Resultaat 1–12 van de 33 resultaten wordt getoond

Bestuursrecht na de toeslagenaffaire: hoe nu verder?

L. van den Berge

Post thumbnail Het komt zelden voor dat de stand van het Nederlandse bestuursrecht wordt besproken aan de nationale talkshowtafels en in landelijke kranten, maar in de nasleep van de toeslagenaffaire was het dan zo ver. Sindsdien verkeren de betrokken instituties in een complex proces van reflectie en bezinning. Een uitweg uit de crisis is alleen mogelijk als zij daarbij de moeilijkste vragen niet uit de weg gaan.

Verdieping | Verdiepend artikel
November 2021
AA20210987

Cassatieverlof in 1997?

P. Schaik

Enkele maanden voor de val van het vorige kabinet verscheen een belangrijke notitie. Hierin deed de voormalig minister van justitie Korthals Altes voorstellen om in de jaren negentig te komen tpt een volledig nieuwe structuur van de rechterlijke organisatie. Deel van dit omvangrijke plan is het invoeren van een systeem tot verlofcassatie. De adviserende Staatscommissie Herziening Rechterlijke Organisatie had steeds afwijzend gestaan tegenover dit idee. Dit artikel beoogt in het kort aan te geven welke argumenten over en weer zijn aangevoerd. Daarnaast betoogt de schrijver dat de inbreuk op het huidige stelsel veel minder groot is dan zij op eerste gezicht lijkt.

Verdieping | Studentartikel
Maart 1990
AA19900137

Cryptische en heldere lessen van rechters en bestuurders

Bruikbaarheid van bestuursrechtelijke jurisprudentie als kenbron van recht

A.R. Neerhof

In hoeverre bieden rechterlijke uitspraken in het bestuursrecht duidelijke regels? Formuleren bestuursrechters hun uitspraken zodanig dat deze bestuursorganen, burgers en hun juridische adviseurs inzicht bieden in de wijze waarop toekomstige soortgelijke geschillen worden beslist? Welke factoren bepalen de mate waarin rechters op het terrein van het bestuursrecht beslissingen nemen die houvast bieden in soortgelijke gevallen? Uit het dissertatie-onderzoek blijkt dat sommige rechters hun functie van beslechter van concrete geschillen laten prevaleren boven hun algemene rechtsvormende taak. De rechter blijkt ook niet altijd even geschikt te zijn als wetgever-plaatsvervanger als de wet zelf onduidelijk is. Door middel van bestuursrechtspraak in twee instanties in het gehele bestuursrecht kan de wetgever de ontwikkeling van duidelijke jurisprudentieregels stimuleren. Als wordt gezorgd voor voldoende coördinatie binnen rechtscolleges en als adequater gebruik wordt gemaakt van informatiesystemen, kan jurisprudentie tot ontwikkeling komen die meer houvast biedt.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
April 1995
AA19950312

De amicus curiae: een instrument voor rechtsvorming of ook voor rechtsbescherming?

J.E. Esser, Y.E. Schuurmans, R. Stolk

Post thumbnail De amicus curiae is in het Nederlandse recht aan een opmars bezig. Amici geven inzicht in de juridische en maatschappelijke gevolgen die de uitspraak van de rechter heeft. In het Nederlandse (bestuurs)recht ziet men vooral een rol voor de amicus bij rechtsvorming, waardoor er vrij veel eisen worden gesteld aan deze derdeninbreng. In dit artikel plaatsen we die benadering in een internationale context en vragen aandacht voor de bijdrage die de amicus kan leveren aan effectieve rechtsbescherming.

Verdieping | Verdiepend artikel
Januari 2019
AA20190009

De conclusie in het bestuursrecht: van pionieren naar oogsten?

R.J.N. Schlössels

Post thumbnail

De afgelopen jaren is het bestuursprocesrecht vertrouwd geraakt met het verschijnsel ‘conclusie’ (art. 8:12a Awb). In deze bijdrage wordt aan de hand van de tot op heden genomen conclusies ingegaan op de vraag of de verwachtingen in kwantitatieve en kwalitatieve zin zijn uitgekomen. Tevens wordt bezien hoe de voordelen van het conclusiestelsel nog beter tot hun recht kunnen komen.

Opinie | Opiniërend artikel
Oktober 2021
AA20210916

De hoogste raad

J. Broekhuizen, M.F.J. Haak

In dit redactionele artikel wordt ingegaan op de derde fase van herziening van de rechterlijke macht waarbij aan de orde is hoe het bestuursprocesrecht moet worden hervormd zodat er minder hoogste bestuursrechters zijn en er meer rechtseenheid gecreëerd wordt. Door de auteurs worden meerdere suggesties gedaan waarbij de voor- en nadelen kort de revue passeren.

