Sociaal-economisch recht

Ondernemings- en effectenrecht 2023-2024

Ars Aequi Libri

Post thumbnail Selectie van de belangrijkste wet- en regelgeving op het gebied van het ondernemings- en effectenrecht zoals deze geldt op 1 oktober 2023. De wetsartikelen zijn in de marge voorzien van toelichtende kopjes en de bundel bevat een uitgebreid trefwoordenregister.

9789493333024 - 02-11-2023

Ondernemingsrecht 2025-2026

R.H.M. van Meerwijk, G.J.H. van der Sangen

Post thumbnail Selectie van de belangrijkste wet- en regelgeving op het gebied van ondernemingsrecht zoals deze geldt op 1 juli 2025. De wetsartikelen zijn in de marge voorzien van toelichtende kopjes.

9789493333468 - 15-08-2025

Ondernemingsrecht en effectiviteit

B. Geersing

De betekenis van wetgeving zal in de toekomst nog in belang toenemen. Die stelling lijkt gerechtvaardigd als sociale wetenschappers uitspreken, dat de wetgeving de werkgever tot verbetering van de kwaliteit van de arbeid zal moeren dwingen. De situatie wordt ingewikkelder als tevens uit geschriften van sociale wetenschappers twijfel blijkt over de deskundigheid van vele wettenmakers op hun terrein. Ondeskundigheid, omdat voldoende kennis over een bepaald werkelijkheidsgebied plus de kennis over de effecten, van de op grond van die deskundigheid getroffen wettelijke maatregelen, niet bestaat. Ook bij juristen bestaat ontevredenheid over het wetgevingsproces. Het ministerie van Sociale Zaken wordt verweten geen goede reputatie te hebben op het terrein van wetgeving. In dit verwijt wordt vooral kritiek op de onduidelijke formuleringen in de WOR '79 geuit. Bovendien wordt door juristen gesteld, dat de wetgever in zijn taak te kort schiet, ingrijpende veranderingen in de samenleving te beantwoorden met de vorming van nieuw recht. In de jaarvergadering van de Nederlandse Juristenvereniging (NJV) van 1979 wordt uitvoerig kritiek geuit op het bestaande wetgevingsproces. Preadviseur Scheltema stelt daarbij uitdrukkelijk het vraagstuk van de effectiviteit van wetgeving aan de orde. Hij constateert een ernstig gebrek aan kennis omtrent dit vraagstuk. Vragen naar effecten van wetten, naar het ontstaan van niet voorziene en wellicht schadelijke neveneffecten, naar het juiste sanctiesysteem, en naar beter werkende alternatieven, worden volgens hem nauwelijks gesteld. Het macabere is, dat de discussie naar aanleiding van de beide preadviezen, zijn stelling bevestigt. De enige. die meer dan terloopse aandacht aan het vraagstuk van de effectiviteit besteedt is afkomstig uit dezelfde vakgroep van de RU Groningen als waartoe de preadviseur behoort. Het ontbreken van voldoende empirisch materiaal behoeft ons er niet van te weerhouden het vraagstuk van de effectiviteit aan te pakken, zo menen anderen. Het onderscheid tussen de adressanten- en de adressaten-positie, kan al leiden tot enige theorievorming vanuit de adressaten-optiek. Men zou zich moeten afvragen: 'Hoe zou je procedure en inhoud moeten aanpassen aan de behoeften van mensen? Waarom zouden we dan ook niet de slogan '"wetgeving met een menselijk gezicht" aanheffen?' aldus Van Maarseveen, een voorstander van deze theorievorming.

Meesters-column
januari 1981
AA19810014

Oneerlijke bedingen in leningen luidend in vreemde valuta

D. Busch

Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ EU) 10 juni 2021, C-776/19 t/m C-782/19, ECLI:EU:C:2021:470 (VB e.a./BNP Paribas Personal Finance SA & AV e.a./BNP Paribas Personal Finance SA en Procureur de la République)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
februari 2022
AA20220127

Ongedeelde smart!

P. Werdmuller, R. de Winter

In dit redactionele artikel wordt ingegaan op de nieuw in te voeren van het aansprakelijkheidsrecht van automobilisten in het verkeer waarbij zij altijd voor de volledige schade aansprakelijk zijn indien zij in aanraking komen met andere weggebruikers dan automobilisten.

