Staats- en bestuursrecht

Resultaat 433–444 van de 2093 resultaten wordt getoond

De Wet persoonsregistraties

P.J. Hustinx

Op 1 juli 1989 treedt in werking de Wet van 28 december 1988, Stb. 665, houdende regels ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer in verband met persoonsregistraties, beter bekend als de Wet persoonsregistraties (WPR). In deze wet wordt de aanleg en het gebruik van bestanden met persoonsgegevens voor het eerst aan algemene regels gebonden. Met deze regeling heeft de wetgever een nieuw terrein betreden, waarop zich de komende jaren nog wel meer interessante ontwikkelingen zullen voordoen. Voor een goed begrip van de wet is enig inzicht in haar voorgeschiedenis en verdere achtergronden onontbeerlijk. Na een uiteenzetting daarvan zullen in dit artikel de hoofdlijnen van de wet de revue laten passeren.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
juli 1989
AA19890669

De Wet raadgevend referendum

H.M.B. Breunese

Op 1 juli 2015 is de Wet raadgevend referendum (Wrr) in werking getreden. Op grond van deze wet kunnen kiezers een verzoek indienen tot het houden van een referendum over wetten en over de stilzwijgende goedkeuring van verdragen. Het woord ‘raadgevend’ in de titel van de wet brengt niet alleen tot uitdrukking dat het initiatief voor het referendum uitgaat van de kiezer,  maar ook dat de uitslag niet bindend is, maar de status heeft van een (zwaarwegend) advies. Voor de introductie van een bindend referendum is een wijziging van de Grondwet nodig. In deze bijdrage gaat Henk-Martijn Breunese in op de discussie die voorafging aan de invoering van de wet, en op de inhoud van de wet zelf.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
september 2015
AA20150709

De Wet samenhangende besluiten Awb

T.C. Borman

Deze wet, die afdeling 3.5 toevoegt aan de Awb, regelt de stroomlijning van besluiten die nodig zijn om één activiteit te ontplooien. De regeling heeft (mede) als doel de administratieve last van de burger te verlichten. In de afdeling is een onderdeel opgenomen dat de informatieverschaffing bij samenhangende en -lopende besluiten regelt en een facultatieve coördinatieregeling. In de wet worden deze regelingen nader besproken.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
oktober 2008
AA20080747

De Wet tijdelijk huisverbod

T.C. Borman, J.L.M. Janse

In dit artikel wordt ingegaan op op 1 januari 2009 in werking getreden 'Wet tijdelijk huisverbod' en een daarbij behorende AMvB. De wet ziet op de mogelijkheid om iemand die voor een ernstige dreiging van huiselijk geweld zorgt tijdelijk uit huis te plaatsen. In het artikel wordt ingegaan op de voorgeschiedenis van de wet. Vervolgens wordt er ingegaan op de criteria voor het opleggen van een huisverbod. Daarna komen de duur en strekking van het huisverbod aan de orde. Vervolgens wordt er ingegaan op de rol van de burgemeester als openbare orde verantwoordelijke en de rol van het strafrecht en het mandaat aan de hulpofficier van justitie. Daarna wordt er in twee paragrafen ingegaan op andere procedureregels, rechterlijke toetsing en rechtsbijstand. Daarop volgend komen hulpverlening, opvang, kindermishandeling en grondrechten aan de orde. Tenslotte wordt ingegaan op de evaluatiemogelijkheid die de wet biedt.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
januari 2009
AA20090060

De wetgever neemt normverdragen niet serieus

H. van der Most

Vanuit de problematiek rondom de Algemene Nabestaandenwet wordt ingegaan op de directe werking van normen uit verdragen. Er wordt ingegaan op een ieder verbindendheid van bepalingen uit verdragen.

Opinie | Opiniërend artikel
oktober 1998
AA19980816

De wetgevingsjurist: croupier of poortwachter?

R.A.J. van Gestel

Post thumbnail Wetgevingsjuristen worden momenteel meer gedrukt in de rol van coproducenten van beleid dan in die van poortwachters die onrechtmatige wetgeving helpen tegenhouden. Wanneer we vinden dat wetgevingsjuristen een belangrijke rol hebben bij het bewaken van de effectiviteit en rechtsstatelijkheid van wetgeving verdient hun vermogen tot het bieden van tegenspraak versterking.

Blauwe pagina's | Recht en politiek
april 2020
AA20200316

De wetten moeten schendbaar zijn!

