Opinie

Uitvoerende en niet-uitvoerende bestuurders van naamloze en besloten vennootschappen

J.B. Wezeman

In dit artikel gaat Wezeman in op het wetsvoorstel dat dient ter wijziging van de interne verhoudingen binnen bestuur en toezichthoudend orgaan (raad van commissarissen) bij een besloten of naamloze vennootschap. In de toekomst, als het wetsvoorstel daadwerkelijk wet wordt, is het voor een vennootschap mogelijk om voor een monitisch (one-tier) of dualistisch (two-tier) bestuursmodel te kiezen. In dit artikel wordt in grote lijnen het wetsvoorstel besproken. Aan de orde komen de introductie van uitvoerende en niet-uitvoerende bestuurders, de persoonlijke aansprakelijkheid van bestuurders. Ook wordt de herziening van de tegenstrijdig belang regeling besproken.

Opinie | Opiniërend artikel
februari 2009
AA20090110

Unfair commercial practice ≠ unfair contract term ≠ void contract

The CJEU’s judgment in the case C-453/10 (Pereničová and Perenič)

J. Luzak

Post thumbnail In de relatie tussen consumenten en handelaren zijn consumenten niet zelden in het nadeel, bijvoorbeeld vanwege onredelijke voorwaarden in standaardcontracten, of door misleidende informatie over prijzen voor producten of diensten. Wat gebeurt er nu als een consument een onredelijke voorwaarde uit een standaardcontract aanvecht? Vervalt dan het hele contract? Joasia Luzak onderzoekt dit aan de hand van HvJEU-uitspraak C-453/10 (Pereničová and Perenič). Dit artikel is geschreven in het Engels.

Opinie | Opiniërend artikel
juni 2012
AA20120428

Unter Professoren

E.H. Hondius

In de Duitse universitaire wereld hebben zich in verleden geschillen voorgedaan tussen verschillende bekende juridische hoogleraren.

Opinie | Column
april 2007
AA20070301

Urgenda en de rol van de rechter

Over de ondraaglijke leegheid van de trias politica

G. Boogaard

Post thumbnail

In het Urgenda-vonnis motiveert de rechtbank haar uitspraak met het argument dat zij zich beperkt heeft tot haar eigen domein: de rechtstoepassing. Maar mag een rechter alles bevelen, als de inhoud maar klopt? Of moeten er vanuit de Trias Politica ook grenzen worden ontwikkeld voor een rechter die gelijk heeft?

Opinie | Tweeluik
januari 2016
AA20160026

Urgenda tegen de Staat der Nederlanden: aan wiens kant staat de Nederlandse burger eigenlijk?

O. Spijkers

Post thumbnail In het rechtbankvonnis (2015) in de Urgenda-zaak werd het nalaten van de Nederlandse Staat om de uitstoot van broeikasgassen vanuit Nederlands grondgebied tot een aanvaardbaar niveau terug te (doen) brengen, beschouwd als een schending van de zorgplicht (gevaarzetting) van artikel 6:162 lid 2 Burgerlijk Wetboek. Door dit nalaten bracht Nederland de eigen bevolking in gevaar. In 2018 kwalificeerde het gerechtshof datzelfde nalaten door de Staat als een schending van de mensenrechten van de Nederlandse bevolking, in het bijzonder het recht op leven en een schone leefomgeving. In deze bijdrage onderzoek ik of de Urgenda-zaak gezien kan worden als een succesvol voorbeeld van strategisch procederen voor mensenrechten, dat wil zeggen het op een strategische manier inzetten van een juridische procedure, waarin de mensenrechten centraal staan, om op deze wijze te proberen algemene beleids­wijzigingen teweeg te brengen in het belang van de samenleving als geheel. Daarbij kijk ik ook naar de reactie van de Nederlandse samen­leving op deze procedure. Die lijkt verdeeld. Sommige Nederlandse burgers beschouwen Urgenda als een stichting die moedig opkomt voor de goede zaak, anderen hebben juist meer sympathie voor de weifelende Nederlandse Staat.

Opinie | Opiniërend artikel
maart 2019
AA20190191

Vadertje staat op de sofa

H.D.S. van der Kaaij, A. Kristic

In dit redactionele artikel wordt allereerst de freudiaanse zienswijze op leiderschap in een land geschetst. Vervolgens wordt ingegaan op de uitwerking daarvan in de democratische rechtsstaat Nederland.

Opinie | Redactioneel
september 2008
AA20080595

VALS

A. Verbeke

Volgens columnist zijn mannen en vrouwen niet gelijk aan elkaar, maar ook niet gelijkwaardig.

Opinie | Column
maart 2003
AA20030143

Valse noot

M.V. Polak

Martijn Polak doet uit de doeken wat voor een vals plannetje hij had in de tijd dat hij annotator voor Ars Aequi was.

Opinie | Column
september 2019
AA20190656

Van ‘Hoevelaken-doctrine’ naar ‘jurisprudence of consequences’

M.L.M. Hertogh

Post thumbnail De meeste (bestuurs)rechters besteden veel tijd aan de totstandkoming van hun oordeel, maar zijn niet geïnteresseerd in de gevolgen van hun uitspraak. Hetzelfde geldt voor veel rechtswetenschappers. Maar juist in een tijd waarin het gezag van de rechter bijna dagelijks ter discussie staat, is het belangrijk dat er meer wetenschappelijk onderzoek wordt verricht naar de doorwerking van jurisprudentie in het overheidsoptreden en dat ook de rechter zich meer gevoelig toont voor de effecten van zijn oordeel.

Opinie | Amuse
februari 2013
AA20130096

Van de redactie

In dit artikel wordt stilgestaan bij de vernieuwing van het maandblad Ars Aequi dat vanaf 2008 gratis is voor studenten. Ook wordt er ingegaan op de nieuwe website.

Opinie | Redactioneel | Perspectief | Perspectiefartikel
januari 2008
AA20080005

Van de redactie

J.F. Glastra van Loon

Was de januari-aflevering gewijd aan onderwerpen benaderd vanuit de functionele rechtsleer, het gecombineerde februari-maart-nummer wil dezelfde en enkele andere onderwerpen door andere schrijvers laten belichten. Deze gezaghebbende schrijvers pretenderen onderling geen enkele homogeniteit, terwijl de opzet is geweest deze artikelen los van de vorige tot stand te brengen. De redactie beoogt met deze twee bijzondere afleveringen, die wegens de grote omvang ook het maartnummer voor zich opeisen, de belangstelling in de Nederlandse rechtsgeleerde wereld voor de algemene rechtsleer te stimuleren. Met name hoopt zij dat de belangstelling van de studenten gewekt wordt en dat de studenten in de toekomst meer clan nu het geval is, ingevoerd zullen worden in algemene aan de rechtswetenschap ten grondslag liggende problematiek.

Opinie | Redactioneel
februari 1967
AA19670081

Van Den Haag tot Wenen

Wereldreis in het Nederlands privaatrecht

B.A. Kuiper-Slendebroek

Post thumbnail Deze amuse is een verkenning van het grensgebied tussen internationaal recht en privaatrecht: de internationalisering van het Nederlands privaatrecht. Deze verkenning voert langs nationale en internationale rechtsbronnen en interpretatiemethoden, langs verdragsverplichtingen en de rol van de rechter, om via twee arresten van de Hoge Raad te eindigen bij de toepassing van internationale rechtsnormen in het Nederlandse aansprakelijkheidsrecht.

Opinie | Amuse
november 2021
AA20210974