtrecht

J.A. Schröeder

In deze column wordt ingegaan op de werking van het medisch tuchtrecht in de praktijk. Er wordt hierbij kort ingegaan op de geschiedenis van het medisch tuchtrecht. Daarna wordt er ingegaan op de werking van de Medische Tuchtwet die door het Centraal Medisch Tuchtcollege in Den Haag wordt toegepast.

Opinie | Column
juli 1991
AA19910561

Medische aansprakelijkheid

R.P. Wijne

Post thumbnail De werking van het civiele aansprakelijkheidsrecht in medische kwesties. Aan welke voorwaarden moet zijn voldaan wil de patiënt via het civiele aansprakelijkheidsrecht zijn schade kunnen verhalen op de hulpverlener?

9789492766526 - 25-02-2019

Medische aansprakelijkheid (Digitaal boek)

R.P. Wijne

Post thumbnail De werking van het civiele aansprakelijkheidsrecht in medische kwesties. Aan welke voorwaarden moet zijn voldaan wil de patiënt via het civiele aansprakelijkheidsrecht zijn schade kunnen verhalen op de hulpverlener?

9789492766526 - 25-02-2019

Medische behandeling en de wilsbekwaamheid van minderjarige patiënten

J.H.H.M. Dorscheidt

Post thumbnail

Het Burgerlijk Wetboek biedt minderjarige patiënten vanaf 12 jaar de ruimte om in toenemende mate zelfstandig over hun medische behandeling te beslissen, mits deze minderjarige in staat is zijn behandelingsbelangen te behartigen. Het vaststellen van deze wilsbekwaamheid is echter niet altijd eenvoudig. Daarbij wordt het wettelijk systeem van leeftijdsgrenzen niet zelden gerelativeerd door de weerbarstige kindergeneeskundige praktijk. Onderstaande bijdrage vormt een juridische analyse van dit spanningsveld tussen wetgeving en zorgpraktijk en belicht tevens de positie van ouders.

Opinie | Opiniërend artikel
april 2018
AA20180289

Medische Experimenten op Incompetenten: Over Individuele Rechten en Rechtbescherming

Incl. Afsluiting Rode Draad

L. Bergkamp

Ter afsluiting van de rode draad 'De positie van onbekwamen in het recht' wordt er een artikel gepubliceerd over medische experimenten bij incompetenten. De auteur komt de conclusie dat medische experimenten bij wilsonbekwamen niet toelaatbaar zijn en geeft daar veel gronden voor aan. Daartoe bespreekt de auteur een concept-wetsvoorstel en gaat daarbij met name in op de begripsomschrijvingen.

Overig | Rode draad | De positie van onbekwamen in het recht
december 1991
AA19911157

Medische missers tussen straf en schade

J. Sijmons

Post thumbnail Bij medische missers kan zowel het strafrecht als het civiele recht worden ingezet. In dit artikel wordt deze samenloop besproken, nadat eerst enige casuïstiek illustreert hoe de strafrechter met tekortschieten van zorg omgaat. Wat de normstelling betreft leunt het strafrecht uiteindelijk op civiele en bestuursrechtelijke normen. De rechtvaardiging voor het inzetten van het strafrecht wordt bij gewone fouten meestal niet gevoeld. Ondanks dat de roep op toepassing snel klinkt, blijkt het strafrecht als zwaarder instrument toch voorbehouden aan ernstige gevallen en zelfs dan wordt terughoudend gestraft. Het meest effectief is het strafrecht waarschijnlijk daar, waar het tot nu toe weinig wordt ingezet, namelijk tegen zorginstellingen in plaats van zorgverleners.

Rode draad | Snijvlakken & Kruisbestuivingen
mei 2023
AA20230370

Meer dan geld alleen

Resultaten van een onderzoek naar behoeften, verwachtingen en ervaringen van slachtoffers en hun naasten met betrekking tot civiele aansprakelijkheid

A.J. Akkermans, H. Elffers, R.M.E. Huver, K.A.P.C. van Wees

Bij herzieningen van het aansprakelijkheids- en schadevergoedingsrecht worden vaak veronderstellingen gedaan over hoe slachtoffers en naasten over de betreffende herziening denken en in hoeverre deze aan hun behoeftes tegemoet komt. Dat zijn echter vaak niet meer dan hypotheses. Exemplarisch is in dit verband de discussie rond het wetsvoorstel affectieschade. In die discussie hebben allerlei partijen het nodige aangevoerd over wat slachtoffers wel en niet zouden willen, maar empirische gegevens om deze veronderstellingen te onderbouwen ontbreken grotendeels. Dit heeft toenmalig minister Donner ertoe gebracht om onderzoek te laten verrichten naar de verwachtingen die slachtoffers en hun naasten van het aansprakelijkheidsrecht hebben (ook in meer brede zin dan enkel ten aanzien van affectieschade), en wat in deze hun behoeftes zijn. In dit kader is door het Interfacultair samenwerkingsverband Gezondheid en Recht (IGER) van de Vrije Universiteit Amsterdam onlangs een eerste verkennend onderzoek afgerond. In dit artikel zullen de belangrijkste bevindingen van dit onderzoek worden gepresenteerd. Allereerst zal echter kort worden stilgestaan bij een belangrijke aanleiding voor dit onderzoek: het debat over het wetsvoorstel affectieschade.

Bijzonder nummer | Multidisciplinaire bestudering van de rechtswetenschap
november 2007
AA20070852

Meer is beter?

R. de Bock

Is de rechterlijke oordeelsvorming in een meervoudige kamer echt beter dan een enkelvoudig gewezen beslissing? Ruth de Bock vraagt het zich af in deze column.

Opinie | Column
november 2020
AA20201047