Showing 1–12 of 98 results

‘I love Verkeersboetes’

T. Kodrzycki, A. Ringnalda

Een verzekering tot het vergoeden van verkeersboetes is om meerdere reden juridisch niet aanvaardbaar. Onder andere de openbare orde.

Opinie | Redactioneel
Mei 2006
AA20060325

Betwist gezag bij uitzetting van asielzoekers

Wie is de baas over de politie?

J.G. Brouwer, A.E. Schilder

Met een beroep op hun verantwoordelijkheid voor de handhaving van de openbare orde en de hulpverlening belemmeren burgemeesters tegenwoordig nog wel eens een door de Minister voor Immigratie, Integratie en Asiel gelaste uitzetting van vreemdelingen. Dit leidt tot ernstige loyaliteitsproblemen voor de politie; aan wie moet zij nu gehoorzamen, aan de minister of aan de burgemeester?

Opinie | Opiniërend artikel
November 2012
AA20120803

Burgemeester, openbare orde en noodrecht

Rechtsvraag (323) Staatsrecht

J.L.W. Broeksteeg

In deze rechtsvraag komt aan de orde welke bevoegdheden de burgemeester bij de openbare orde handhaving heeft.

Perspectief | Rechtsvraag
Juni 2005
AA20050524

De Politiewet 1993: de slechtste wet van Nederland

H.Ph.J.A.M. Hennekens

Prof.mr. H.Ph.J.A.M. Hennekens betoogt dat de Politiewet 1993 de slechtste wet is die hij kent. Aan de orde komen: openbare orde, strafrechtelijke handhaving, gezagsdragers, beheerder van de politie, zeggenschap van het Rijk en het driehoeksoverleg.

Opinie | Opiniërend artikel
Juni 1998
AA19980579

De veilige stad als collectief doel

E.W. Kolthoff, J.W. Sap

Wat moeten we verstaan onder de veilige stad? Vanuit juridische, criminologische, historische en culturele visies, geven de auteurs antwoorden op brandende vragen van vandaag.

9789492766687 - 8-5-2019

Doorberekening van politiekosten voor de handhaving van de openbare orde

F.C.M.A. Michiels

In dit opiniërende artikel wordt ingegaan op het verhalen van kosten voor openbare orde handhaving op verstoorders. Er wordt ingegaan op de aanleiding voor het artikel en een oplossing voor het probleem.

Opinie | Opiniërend artikel
Januari 2005
AA20050025

Evangelisatie in Ede: eerbied voor grondrechten?

A.J. Akkermans

In deze uitspraak van de Afdeling rechtspraak Raad van State wordt ingegaan op het niet verlenen van een vergunning voor een bepaald gedeelte van een evangelisatiecampagne in Ede. De Afdeling overweegt dat daar er een grondrecht in het geding is, er zorgvuldig door het bestuursorgaan dient te worden afgewogen of het niet verlenen van de vergunning niet een al te zware belemmering van het uitoefenen van dit grondrecht is. De Afdeling oordeelt dat dit niet het geval is en dat het gevaar voor de openbare orde zwaarder weegt dan het uitoefenen van het voornoemde grondrecht. In de noot wordt ingegaan op het feit dat het grondrecht niet benoemd wordt en of er grondrechten zijn die voorgaan op andere grondrechten.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Oktober 1992
AA19920610

Het Daschner Dilemma

Dreigen met foltering om levens te redden

S. Garvelink

Op 30 juni 2008 deed het Europese Hof voor de Rechten van de Mens uitspraak in de geruchtmakende zaak Gäfgen tegen Duitsland. Het ging daar onder meer om de vraag of levensbedreigende situaties aanleiding kunnen zijn om het taboe op foltering in de rechtsstaat te doorbreken. Dit artikel geeft een overzicht van de feitenen procedures en gaat in op de rechtsfilosofische achtergronden.

Verdieping | Studentartikel
Januari 2009
AA20090022

Het recht van vereniging en de ‘anti-democratische’ organisatie

B. Oosting

Na alle commotie rond de opvoering van Fassbinders vermeende antisemitische toneelstuk 'Het vuil, de stad en de dood' zijn de extremistische 'anti-democratische' groeperingen weer in het middelpunt van de belangstelling komen te staan.Hierdoor kwam de vraag naar de mogelijkheden tot juridische bestrijding van dergelijke organisaties prominent in beeld. Het meest geëigende instrument dat het Nederlandse recht kent is de beperking van het in de Grondwet neergelegde recht van vereniging door de artikelen 15 en 16 boek 2 BW. Door middel van deze artikelen kunnen organisaties verboden worden verklaard en/of worden ontbonden. In dit artikel volgt een beschouwing over de vraag of een democratie zich mag verweren tegen 'anti-democratische' organisaties en, zo ja, hoe ver men hierin mag gaan.Hierbij zal tevens het wetsontwerp verboden rechtspersonen, waarvan de parlementaire behandeling (1988) inmiddels is gevorderd tot en met het voorlopig verslag Eerste Kamer, aan de orde komen.

Verdieping | Studentartikel
Juni 1988
AA19880359

Het straatverbod: onbeperkte toepassing?

A. Holwerda

Het straatverbod blijkt de laatste tijd een veelbeproefd juridisch instrument voor mensen die worden lastiggevallen of dreigen te worden lastiggevallen. Tot nu toe heeft de rechter zich zeer gevoelig getoond voor de noden en behoeften van degenen die in kort geding een verbod eisten. Bestudering van de rechtspraak maakt een groeiende bekommernis zichtbaar met de positie van slachtoffers van onrechtmatige gedragingen. Deze constatering leidt tot de vraag naar de juridische begrenzingen van het straatverbod. Hoe ver kan en mag de rechter gaan bij het honoreren van de behoefte van eiser(es) om verschoond te blijven van ongewenste confrontaties? Waar komt een straatverbod in strijd met het belang van de gedaagde om onder zo min mogelijk vrijheidsbeperkende maatregelen te leven? Het is dit probleem van de verenigbaarheid van straatverboden met het grondrecht van bewegingsvrijheid welke het onderwerp vormt van dit artikel. Aan de hand van enkele markante gevallen uit de rechtspraktijk zal ik proberen aan te geven wat ik, gelet op het grondrecht van bewegingsvrijheid, nog een toelaatbare toepassing van het straatverbod acht.

Overig | Rode draad | Slachtoffers van delicten
Maart 1989
AA19890175

Hoofdstukken openbare-orderecht

A.E.M. van den Berg, J.H.A. van der Grinten, A.E. Schilder

In dit boek worden de afzonderlijke openbare-ordebevoegdheden beschreven waarbij steeds
aandacht wordt besteed aan de wetsgeschiedenis, de toepassingsmogelijkheden van de bevoegdheid, het gebruik ervan in de praktijk, en de mogelijkheden tot rechtsbescherming.

9789069166339 - 2-7-2015

Internationaal privaatrecht: verstoting in Nederland

Th.M. de Boer

In dit arrest, dat is gewezen nadat cassatie in belang der wet was ingesteld, komt aan de orde in hoeverre een verstoting van een vrouw door een man, ookal stemt de vrouw met deze verstoting instemt, rechtsgevolg heeft. De Hoge Raad erkent zo een verstoting niet. In de noot wordt hier dieper op ingegaan en wordt er ook ingegaan op de erkenning van buitenlandse echtscheidingen op basis van de Wet Conflictenrecht Echtscheiding.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
Maart 1988
AA19880182

Showing 1–12 of 98 results