Maandbladartikel

Leeftijd, differentiatie of discriminatie?

H. van Maarseveen

Evenmin als het begrip 'de jongere' een relatie heeft met werkelijke jongeren, heeft het begrip 'de oudere' dat met werkelijke, oudere mensen. Geen jongere of oudere herkent zichzelf in de oordelen, vooroordelen, karakteristieken en toeschrijvingen die in deze begrippen liggen opgesloten. De basis van beide begrippen is leeftijd, gemeten volgens de gregoriaanse kalender. Dat is ogenschijnlijk een objectief criterium, net zoals geslacht of ras. De vraag is of het criterium wel zo'n vanzelfsprekende maatstaf mag zijn om mensen verschillend te behandelen. Om die vraag loopt men in Nederland gemakkelijker heen dan elders. Onderstaande bijdrage beoogt op dit punt 'legal consciousness raising'. Leeftijd is niet zo'n onverdacht criterium om een verschillende rechtsbedeling te rechtvaardigen.

Bijzonder nummer | Ouderenrecht
oktober 1988
AA19880627

Leeftijdsdiscriminatie

J.H. van Breda, K. Schrijvers

Redactioneel artikel waarin de destijds voorgenomen wetgeving besproken wordt die leeftijdsdiscriminatie moet tegengaan. Volgens de auteurs gaat het daarbij vooral om symboolwetgeving omdat deze nauwelijks te handhaven is.

Opinie | Redactioneel
juni 1996
AA19960397

Leeftijdsgrenzen en het grenzeloze verlangen naar een kind

De discussie over de oudste moeder van Nederland vanuit rechtsfilosofisch perspectief

B.C. van Beers

In maart 2011 beviel de 63-jarige Tineke Geessink van een dochter. Haar post-menopauzale zwangerschap deed en doet veel stof opwaaien. Britta van Beers plaatst in dit artikel de drie meest gehoorde bezwaren tegen Geessinks zwangerschap in juridisch en filosofisch perspectief.

Bijzonder nummer | Gezondheidsrecht
juli 2011
AA20110574

Leeg en sober: land zonder preambule

W.J. Veraart

De afgelopen jaren hebben juristen zich gebogen over de vraag of de Nederlandse Grondwet moet worden voorzien van een preambule. Wouter Veraart is niet onder de indruk van enkele van de argumenten tegen het invoeren van een preambule.

Opinie | Column
februari 2012
AA20120117

Leegstand, kraken en antikraak

H. Priemus

Post thumbnail Deze bijdrage presenteert een beknopte geschiedenis van het kraken in Nederland en de discussies over de daarmee samenhangende wetgeving: de Anti-kraakwet, de Leegstandswet en de Wet Kraken en Leegstand. De auteur staat stil bij het fenomeen anti-kraken en signaleert twee actuele problemen: de rechtspositie van anti-krakers en de machteloosheid van gemeenten op het terrein van de leegstandbestrijding.

Opinie | Opiniërend artikel
mei 2011
AA20110362

Leerschool der misdaad

T. Schiphof

Opiniërend artikel over het niet-toelaten van minderjarigen bij strafzittingen. De auteur komt daartoe na een eigen ervaring met zijn dochter en vergelijkt de regeling met de filmkeuring. De auteur vraagt zich of de bescherming door de overheid door jongeren onder de 18 niet toe te laten een zitting bij te wonen nog wel van deze tijd is.

Opinie | Opiniërend artikel
juni 1993
AA19930450

Lees maar, er staat wél wat er staat: het conflictenrecht met betrekking tot verbintenissen uit onrechtmatige daad

Schulte/Deutag

M.V. Polak

Hoge Raad 12 november 2004, nr. C03/149HR, ECLI:NL:HR:2004:AP0965, RvdW 2004, 127, JOL 2004, 584 (Schulte/Deutag) In deze noot bij het arrest van de Hoge Raad wordt ingegaan op welk recht van toepassing is bij een onrechtmatige daad. Er wordt onder andere ingegaan op het conflictenrecht en inlenersaansprakelijkheid.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
januari 2005
AA20050038

Legal academic training requires teaching law from a comparative perspective

C.E.C. Jansen, J.B.M. Vranken

In this paper, we will present and explain our opinion that teaching law in a comparative way, as part of the transnational orientation of law students, is a prerequisite for university legal education being qualified as academic. When supporting the teaching of law comparatively, our perspective is neither the preparation of students for an alleged forthcoming unified or harmonised European law, nor the reform of the present law faculties into European law schools, which would then become the cradle of a new type of European lawyers trained to work in all European countries. 1 Our perspective is the improvement of the academic quality of university legal education. We think that, among other things, teaching law in a comparative way is an indispensable contribution to such an improvement. In the illustrations of our point of view, we concentrate on private law.

Perspectief | Perspectiefartikel
november 2002
AA20020854

Legal design

Visuele vaardigheden in het juridisch onderwijs?

M.D. Reijneveld, D.B. Sander

Post thumbnail Legal design draait om het visualiseren van juridische informatie. Op de werkconferentie ‘Visuele vaardigheden in het juridisch onderwijs’ is besproken wat de opkomst van legal design zou moeten betekenen voor het academisch rechtenonderwijs. In deze amuse staan de auteurs stil bij de vraag of legal design meer geïntegreerd zou moeten worden in het academisch rechtenonderwijs.

Opinie | Amuse
november 2019
AA20190830

Legal empowerment: recht voor iedereen en ontwikkelingswerk door juristen

N. de Boer, T.R.C. Bos

november 2009
AA20090767

Legal English – ‘It is not possible to decompose this contract!’

M. Slager

Engels rukt onstuitbaar op, zelfs in het juridisch taalgebied, dat van oudsher toch redelijk conservatief is. Vanuit de advocatuur, het bedrijfsleven, maar ook de ambtenarij wordt in allerlei juridische aangelegenheden steeds vaker in het Engels gecommuniceerd met partijen in of uit andere landen. Waar documenten eerst een retourtje vertaalbureau of vertaalafdeling maakten, gaat de advocaat, bedrijfsjurist of wetgevingsjurist nu zelf aan de Engelse vertaalslag. Zo doen de Nederlandse jurist en de rechtenstudent hun uiterste best hun steen(kool)tje in het Engels bij te dragen – soms met vermakelijke miskleunen. Dit artikel geeft een korte beschouwing over ‘juridisch Engels’ in de dagelijkse praktijk.

Perspectief | Perspectiefartikel
februari 2011
AA20110147

Legaliteit en het strafrechtelijk bewijsrecht; uitholling van het wettelijk bewijsstelsel in strafzaken?

J.F. Nijboer bewerkt door P.A.M. Mevis

In dit artikel wordt de in de straf(proces)rechtelijke literatuur regelmatig geuite verzuchting dat in de rechtspraak het (strafvordelijk) wettelijk bewijsrecht is uitgehold, gerelativeerd.

Bijzonder nummer | De rechtsstaat Nederland
juli 2004
AA20040492