Vermogensrecht

Resultaat 481–492 van de 597 resultaten wordt getoond

Rekening en verantwoording binnen onbenoemde ‘samenwerking’

M.J.G.C. Raaijmakers

Hoge Raad 8 februari 1991, nr. 14095, ECLI:NL:HR:1991:ZC0139, NJ 1991, 338 (Schurer/Schurer) In dit arrest en de daarbij behorende noot is aan de orde welke rechtsverhouding er tussen drie broers is ontstaan bij de bedrijfsvoering over een boerderij. Deze vraag wordt niet geheel beantwoord. De Hoge Raad oordeelt wel dat er i.c. rekening en verantwoording dient te worden afgelegd. De samenwerking binnen het boerenbedrijf heeft zowel trekken van een familierechtelijke betrekking die resulteert in een natuurlijke verbintenis, aldus de annotator.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 1992
AA19920163

Rektifikatie Beantwoording rechtsvraag (192) fiscale aspecten van schadevergoeding

Ars Aequi Libri

Rectificatie van een eerdere beantwoording van een rechtsvraag.

Perspectief | Rechtsvraag
april 1990
AA19900244

Relatievermogensrecht geschetst

F. Schonewille

Post thumbnail Een heldere inleiding in de hoofdlijnen van het Relatievermogensrecht. De tekst wordt waar mogelijk verduidelijkt in schema’s. Een studiehulp bij het bestuderen en doorgronden van de leer- en handboeken.

9789069169064 - 02-12-2011

Repliek

J.H. Nieuwenhuis

Marcel Ruygvoorn reageert op de canonbijdrage van J.H. Nieuwenhuis uit april 2010 over Plas/Valburg. Met nawoord van J.H. Nieuwenhuis.

Opinie | Reactie/nawoord
oktober 2010
AA20100740

Representativiteit van procederende belangenorganisaties in algemeenbelangacties

R.A.J. van Gestel, D. Pistora

Post thumbnail Recent aangenomen moties in de Tweede Kamer illustreren de wens om strengere eisen te stellen aan belangenorganisaties die algemeenbelangacties ex artikel 3:305a BW willen starten. In deze bijdrage onderzoeken wij de aannames waarop de aanscherping van die representativiteitseis zijn gebaseerd en in hoeverre de risico’s die zich voordoen bij massaschadezaken ook hierbij spelen. Vervolgens kijken we in hoeverre soortgelijke risico’s zich voordoen in landen als India en Zuid-Afrika, waar geen representativiteitseis geldt. Onze conclusie luidt dat de aannames die aanleiding vormen voor strengere representativiteitseisen goeddeels ongegrond zijn, omdat de risico’s die daarmee voorkomen zouden moeten worden zich hierbij niet of nauwelijks voordoen. Integendeel, het aanscherpen van de toegang tot de rechter doet waarschijnlijk meer kwaad dan goed.

Bijzonder nummer | Reizen naar Recht
juli 2024
AA20240660

Restirolo-arrest

P.A. Stein

Hoge Raad 20 december 1974, ECLI:NL:HR:1974:AC5519, NJ 1975, 230 (BV Tamboer/BV Luxor Plastics). Ook bekend als Restirolo-arrest.

september 1975
AA19750556

Reuser q.q./Postbank

A.I.M. van Mierlo

Hoge Raad 22 april 2005, nr. C04/031HR, ECLI:NL:HR:2005:AS2688, RvdW 2005, 62, JIN 2005, 238 (Reuser q.q./Postbank) Een derde beslagene is niet bevoegd tot verrekening van een schuld en een vordering nadat er op de vordering beslag is gelegd. Daar bestaan echter op grond van art. 6:130 lid 2 BW uitzonderingen op. De vraag is ook nog aan de orde in hoeverre faillissement op deze situatie invloed heeft.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
mei 2006
AA20060363

Revindicatie na pakjesavond

J. Klijnsma

In dit amusante redactionele artikel wordt aan de hand van een Sinterklaasverhaal ingegaan op de schenking, eigendomsvoorbehoud en derdenbescherming.

Opinie | Redactioneel
december 2007
AA20070929

Revindicatie van data in de cloud

E.F. Verheul

Post thumbnail

Databestanden worden in toenemende mate opgeslagen in de cloud. Daardoor ontstaat een scheiding tussen feitelijke macht over het databestand en belang bij het desbetreffende bestand. In een zodanig geval rijst de vraag wat voor aanspraken degene heeft die het bestand heeft opgeslagen in de cloud, in het bijzonder in het faillissement van de cloudaanbieder. In deze bijdrage wordt onderzocht in hoeverre het mogelijk is om databestanden op te vorderen in faillissement en welke rol daarbij is weggelegd voor het goederenrecht.

Bijzonder nummer | De eigendom voorbij
juli 2018
AA20180578

Richtige Heffing-arresten

J.H. Christiaanse

Toepassingsmogelijkheden van artt. 31 e.v. AWR ten gunste van de fiscus bevestigt en versterkt RICHTIGE HEFFING-ARREST-I ANTILLEN-CONSTRUCTIE HR 22 juli 1982, nr. 20991 (mrs. Van Dijk, Van Vucht, Van der Vorm, Stoffer, Bloembergen)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
november 1982
AA19820660

Risicoaansprakelijkheden. Over verwachtingen, ontwikkelingen en verwachtingen

A.N.L. de Hoogh, S.D. Lindenbergh

Post thumbnail

Twintig jaar aansprakelijkheidsrecht is eigenlijk met geen pen te beschrijven. De verrassingen kwamen niet zozeer voort uit de invoering van het nieuwe recht in 1992, maar zijn veeleer het gevolg van baanbrekende rechtspraak. Het risico van uitbreiding van aansprakelijkheid dat bij de invoering van de nieuwe regeling inzake kwalitatieve aansprakelijkheden werd voorzien heeft zich niet op grote schaal verwezenlijkt. Behoedzame interpretatie door de rechter heeft ertoe geleid dat de zelfstandige betekenis van de regeling inzake kwalitatieve aansprakelijkheden naast de aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad beperkt is gebleven.

Rode draad | 20 jaar Nieuw BW
september 2012
AA20120669

Risicoverzwaring bij schadeverzekeringen

R. Feunekes

Dit proefschrift gaat over de verzwaring van de risco`s bij verzekeringen.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
mei 2002
AA20020364

Resultaat 481–492 van de 597 resultaten wordt getoond