Bijzonder nummer

De invloed van het Bürgerliches Gesetzbuch (1900) op de Nederlandse beoefening van het privaatrecht in de eerste decennia van de 20e eeuw

C.J.H. Jansen

Het Bürgerliches Gesetzbuch heeft na zijn afkondiging op 1 januari 1900 een niet te onderschatten invloed uitgeoefend op het begin 20e-eeuwse Nederlandse burgerlijk recht (zaken-, overeenkomsten- en buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht). Dit was geen nieuw verschijnsel. Het Duitse recht vormde al vanaf de 19e eeuw een inspiratiebron voor Nederlandse juristen.

Bijzonder nummer | Duits recht
juli 2014
AA20140516

De invloed van het EG-recht op het Nederlandse belastingrecht

H.P.A.M. van Arendonk

De betekenis van het recht van de Europese Gemeenschap op het belastingdomein van de lidstaten is de laatste jaren sterk toegenomen. De harmonisatie op het terrein van de BTW en accijnzen is voor velen, ook voor menig fiscalist, geruisloos ingevoerd. Alleen de tarieven zijn nog een nationale aangelegenheid. Het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap kent geen verplichting tot harmonisatie van de directe belastingen. Europese regelgeving op dit terrein heeft dan ook nauwelijks plaatsgevonden. De lidstaten willen de directe belastingen graag nationaal houden en blijven daarom vasthouden aan het unanimiteitsvereiste op fiscaal terrein. De jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Ge- meenschappen is van groot belang en levert nogal eens verrassende en voor de lidstaten onaangename uitspraken op. Tot slot komen in dit artikel nog onderwerpen aan de orde als fiscale staatssteun, fiscaal beleid en rechtsbescherming.

Bijzonder nummer | De toekomst van de Europese integratie
mei 2001
AA20010358

De invloed van rechtsbeginselen op de fiscale rechtsvinding

Ch.P.A. Geppaart

In dit artikel onderzoekt de auteur aan de hand van rechtsvinding die is gedaan in tal van rechterlijke uitspraken of twee beginselen die beiden om voorrang strijden in het belastingrecht, te weten het feit dat belasting alleen geheven kan worden uit hoofden van een wet én het feit dat er steeds meer rechtsverhoudingen beïnvloed worden door rechtsbeginselen.

Bijzonder nummer | Rechtsbeginselen
oktober 1991
AA19910912

De invloed van regelgeving van sportorganisaties op het civiele aansprakelijkheidsrecht

R.H.C. van Kleef

Post thumbnail

De sport kenmerkt zich door een grote hoeveelheid van eigen regelgeving. Veel van deze regelgeving is van tuchtrechtelijke aard en dient (mede) om schade te voorkomen. Denk bijvoorbeeld aan spelregels, pisteregels of aan standaarden voor stadionveiligheid. In dit artikel wordt gestreefd de status van deze regels in een civiele procedure te verduidelijken. In welke mate kan en moet tuchtrechtelijke regelgeving van sportorganisaties in aanmerking worden genomen bij het bepalen van de toepasselijke zorgvuldigheidsnorm?

Bijzonder nummer | Tuchtrecht
juli 2016
AA20160545

De kunst van het kopen: de wondere wereld van kunstaankopen door de Staat

E.M.J. Hardy

Post thumbnail Tussen 2015 en 2022 kocht de Nederlandse Staat tweemaal een schilderij van Rembrandt van de Franse bankiersfamilie De Rothschild. De kostprijs was in totaal € 255 miljoen, waarvan € 230 miljoen werd betaald met publiek geld. Welke regels gelden er voor niet begrote staatsaankopen als deze? Welke afwegingen worden er gemaakt en wat is de rol van het parlement? Over hoe de liefde voor kunst kan verbinden en verblinden.

Bijzonder nummer | Kunst & Recht
juli 2023
AA20230532

De kwetsbare verdachte

R. Horselenberg

Bijzonder nummer | Bewijs
juli 2010
AA20100509

De meer feitelijke kant van bewijs: een eye-opener?

D.F.H. Stein

Bijzonder nummer | Bewijs
juli 2010
AA20100450

De militaire dimensie van de Europese Unie

P.J. Teunissen

Deze bijdrage behandelt de geschiedenis van het debat over een Europese defensie, als achtergrond voor de onderhandelingen sinds 1998 over een autonome Europese strijdmacht voor interventie bij crises. Uiteengezet wordt voorts waarom het voor de Europese Unielanden niet zo gemakkelijk is zelfstandiger militair op te treden. Zij hebben een tekort aan middelen en kunnen zich ook om strategische redenen niet losmaken van de Verenigde Staten, de andere NAVO-landen en de andere Europese landen. In de kern is het een zeer politieke aangelegenheid.