Opinie | Redactioneel
juli 1996
AA19960483

Ongehoord Nederland! Underdog en waakhond

A.W. Hins

Post thumbnail Hoeveel ruimte moet er binnen de publieke omroep blijven voor een omroepvereniging met een radicaal andere visie op goede journalistiek? Enerzijds is het de taak van de raad van bestuur van de NPO ervoor te waken dat alle publieke media-instellingen betrouwbaar, zorgvuldig en professioneel handelen. Daar staat tegenover dat Nederland een lange traditie heeft van ideologisch geprofileerde omroepen die elk hun eigen visie op de waarheid mochten verkondigen.

Opinie | Opiniërend artikel
februari 2023
AA20230114

Ongelijke onderhandelingspositie en het arbeidsrecht

A. Vandenberghe

Onderstaand artikel behandeld de zogenaamde ongelijke verdeling tussen de werknemer en werkgever op het moment dat er een arbeidsovereenkomst wordt gesloten.

Opinie | Opiniërend artikel
juni 2004
AA20040412

Ongewenste ongeadresseerde brievenbusreclame: aan stickers kleven nogal wat bezwaren

D.J.G. Visser

Artikel bij de rode draad 'Recht en reclame' over de zelfregulering in de reclamebranch. Er wordt ingegaan op het fenomeen van de 'ongewenst reclamedrukwerk'-stickers. Waar dit vroeger een bijzonder fenomeen was, is de sticker tegenwoordig alom aanwezig. In dit artikel wordt besproken hoe dit systeem tot stand is gekomen en welke raakvlakken het heeft met het recht.

Overig | Rode draad | Recht en reclame
februari 1993
AA19930086

Ontbinding, opzegtermijn en WW-uitkering; de kantonrechter als uitkeringsinstantie?

J. Riphagen

Centrale Raad van Beroep (CRvB) 9 april 1991, ECLI:NL:CRVB:1991:ZB2042, nr. WW1988/412, W 1989/312 In deze uitspraak van de CRvB werd ingegaan op het destijds nieuwe WW-recht. De CRvB oordeelt dat een werknemer die krachtens art. 1639w BW (oud) een vergoeding krijgt toegewezen bij de bepaling van de WW-uitkering de voornoemde vergoeding buiten beschouwing moet blijven. In de noot wordt dieper op deze uitspraak ingegaan en bekeken hoe deze uitspraak invloed kan hebben op het ontslagrecht.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
april 1992
AA19920212

Ontslag in Nederland en België

N. Zekic

Post thumbnail

Het is allerminst eenvoudig rechtsvergelijking te doen op het gebied van het arbeidsrecht. Dit heeft onder andere te maken met de vele bronnen. Naast wetten zijn in het arbeidsrecht bijvoorbeeld collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) heel belangrijk. In deze bijdrage toont Nuna Zekic het belang van het betrekken van de inhoud van cao’s bij rechtsvergelijkend onderzoek op het gebied van arbeidsrecht door de regels omtrent ontslag zoals ze in Nederland en België gelden met elkaar te vergelijken, waarbij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst op initiatief van de werkgever centraal staat.

Overig | Rode draad | Over de grenzen van het recht
december 2011
AA20110897

Ontslag in proeftijd en misbruik van bevoegdheid

J. Riphagen

Hoge Raad 13 januari 1995, nr. 15542, ECLI:NL:HR:1995:ZC1607, JAR 1995/35 (Codfried/ISS) Uit de aard van de in artikel 7A:1639n BW aan partijen gegeven bevoegdheid tot ontslag in proeftijd vloeit niet voort dat deze niet kan worden misbruikt. Van een zodanig misbruik kan sprake zijn indien zou moeten worden aangenomen dat het proeftijd ontslag berustte op discriminatie. Het is niet uitgesloten dat ongelijke behandeling op grond van leeftijd in strijd komt met artikel 1 Grondwet en artikel 26 IVBPR. Nagegaan moet worden of beëindiging van de dienstbetrekking op de enkele grond dat de werknemer de 65-jarige leeftijd heeft bereikt, berust op redelijke en objectieve gronden. In casu is dat het geval.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
november 1996
AA19960703

Ontslag: handdruk verplicht

P.F. van der Heijden

Na de beschrijving van een casus waarbij een ontslagen werknemer na een ontslagvergunning te rade gaat bij de kantonrechter alwaar deze ontslagen werknemer een ontslagvergoeding verkrijgt wegens onredelijkheid van het ontslag gaat de schrijver in op de wenselijkheid van zulke ontslagvergoedingen bij niet verwijtbare werknemers die ontslagen worden. De auteur gaat daarbij ook in op de inrichting van het Nederlandse ontslagrecht.

Opinie | Opiniërend artikel
november 1996
AA19960688