P. Elverding

Het tweede lid van artikel 131 Grondwet luidt: ‘De wetten zijn onschendbaar. Deze bepaling, die de rechter verbiedt formele wetten te toetsen aan de Grondwet, zou volgens sommigen bij wijziging van de Grondwet herzien moeten worden. Zowel de samenstellers van de Proeve van een nieuwe Grondwet (1966) als een meerderheid van de leden van de Staatscommissie van advies in zake de Grondwet en de Kieswet (tweede rapport) stellen een herziening van artikel 131 lid 2 Grondwet voor’. De voorgestelde veranderingen zouden erop neerkomen dat de rechter de bevoegdheid krijgt wettelijke voorschriften buiten toepassing te la ten als toepassing van die voorschriften niet verenigbaar zou zijn met de grondrechten. De rechter zou dus bij invoering van deze verandering de wetten niet mogen toetsen aan andere bepalingen uit de Grondwet. Zowel de Staat commissie als de samenstellers van de Proeve willen de grondrechten, al dan niet gewijzigd, tezamen brengen in het eerste hoofdstuk van een eventueel vernieuwde Grondwet. Als ik in onderstaande beschouwing zal spreken over toetsing aan grondrechten, wordt, tenzij anders vermeld, bedoeld, de bezigheid van de gewone rechter te beoordelen of in een hem voorgelegd geval de wet in overeenstemming is met de dan vigerende grondrechten in de nationale Grondwet. De vraag is: is het wenselijk de rechter tot een dergelijke beoordeling te verplichten? Daartoe zal ik een overzicht geven van de voor- en nadelen van het toetsingsrecht, terwijl nader zal worden ingegaan op de betekenis van de grondrechten.

januari 1970
AA19700490

De wind in de zeilen voor windenergie of toch niet helemaal?

Het opwekken van duurzame energie is geen prioritair belang

A.G.A. Nijmeijer

Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State (ABRvS) 19 december 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY6671, LJN: BY6671, nr. 201204057/1/R1 (Prodeon)
 
Weigering door Provinciale Staten van Overijssel om een inpassingsplan vast te stellen ten behoeve van de bouw van een windturbinepark. Zoekgebieden voor opwekking van duurzame energie. Betekenis provinciale Omgevingsvisie en Omgevingsverordening voor belangenafweging. Vaststellen inpassingsplan is discretionaire bevoegdheid.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
mei 2013
AA20130390

De wisselwerking tussen Europees en nationaal bestuursrecht: nog geen probleemloos samengegaan

M. Scheltema

In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag hoe de onderlinge verhouding tussen Europees en nationaal bestuursrecht het best vorm kan krijgen. Daarbij staat het algemeen deel van het bestuursrecht of wat daartoe zou kunnen behoren centraal. Duidelijk zal worden dat keuzes gemaakt moeten worden, omdat er wel degelijk het gevaar bestaat dat de ontwikkeling op het ene gebied de kwaliteit van het recht op het andere gebied verstoort. Aangezien het Europese recht steeds boven het nationale recht gaat, betekent dit in de praktijk dat een ondoordachte vormgeving van het communautaire bestuursrecht ten koste kan gaan van het nationale bestuursrecht.

Bijzonder nummer | Rechtsharmonie - Wetsharmonie
mei 1996
AA19960363

De Wob op de schop

A.W. Hins

Post thumbnail Informatie is voor journalisten een noodzakelijke grondstof, zoals meel voor een bakker of goud voor een goudsmid. Het product dat een journalist maakt noemen we ‘nieuws’. Voor de democratie is het van groot belang dat onafhankelijke media nieuws brengen over de wijze waarop de overheid haar taken vervult. Zo kunnen burgers goed geïnformeerd besluiten aan welke politieke partij zij bij de volgende verkiezingen hun stem zullen geven. Een belangrijk hulpmiddel om aan informatie te komen is de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Openbaarheid van informatie is essentieel voor de kwaliteit van de democratie, samen met de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van nieuwsgaring en waarborgen tegen monopolievorming in de media.

Blauwe pagina's | Recht en Media
mei 2011
AA20110334

UCERF 9 - Actuele ontwikkelingen in het familierecht

De X factor: genderidentiteit en geslachtsregistratie

M. van den Brink

Marjolein van den Brink doet in deze bijdrage over trans*genders verslag van een omvangrijk rechtsvergelijkend onderzoek.

De zaak L.

C.F. Rüter

Berechting van oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid, begaan tijdens de tweede wereldoorlog. Legaliteit en rechtsmacht.

juli 1977
AA19770512

Resultaat 433–444 van de 2093 resultaten wordt getoond