Opinie | Redactioneel
April 1995
AA19950241

De nieuwe structuur van de Raad van State

A.Q.C. Tak

De Eerste Kamer is onlangs met grote tegenzin akkoord gegaan met een wetsvoorstel dat voorziet in een nieuwe structuur van de Raad van State. Hoe is deze nieuwe structuur van de Raad van State en waarom was zij nodig? Twan Tak noemt de hoofdpunten, maar gaat vooral in op wat er niet geregeld wordt: de reeds in 1994 beloofde definitieve vormgeving van het hoger beroep en de rechtseenheidsvoorziening in de bestuursrechtspraak. Volgens hem lijkt de eigenlijke functie van de wet juist het (definitief) ontlopen van die belofte en het verder verankeren en verstevigen van de reeds vóór 1994 bestaande versnippering van de Nederlandse bestuursrechtspraak onder de informele leiding van de Raad van State.

Opinie | Opiniërend artikel
November 2010
AA20100782

De rechter veroordeeld

A. van Veen, A.J. Verheij

In dit redactionele artikel wordt ingegaan op de omgang van de burgers met de rechterlijke macht in Nederland en Engeland. In Engeland wordt ieder jaar een lijst van slects presterende rechters gepubliceerd in een juridisch tijdschrift. In het artikel wordt betoogd dat dit in Nederland afbreuk zou doen in het vertrouwen van de rechterlijke macht en de symboolfunctie voor het recht die rechters hebben.

Opinie | Redactioneel
Juli 1994
AA19940485

De rechtsstaat en de toeslagenaffaire: over frames, feiten en recht(vaardigheid)

M.J.A.M. Ahsmann

Post thumbnail Frames kunnen verstorend werken voor de rechtsstaat en de rechtspraak, feiten zijn nodig om teleurstelling (en erger, zoals de toeslagenaffaire en de bestorming van Capitol Hill) te voorkomen.

Opinie | Opiniërend artikel
Maart 2021
AA20210235

Eenheid van recht is buitengewoon belangrijk

Interview met prof.mr. M. Scheltema, hoogleraar Bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en regeringscommissaris voor de Algemene wet bestuursrecht

M.A. Leijten, G.T.M.J. Raaijmakers

Michiel Scheltema werd geboren in juni 1939 te 's Gravenhage. Hij studeerde Nederlands recht aan de Rijksuniversiteit Leiden van 1957 tot 1964. Na die studie studeerde hij een jaar aan de Harvard Law School. Van 1965 tot 1972 was hij wetgevingsambtenaar op het ministerie van Justitie, waar hij wegging toen hij hoogleraar bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen werd. Begin jaren tachtig was hij staatssecretaris van Justitie. Sinds 1983 is hij naast hoogleraar regeringscommissaris voor de Algemene wet bestuursrecht.

Verdieping | Interview
November 1993
AA19930804

Europees privaatrecht: over de bevoegdheidsverdeling tussen Unie en Lid-Staat met betrekking tot het eigendomsrecht

S.E. Bartels

De afgelopen jaren is de aandacht voor Europees privaatrecht enorm toegenomen. Deze trend richt zich ook op het goederenrecht. Zwalve merkte onlangs bijvoorbeeld op dat harmonisatie van het zakenrecht hem een goed idee lijkt. In de literatuur wordt echter nogal eens betoogd dat de EG geen competentie heeft op dit rechtsgebied, omdat artikel 222 EG-Verdrag bepaalt dat het Verdrag het eigendomsrecht van de Lid-Staten onverlet Iaat. In dit opstel worden de gevolgen van artikel 222 voor het Europees privaatrecht besproken.

Verdieping | Studentartikel
April 1995
AA19950244

Frustratie van cassatie?

M. Scheffers, J. van Wielink

Redactioneel artikel over een nieuw stelsel van cassatie in strafzaken waarbij voor sommige straffen geen mogelijkheid tot cassatie meer openstaat en er sprake is van verplichte procesvertegenwoordiging. Ook wordt er stilgestaan bij een systeem waarbij gewerkt wordt met een verlofstelsel voor zaken die de rechtszekerheid en -eenheid dienen.

Opinie | Redactioneel
Januari 1997
AA19970004

Resultaat 1–12 van de 33 resultaten wordt getoond