Resultaat 1–12 van de 18 resultaten wordt getoond

‘Het spijt me heren, het is over, uit, het doek valt’

Interview met mr. F. Meeter

H. Borgers, M. Scheffers

Spraakmakende deconfitures als van Fokker en DAF hebben ons nieuwsgierig gemaakt naar de mens die regeert over in problemen geraakte ondernemingen. Een bewindvoerder of curator beslist over miljoenen guldens, over mensenlevens en over een eventueel voortbestaan van de onderneming. Om zoveel mogelijk geld voor de ogen van de fiscus weg te slepen, woedende schuldeisers te trotseren en gladde bankvertegenwoordigers te slim af te zijn, moet een curator beschikken over vele kwaliteiten. In de heer F. Meeter hebben wij een doorgewinterd curator gevonden die over alle facetten van het curatorschap een boekje kan opendoen. Hij is reeds 35 jaar advocaat te Rotterdam en onder andere bekend van het geruchtmakende RSV-bewind. Daarnaast was hij een van de motoren achter de succesvolle doorstart van DAF. Op Weena 70 te Rotterdam spraken wij met hem.

Verdieping | Interview
Juni 1998
AA19980573

Achtergestelde vorderingen

N.B. Pannevis

Op 5 september 2019 promoveerde Niels Panne­vis aan de Radboud Universiteit Nijmegen op zijn proefschrift 'Achtergestelde vorderingen'. In deze bijdrage schrijft hij over zijn onderzoek en bevindingen.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
Februari 2020
AA20200212

Beslag op zorgbonus

A.W. Jongbloed

Rb. Noord-Holland (vzr., zittingsplaats Alkmaar) 12 januari 2021, ECLI:NL:RBNHO:2021:233 (Ziggo c.s./X)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
April 2021
AA20210378

De beheersbevoegdheid van de hypotheekhouder in rechtshistorisch en rechtsvergelijkend perspectief

R. Bobbink

Dit artikel gaat over het recht van pandgebruik: de bevoegdheid tot gebruik, beheer en vruchttrekking van een zekerheidsobject door de zekerheidsgerechtigde. De auteur beschouwt de ontwikkeling en toepassing van deze rechtsfiguur op onroerende zaken, vanaf het Romeinse recht tot het heden. De inzichten uit deze historische rechtsvergelijking bieden inspiratie bij de uitleg van de beheersbevoegdheid van de hypotheekhouder in het geldende Nederlandse recht.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
December 2021
AA20211141

De betalingsregeling als sluitstuk van de brede schuldenaanpak

N. Jungmann, T. Madern

Post thumbnail

Om de schuldenproblematiek terug te dringen en de aanpak ervan effectiever te maken, is er recentelijk een ongekende hoeveelheid nieuwe wetgeving van kracht geworden. Dit gaat in combinatie met beleidswijzigingen een impuls geven aan de aanpak van problematische schuldsituaties. Het ontbreekt alleen nog aan een afdoende antwoord op de vraag hoe wordt voorkomen dat situaties problematisch worden. Misschien kan een aanpassing van artikel 6:29 BW daarin van betekenis zijn.

Opinie | Opiniërend artikel
Mei 2021
AA20210482

De Wet homologatie onderhands akkoord

I. Wolffram-Van Doorn

Op 1 januari 2021 is de Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA) in werking getreden. De WHOA helpt ondernemers om een akkoord met de schuldeisers en aandeelhouders tot stand te brengen. Deze bijdrage gaat in op de aanleiding voor en het doel van de WHOA, omvat een korte beschrijving van de kernelementen van de regeling en stipt enkele noviteiten aan die met deze wet in het insolventierecht zijn geïntroduceerd.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
Januari 2021
AA20210067

Een einde aan de impasse rondom het bodemrecht van de fiscus

D.F.H. Stein

Post thumbnail

De fiscus kan bij verhaal op een belastingschuldige soms verhaal nemen op zaken van anderen dan de belastingschuldige (het ‘fiscale bodemrecht’). Dit bodemrecht werd in 1990 als tijdelijk recht ingevoerd, door het te onderwerpen aan een ‘horizonbepaling’. Door een creatieve omgang met die bepaling is het bodemrecht nog niet komen te vervallen, ondanks soms felle kritiek. De auteur bespreekt het voorstel om de horizonbepaling te schrappen.

Verdieping | Verdiepend artikel
December 2021
AA20211105

Hoe ver gaat de verklaringsplicht van de schuldenaar?

A.W. Jongbloed

Hoge Raad 26 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1776, RvdW 2021/1152

Annotaties en wetgeving | Annotatie
April 2022
AA20220300

Incassokosten begrensd

L.D.V.M. Kompier

Op 1 juli 2012 is de nieuwe regelgeving voor de vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten in werking getreden. Met een wijziging van het Burgerlijk Wetboek zijn in lagere regelgeving, namelijk in een besluit, de incassokosten genormeerd. Wanneer een schuldenaar niet op tijd betaalt, kan een schuldeiser handelingen (laten) verrichten om de schuldenaar alsnog te laten betalen. De schuldeiser heeft recht op een vergoeding voor de kosten die hij maakt om de vordering buiten rechte te innen. De wettelijke regeling van de incassokosten biedt duidelijkheid aan de schuldenaar en aan de schuldeiser over hoe hoog deze kosten mogen zijn en biedt bescherming tegen te hoge incassokosten.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
Februari 2013
AA20130149

Met de billen bloot

De (grensoverschrijdende) informatieplicht in het beslag- en executierecht

K.J. Krzeminski

Post thumbnail

Een schuldeiser moet soms zelf op zoek naar voor verhaal vatbare vermogensbestanddelen van een schuldenaar. De vraag dringt zich op of het niet veel makkelijker is als de schuldenaar wordt verplicht te vertellen of, en zo ja, waar hij bronnen van inkomsten en vermogen heeft. Kan een schuldenaar worden verplicht openheid te geven over zijn inkomens- en vermogenspositie in Nederland en daarbuiten? Of mag de schuldenaar dit weigeren met een beroep op privacy of een variant op het nemo-tenetur-beginsel? Deze vragen geven aanleiding voor een korte ronde langs de wettelijke en buitenwettelijke informatieplichten in het Nederlandse beslag- en executierecht.

Opinie | Amuse
Mei 2022
AA20220350

Naschrift bij: Notarissen-Curatoren THB

R.D. Vriesendorp

Reactie van Vriesendorp op een eerdere reactie van Kortmann en Faber over de bevoegdheden van een curator ten aanzien van het te gelde maken van vorderingen uit onrechtmatige daad die jegens de benadeelde schuldeisers zijn begaan.

Opinie | Reactie/nawoord
Juni 1998
AA19980582

OKé

M.J.G.C. Raaijmakers

Hoge Raad 17 december 1993, nr. 14819, ECLI:NL:HR:1993:ZC1182, RvdW 1994, 3 (Van den Broeke/Van der Linden). Ook bekend als Oké. In dit arrest oordeelt de Hoge Raad dat er bij een vof sprake is van een gebonden gemeenschap. Deze gemeenschap staat er aan in de weg dat één van de twee vennoten een beroep doet op verrekening met de andere vennoot door middel van het vermogen van de vof. In de noot wordt dieper op deze uitspraak ingegaan waarbij ook de gemeenschap uit boek 3 BW wordt betrokken.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Juli 1994
AA19940519

Resultaat 1–12 van de 18 resultaten wordt getoond