Shop

Europese rechtsvormen voor joint ventures

M.J.G.C. Raaijmakers

In dit artikel staat centraal de vraag in hoeverre het EESV, de SE en de ECV geschikte rechtsvormen zijn voor een joint venture tussen partners in verschillende EU-Lid-Staten. De verschillende rechtsvormen worden beschreven alsmede hun voor- en nadelen.

Bijzonder nummer | Joint Ventures
mei 1995
AA19950425

Europese regels en het strafprocesrecht

Y. Buruma

Behoudens de invloed van (de rechtspraak van het Europese Hof van de Rechten van de Mens over) het EVRM, lijken er de volgende factoren te bestaan die een disharmoniërende invloed kunnen hebben op het strafprocesrecht zoals vervat in het Wetboek van Strafvordering: de eerste pijler, Schengen, de der¬de pijler en Europol. Deze factoren en hun potentiële invloed worden in onderstaand artikel tegen het licht gehouden.

Bijzonder nummer | Rechtsharmonie - Wetsharmonie
mei 1996
AA19960386

Europese trilogen: tijd voor transparantie

R.H.T. Jansen, M.M. Kappé

De triloog begon ooit als ultimum remedium voor wetgevingsimpasses in de Europese Unie, maar is tegenwoordig standaardpraktijk. Vertegenwoordigers van de Raad van Ministers, het Europees Parlement en de Europese Commissie onderhandelen dan achter gesloten deuren over wetteksten om tot een compromis te komen. Deze wetgevingsonderhandelingen onttrekken zich in het schemerduister. In dit redactioneel betogen de auteurs dat de informatievoorziening aan burgers en nationale parlementen moet worden verbeterd door triloogdocumenten actief en zo volledig mogelijk te openbaren.

Opinie | Redactioneel
januari 2021
AA20210003

Europese verordeningen en Nederlands vermogensrecht

R. de Graaff, D.J. Verheij

Post thumbnail

Steeds meer verordeningen bevatten vermogensrechtelijke regels. In deze bijdrage brengen wij deze ontwikkeling in kaart en bespreken wij welke consequenties zij heeft voor de inzichtelijkheid, kenbaarheid en coherentie van het vermogensrecht. Ook geven wij aan hoe wetenschappers, wetgevingsjuristen en rechters met deze ontwikkeling kunnen omgaan.

Opinie | Opiniërend artikel
december 2017
AA20170988

Europese wanklanken in de Nederlandse sociale symfonie?

A.T.J.M. Jacobs

Het nationale sociale recht is een bonte mengeling van normen, vervat in de wet, lagere wetgeving, beleidsregels, cao's, reglementen, etcetera. Kan in dat veelkleurige patroon de Europese wetgeving moeiteloos geïntegreerd worden of levert dat problemen op?

Bijzonder nummer | Rechtsharmonie - Wetsharmonie
mei 1996
AA19960355

Europol(itiek) en functionele immuniteit

Over de door functionele noodzakelijkheid beperkte jurisdictionale immuniteit van Europol

E.M. Witjens

Aan de hand van een fictieve casus wordt besproken hoe EU orgaan wat functionele immuniteit bezit toch door de staat waar ze aanwezig is strafrechtelijk kan worden aangepakt.

Verdieping | Studentartikel
april 2005
AA20050197

Euthanasie

A. Kors

In dit artikel wordt ingegaan op twee wijzigingen van de Wet op de lijkbezorging en een daarmee samenhangend besluit. Op deze manier is er volgens de auteur op legislatief gebied een einde gekomen aan de Euthanasie-discussie.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
september 1994
AA19940594

Euthanasie

A. Kors

Dit artikel bevat een weergave van de nieuwe meldingsprocedure bij euthanasie, hulp bij zelfdoding en levensbeëindiging. Alvorens op de nieuwe regels in te gaan word eerst de oude procedure behandeld.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
maart 1999
AA19990159

Euthanasie bij kinderen onder de 12 jaar toestaan?

A.C. Hendriks

Post thumbnail Diverse personen wensen hun leven met behulp van een medisch deskundige eerder te (laten) beëindigen. In Nederland kan dat onder bepaalde voorwaarden. De Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (Wtl) biedt artsen duidelijkheid over wat hen in dergelijke situaties is toegestaan. Artsen hoeven bij naleving van de wettelijke zorgvuldigheidseisen niet te vrezen voor strafrechtelijke vervolging dankzij een bijzondere strafuitsluitingsgrond in het Wetboek van Strafrecht. Deze strafuitsluiting geldt volgens de wet alleen voor levensbeëindiging van personen van 12 jaar en ouder. Buiten de wet om bestaat er in uitzonderlijke situaties de mogelijkheid het leven van een pasgeborene (tot 1 jaar) te beëindigen. Is het inmiddels tijd om het leven van kinderen tussen de 1 en 12 jaar in voorkomende gevallen ook te kunnen beëindigen zonder dat de arts strafrechtelijk wordt vervolgd? Een analyse en een voorstel voor een antwoord op deze vraag.

Verdieping | Verdiepend artikel
maart 2024
AA20240211

Euthanasie en de artt. 293 en 294 Wetboek van Strafrecht

H.R. Nieman

Een paar lepels vla met daarin vermengd dertig Veparax slaaptabletten en een glas Vermouth waren de middelen die mevrouw W. april 1981 verschafte aan een 67-jarige weduwe, die door het innemen van deze middelen het levenseinde bereikte dat ze zelf zo gewenst had. Zo maakte, aldus de rechtbank van Rotterdam in haar vonnis van 1 dec. 1981, verdachte W. zich schuldig aan overtreding van artikel 294 Wetboek van Strafrecht, het misdrijf ‘hulp bij zelfdoding’. Met dit vonnis is een belangrijk oordeel gegeven over de problematiek van de zelfdoding en de hulp daarbij. Bovendien hangt het nauw samen met een eerder vonnis in een euthanasiezaak (i.c. art. 293 Sr.) van 21 febr. 1973 ( Rb. Leeuwarden). Dit artikel beschrijft die samenhang en bekijkt in hoeverre iemand die art. 293 of 294 Sr. overtreedt nog strafbaar is.

oktober 1982
AA19820563

Euthanasie-arrest

C. Kelk

Hoge Raad 27 november 1984, nr. 77091, ECLI:NL:HR:1984:AC8615 (Euthanasie Alkmaar, Euthanasie I) Onvoldoende weerlegging van beroep op noodtoestand.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
juni 1985
AA19850330

Euthanasie: de grens bereikt?

J.A.K. van den Berg, B. Degelink, J.B. Spath

In dit redactionele artikel wordt ingegaan op het wetsvoorstel rondom euthanasie. De verschillende criteria waaraan een uitvoering van het euthanasieverzoek moet voldoen komen aan bod.

Opinie | Redactioneel
februari 2001
AA20010063