Staats- en bestuursrecht
Resultaat 445–456 van de 2093 resultaten wordt getoond
De zaak Thomas Lubanga: Disclosure-perikelen in de eerste Strafhof-zaak
G.G.J. Knoops
Internationaal Strafhof/International Criminal Court (ICC) 14 maart 2012, Case No. ICC-01/04-01/06 (Prosecutor v. Thomas Lubanga Dyilo) Noot bij een uitspraak van het Internationale Strafhof in de Lubanga zaak. In deze zaak was de zogenaamde openbaarheid van de stukken van de aanklager in het geding. In de noot gaat de annotator hier dieper op in en plaatst alles in het perspectief van de internationale strafprocedure en equality of arms. Zie de volledige uitspraak: Prosecutor v. Thomas Lubanga Dyilo
Annotaties en wetgeving | Annotatie
september 2009
AA20090566
Resultaat 445–456 van de 2093 resultaten wordt getoond





Na de inval op 24 februari 2022 van Rusland in Oekraïne verklaarde de Raad van de Europese Unie de Tijdelijke Beschermingsrichtlijn van toepassing op degenen die de oorlog ontvluchtten. Nederland verklaarde in eerste instantie die bescherming ruimhartig toe te zullen passen. Desalniettemin werd die bescherming al binnen een paar maanden weer beëindigd voor de categorie derdelanders die geen permanente verblijfsvergunning hadden in Oekraïne. In dit artikel onderzoekt Carolus Grütters of de Staatssecretaris van Justitie & Veiligheid die bevoegdheid wel heeft. Uitgelegd wordt wat de Tijdelijke Beschermingsrichtlijn van de EU precies inhoudt en wie daaronder vallen. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de merkwaardige wijze waarop een groep van derdelanders, die niet de Oekraïense nationaliteit hebben, in Nederland is behandeld en hoe verschillende vreemdelingenrechters daarover hebben geoordeeld.

Naar aanleiding van het recordbrekende aantal moties in 2022 stelt dit artikel de vraag wat een motie precies is, voor welke doelen de Kamer dit instrument gebruikt en wat dit instrument staatsrechtelijk relevant maakt. Beargumenteerd wordt voorts dat maatregelen om het aantal moties naar beneden te krijgen, zoals het instellen van quota, neerkomen op symptoombestrijding. Het recordaantal moties is namelijk niet het probleem, maar een uitingsverschijnsel van iets fundamentelers: de veranderende rolopvatting van de Kamer.