Strafrecht en criminologie

Resultaat 481–492 van de 1297 resultaten wordt getoond

In het strafrecht zit een spelmoment

Interview met prof.mr. J. Remmelink, Procureur-Generaal bij de Hoge Raad

O. van Klinken, M. Veldt

Jan Remmelink werd in 1922 in Zelhem, in de Gelderse Achterhoek, geboren. In 1946 behaalde hij zijn doctoraal aan de universiteit van Utrecht en begon hij in een aanvangsfunctie bij het Openbaar Ministerie te Dordrecht. Remmelink promoveerde in 1951 bij Pompe, de befaamde leider van de Utrechtse School, op het proefschrift 'Onbevoegde uitoefening van beroepen in het Nederlandse Strafrecht'. In 1956 volgde zijn benoeming tot substituut-OvJ, ook in Dordrecht.In 1963 werd Remmelink benoemd tot hoogleraar Straf- en Strafprocesrecht aan de RU Groningen. Hij volgde daar Röling op, die zich geheel aan het volkenrecht en de polemologie ging wijden. In 1968 aanvaardde hij de positie van Advocaat-Generaal bij de Hoge Raad. De liefde voor het professoraat bleef echter en in 1970 volgde hij Gerard Mulder op als hoogleraar Strafrecht aan de VU. In 1988 volgde zijn benoeming tot Procureur-Generaal bij de Hoge Raad. Het jaar daarop wordt hij aan de VU emeritus. Zijn afscheidscollege was gewijd aan 'Tijd en plaats in het strafrecht'.Remmelink heeft zich in de loop der jaren met vele onderwerpen beziggehouden. Zijn voorkeur gaat echter duidelijk uit naar het materiële strafrecht. Dit blijkt onder andere uit zijn bewerkingen van Noyon/Langemeijer alsmede Hazewinkel-Suringa. Voorts hadden ook verkeersrecht, uitleveringsrecht en oorlogsstrafrecht (hij concludeerde in de Menten-zaak) zijn belangstelling. Nadat hij al eerder in een preadvies over gewetensbezwaren voor de NJV had doen blijken van zijn Lutherse geloofsovertuiging, schreef hij in 1989 voor de Calvinistische juristenvereniging een studie over Luther en het strafrecht.Remmelink, die voorts hoofdredacteur is van de Nederlandse Jurisprudentie en lid van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen, was enkele malen voorzitter van een commissie die de regering moest adviseren, met name over de positie van de bedreigde getuige en over de medische praktijk inzake de euthanasie. In 1991 hield hij de zogenaamde David de Wied-lecture gewijd aan strafrechtelijke aspecten van begin en einde van het menselijk leven. Dit jaar bereikt Remmelink de pensioengerechtigde leeftijd van 70 jaar. Op de dag waarop het spraakmakende `Borgers-arrest´ werd gewezen spraken wij met hem over zijn functie, het strafrecht en het functioneren van ons justitiële apparaat.

Verdieping | Interview
maart 1992
AA19920144

In the name of the Father

Een indringende confrontatie met de scherpe kanten van het strafproces

J. uit Beijerse

Post thumbnail Aan de hand van de film 'In name of the Father', waarin ten onrechte een jongeman wordt veroordeeld voor bomaanslagen gepleegd door de IRA, wordt ingegaan op het belang van rechtswaarborgen rondom het strafproces zoals het verbod op het uitoefenen van pressie tijdens het verhoor. Daarbij wordt de link gelegd met de Zaanse verhoormethode en de Schiedammer Parkmoord.

Blauwe pagina's | Recht en Cultuur
juni 2009
AA20090362

Inbedding van Europese procesrechtelijke normen in de Nederlandse rechtsorde (Digitaal boek)

M.V. Polak

Post thumbnail Dit boek is gewijd aan de inbedding van supranationale procesrechtelijke normen in de Nederlandse rechtsorde. Hoe gaan wetgever, rechter en bestuur in Nederland te werk bij hun pogingen Europese regelgeving en rechtspraak in te bedden in ons bestuurs-, straf- en burgerlijk procesrecht en welke lessen kunnen wij daaruit trekken?

9789069167145 - 23-08-2010

Incest en verjaring, waar blijft de wetgever?

P. van der Grinten, H. Moons

In dit redactionele artikel wordt ingegaan op de verjaring bij incest. De redacteuren bepleiten een andere manier van verjaring waarbij de verjaringstermijn pas begint te lopen bij het meerderjarig worden van het incestslachtoffer.