Bijzonder nummer | De toekomst van de Europese integratie
mei 2001
AA20010395

De minister en zijn procureurs-generaal kunnen de pot op. Over rechtspreken en recht praten

W.A. Wagenaar

Het resultaat van rechtspsychologisch onderzoek leidt zelden tot een wijziging van de wet; wel tot aanbevelingen en richtlijnen van het College van procureurs-generaal, of tot Ministeriële Besluiten. Het gaat veelal over uiterst relevante problemen, maar de praktijk leert dat rechters zich vaak niets aantrekken van zulke oekazes, onder het argument dat zij alleen met de wet te maken hebben. Het Openbaar Ministerie ziet hierin een aanmoediging om zich ook niet aan de regels te houden en de politie spant zich tenslotte ook niet meer in als er kennelijk geen prijs op wordt gesteld. Een aantal inmiddels beruchte strafzaken dankt hieraan het gebrek aan kwaliteit dat door A-G Jörg onlangs aan de kaak is gesteld.

Bijzonder nummer | Krom~recht, over misstanden in het recht
juli 2005
AA20050605

De mogelijke rol van de rechtseconomie in de moderne rechtsstaat

B. Hessel

In dit artikel geeft de auteur op beknopte wijze zijn opvattingen weer over de rol van de rechtseconomie in de rechtsstaat. Daarbij gaat de auteur uit van diens eigen visie en vakgebied, het economisch publiekrecht. De auteur pleit tegen een verabsolutering van de rechtseconomie en wijst daarbij op de gevaren als de rechtseconoom de jurist overruled. Daarnaast plaatst de auteur als relationist enige kanttekeningen bij het neo-klassieke marktmodel van de School of Chicago.

Bijzonder nummer | Rechtseconomie
oktober 1990
AA19900645

De ongekende opleving van het noodrecht in de coronacrisis

Over de inzet van noodverordeningen en staatsnoodrecht ter infectieziektebestrijding

A.J. Wierenga

Post thumbnail Ons infectieziektebestrijdingsrecht bleek na de uitbraak van het coronavirus al snel volstrekt ontoereikend voor de noodzakelijk geachte maatregelen. De juridische queeste naar aanvullende bevoegdheden resulteerde uiteindelijk in een speciale coronawet. In langdurige afwachting van die wet werd intensief gebruik­gemaakt van het gemeentelijke noodrecht om het gat te dichten. Zelfs het staatsnoodrecht werd ingezet ter infectieziekte­bestrijding. Dit uitzonderlijke gebruik van het noodrecht staat centraal in dit artikel.

Bijzonder nummer | Crisis!
juli 2021
AA20210660

De oorlog in Vietnam

Achtergrond voor een juridische discussie

Ph.P. Everts

Een juridische beoordeling van de oorlog in Vietnam stuit op tweeërlei moeilijkheid: er is onzekerheid over de inhoud van het internationale recht, maar ernstiger is de onzekerheid over de werkelijkheid van de feiten waar dat recht op moet worden toegepast. Over de inhoud van het internationale recht, op het gebied van begrippen als interventie, agressie, collectieve zelfverdediging en op dat van het oorlogsrecht, handelt een deel van de hierna opgenomen artikelen. In deze bijdrage willen wij proberen uit de veelheid van gebeurtenissen en argumenten de achtergrond te destilleren waartegen die juridische beschouwingen moeten worden geplaatst. Het hier geschetste overzicht van de historische ontwikkelingen en van de achtergronden van de oorlog impliceert - alleen al door de beknoptheid - een selectie uit de feiten . De oorlog in Vietnam is een uiterst gecompliceerd conflict. Ik laat er hierna iets van zien. Maar die ingewikkeldheid mag ons niet in de verleiding brengen om dan maar helemaal niet te kiezen uit de feiten en om dan maar helemaal geen conclusies te trekken. Het hierna weergegevene zou nog sterk kunnen worden aangevuld en verfijnd. Het zou de hoofdlijnen van het betoog echter niet aantasten.

Bijzonder nummer
juli 1968
AA19680238