Maandbladartikel

Moordkuilen: het verschil tussen hangplek en webstek

M. van der Linden

In dit artikel wordt ingegaan op de vrijheid van meningsuiting of uitingsvrijheid. Allereerst wordt er ingegaan op het wezen en de reikwijdte van de uitingsvrijheid. Daarna over de bijzondere kant van internet hierbij. In de vierde paragraaf wordt er stilgestaan bij de uitingsdelicten en inbreuken op eer en goede naam vanuit privaatrechtelijk perspectief. Tenslotte wordt de van toepassing zijnde jurisprudentie behandeld.

Bijzonder nummer | Internet & recht | Verdieping | Studentartikel
juli 2008
AA20080541

Moot Court: de rol van de oefenrechtbank in het juridisch vaardighedenonderwijs

C.G. Breedveld-de Voogd

Bij de opleiding tot jurist behoorde van oudsher ook de oefening in het pleiten. Aan het einde van de vorige eeuw leek de aandacht hiervoor echter verdwenen. Met de introductie van vakken zoals het Leidse Moot Court is deze onderwijstraditie weer nieuw leven ingeblazen. In dit artikel staat centraal de ontwikkeling en de inhoud van deze vorm van vaardighedenonderwijs.

Perspectief | Perspectiefartikel
maart 2016
AA20160219

Mordenate ontcijferd

C.E. du Perron, T.B. Trotman

Deze redactionele bijdrage betreft een initiatief van de Leidse juridische faculteit voor uitmuntende studenten. De redactie plaatst enkele kanttekeningen bij de opzet en de insteek van het speciale Modernate college. De redactie vindt met name de wijze van selectie bedenkelijk.

Opinie | Redactioneel
juli 1989
AA19890636

Morele rechten voor de informatieconsument

J.J.C. Kabel

In dit opiniërende artikel gaat de auteur in op de rechten van de consument in de maatschappij wat betreft nieuwe media. De auteur belicht kwaliteitswaarborgen, toegang tot informatie, medebeslissingsruimte en regels rondom het afnemen van informatie.

Opinie | Opiniërend artikel
maart 1997
AA19970146

Mores leren

M.V. Polak

Een proefschrift schrijven is geen feestje, dat komt daarna pas. En Martijn Polak legt in deze column uit hoe je dat goed aanpakt.

Opinie | Column
juni 2019
AA20190459

Motieven om te motiveren

Artikel 30p Ontwerp Rechtsvordering en motivering van het civiele vonnis in historisch perspectief

M.J.A.M. Ahsmann

Post thumbnail

Eeuwenlang hoefden rechters hun civiele vonnissen niet te motiveren. Pas in de loop van de 20e eeuw wordt het belang van het vermelden van de feiten in het vonnis onderkend. Een deugdelijke motivering wordt tegenwoordig algemeen beschouwd als een belangrijk aspect van legitimiteit en kwaliteit. Toch staat in het Ontwerp tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering dat de rechter in een mondelinge einduitspraak en in de verslaglegging daarvan slechts de gronden voor zijn beslissing behoeft te vermelden. Het doel hiervan is versnelling van de procedure te bereiken. Betekent dit het autoriteitsargument revisited?

Perspectief | Perspectiefartikel
november 2015
AA20150939

Mr Common Law: Tony Weir

E.H. Hondius

Ewoud Hondius beschrijft het leven, werk en karakter van de op 14 december 2011 overleden Engelse common lawyer Tony Weir.

Opinie | Column
december 2012
AA20120913

Mr. Big een maatje te groot voor Nederland?

Over de toelaatbaarheid en de normering van undercoveroperaties

J.H. Crijns, M.J. Dubelaar

Post thumbnail Eind vorig jaar heeft de Hoge Raad een tweetal arresten gewezen inzake de zogeheten Mr. Big-methode. Onderzocht wordt wat de uitspraken betekenen voor de toekomstige inzet van deze methode en hoeveel ruimte het door de Hoge Raad geschetste kader nog biedt voor andersoortige, op artikel 126j Sv gestoelde undercoveroperaties waarin opsporingsambtenaren actief interfereren in het leven van verdachten.

Verdieping | Verdiepend artikel
september 2020
AA20200748

Mr. Gispen q.q.-IFN

R.D. Vriesendorp

Hoge Raad 24 maart 1995, nr. 15584, ECLI:NL:HR:1995:ZC1676, RvdW 1995, 77 (Mr. Gispen q.q./IFN) In dit arrest en de daarbij behorende noot wordt ingegaan op de faillissementspauliana waarbij vooral aandacht wordt besteed aan de mogelijkheid tot het vernietigen van een betaling aan een schuldeiser indien de schuldeiser wist van een (aanvraag) van het faillissement en de schuldeiser boven andere schuldeisers te begunstigen.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 1996
AA19960183

Mr. Huijzer q.q.-Rabobank West-Kennemerland (Far Beheer BV)

W.H. van Boom

Hoge Raad 28 april 2006, nr. C05/167HR, ECLI:NL:HR:2006:AV0653, LJN: AV0653, NJ 2006, 503 m.nt. PvS (Mr. Huijzer q.q./Rabobank West-Kenmerland (Far Beheer BV)) Betaling van bankrekening gedaan door gefailleerde na faillietverklaring maar voor publicatie in Staatscourant. Fixatiebeginsel versus goede trouw van de bank: moet de bank het overgemaakte bedrag teruggeven aan de curator of wordt goede trouw van bank voor publicatie van faillietverklaring beschermd?

Annotaties en wetgeving | Annotatie
januari 2007
AA20070053

Mr. S.K. Martens (1930-2001)

T. Schaper

Bijdrage van mr. T. Schaper over de voormalig president bij de Hoge Raad en rechter bij het EHRM mr. S.K. (Sibrand) Martens.

Perspectief | Ars Longa Vita Brevis
april 2001
AA20010220

MTW/FNV Bondgenoten

R.D. Vriesendorp

Hoge Raad 29 juni 2001, nr. R01/040HR, ECLI:NL:HR:2001:AB2388, ELRO-nr. AB2388 (MTF/FNV Bondgenoten) Het gaat in deze zaak om een kwestie die momenteel volop in de belangstelling staat: in hoeverre kan een faillissement gebruikt worden als instrument voor het terugbrengen van de personeelslasten.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
april 2002
AA20020260