Opinie | Redactioneel
september 1991
AA19910602

Inderdaad, haaks op de WTL

Nawoord op bovenstaande reactie

M. van Dijk, A.C. Hendriks

In deze reactie op de reactie van Vink gaan de auteurs in op het artikel van Vink over hulp bij zelfdoding en stippen daarbij het zelfbeschikkingsrecht aan.

Opinie | Reactie/nawoord
oktober 2007
AA20070762

Infiltratie of informatie?

M. Bosch

Volkert van der G. doet er sinds 6 mei het zwijgen toe. Dat is zijn goed recht. Hebben justitie en politie dan helemaal niets om er achter te komen wat hem heeft bewogen? Sinds 1 februari 2000 kent het Wetboek van strafvordering een aantal undercovermethoden. In deze bijdrage komen twee van deze methoden aan bod: het inzetten van een infiltrant en het inzetten van een informant. Deze kan ongemerkt de verdachte benaderen en hem uithoren. Welke van deze twee methoden komt bij uitstek in aanmerking en past het justitie en politie eigenlijk wel op dergelijke misleidende manieren aan hun informatie te komen?

Verdieping | Verdiepend artikel
september 2002
AA20020604

Informatie over het recht op rechtsbijstand voor niet-aangehouden verdachten

J.W. Ouwerkerk

Hoge Raad 20 maart 2018, nr. 16/03113, ECLI:NL:HR:2018:368

Annotaties en wetgeving | Annotatie
juni 2018
AA20180519

Initiatief voor nog meer noodweer

A.J. Machielse

Post thumbnail Opiniërend artikel over een wetsvoorstel waarbij het wettelijk vermoeden wordt voorgesteld dat indien er sprake is van huisvredebreuk de belaagde persoon wordt vermoed uit noodweer te hebben gehandeld indien hij zich verdedigt tegen de aanrander.

Opinie | Opiniërend artikel
februari 2008
AA20080118

Inkomensafhankelijke verkeersboetes in de Wet Mulder? Nog steeds geen goed idee!

B. van der Vorm

Post thumbnail Er bestaat veel maatschappelijke onvrede over disproportioneel hoge verkeersboetes. Is het een idee om ten aanzien van verkeersboetes op grond van de Wet Mulder een inkomensafhankelijk boetesysteem te introduceren? In deze bijdrage betoog ik dat het niet verstandig is om deze weg te bewandelen.

Opinie | Opiniërend artikel
september 2026
AA20260705

Inleiding Materieel strafrecht in beweging

Th.W. van Veen

In dit eerste artikel bij de Rode draad 'Materieel strafrecht in beweging' wordt ingegaan op het Wetboek van Strafrecht waarbij aan bod komen: de betekenis van een wetboek, codificatie, bijzondere wetten, misdrijven, vrijheidsstraf, rechtspersonen, strafuitsluitingsgronden, strafbaar feit, handeling, gedraging en gebeurtenis. Dit alles vanuit een historisch perspectief.

Overig | Rode draad | Materieel strafrecht in beweging
januari 1994
AA19940005

Inleiding Rode draad ‘Materieel strafrecht in beweging’

M.A. Leijten, J. Postma, A. van Veen

In een tijd waarin er vooral veel aandacht was voor de formele kant van het strafrecht heeft de redactie besloten om het materieel strafrecht meer te belichten in een Rode draad. In verschillende artikelen komt de herrijking of verandering van het Wetboek van Strafrecht aan de orde. Zo zal er ingegaan worden op verschillende deelnemingsvormen, het al dan niet invoeren van nieuwe strafuitsluitingsgronden, functioneel daderschap en het introduceren van nieuwe delictsomschrijvingen.

Overig | Rode draad | Materieel strafrecht in beweging
januari 1994
AA19940004

Innovatie in het strafrecht: effectieve aanpak van cybercriminaliteit vergt brede bestrijding en verdient betere regulering

J. Bonnes, O. Divendal

Dit artikel bespreekt voorwaarden voor de inzet van strafvorderlijke bevoegdheden voor brede bestrijding van cybercriminaliteit, en hoe politie, Openbaar Ministerie en rechterlijke macht zich daartoe verhouden. Brede bestrijding is meer dan opsporen en vervolgen. Het omvat ook tegenhouden van daders, beperken van schade en beschermen van slachtoffers. Het verkrijgen van de hiertoe benodigde gegevens is onduidelijk geregeld. Die onduidelijkheid wordt vergroot doordat de rol van de rechter-commissaris in ontwikkeling is. Praktijkvoorbeelden illustreren de problematiek. Er wordt een concrete wetswijziging voorgesteld.

Verdieping | Verdiepend artikel
april 2024
AA20240320

Resultaat 481–492 van de 1297 resultaten wordt getoond