Shop

Een listige lening

Beantwoording rechtsvraag (342) Romeins recht

F. Brandsma

In het novembernummer 2012 stelde Frits Brandsma een Romeinsrechtelijke rechtsvraag. In dit nummer beantwoordt hij deze rechtsvraag, die is gewonnen door Tom Booms van de Universiteit Utrecht.
 

Perspectief | Rechtsvraag
juni 2013
AA20130508

Een liefde voor het leven

H.U. Jessurun d'Oliveira

In de rubriek `recht in zicht´ wordt door een oud-redacteur teruggekeken op zijn of haar artikel dat deze redacteur destijds schreef en wat de uitwerkingen van het artikel waren. In dit artikel gaat Jessurun d´Oliveira in op een criminologisch artikel waarbij hij een een oratie van een hoogleraar (1958) aanviel met als gevolg een groot aantal reacties.

Verdieping | Verdiepend artikel
oktober 2001
AA20010727

Een liaison met gemengde gevoelens

A. van der Feltz, R. Zeldenrust

In dit artikel wordt ingegaan op het vraagstuk van de overheidsbemoeienis met de pers. Na een schets van de sombere economische situatie waarin het perswezen verkeert komt de vraag aan de orde of de overheid tot taak heeft door een actief beleid de persverscheidenheid te behouden. Vervolgens wordt nagegaan welke de grondrechtelijke begrenzingen van een dergelijk overheidsbeleid zijn. Aan de hand van de aldus verkregen toetsingscriteria worden verschillende vormen van mogelijk overheidsingrijpen beoordeeld. Deze theoretische verhandeling wordt gevolgd door een beschrijving van de recente Nederlandse praktijk op dit gebied. Centraal daarbij staat het Bedrijfsfonds voor de Pers. Naast de ontstaansgeschiedenis en de juridische status van het Bedrijfsfonds worden de tot op heden door het fonds ontplooide activiteiten belicht. Tot slot komen in deze beschouwing de recente voorstellen tot wijziging van de juridische basis van het Bedrijfsfonds aan de orde.

januari 1983
AA19830026

Een leven met staat en recht: prof.mr. A.K. Koekkoek (1945-2005)

E.M.H. Hirsch Ballin

Een overzicht van het leven van prof.mr. A.K. Koekkoek.

Perspectief | Ars Longa Vita Brevis
december 2005
AA20051024

Een landelijke beroepsopleiding voor gemeentejuristen

G.F.J. Krol

Voor rechters, officieren van justitie, bedrijfsjuristen en advocaten bestaan postdoctorale beroepsopleidingen. De overheidsjuristen kennen tot op heden niet een dergelijke introductie in kennis en vaardigheden voor hun vak. De juridisering van de samenleving betekent ook voor gemeentejuristen, dat aan de kwaliteit van hun producten eisen worden gesteld, al was het maar omdat zij steeds vaker tegenover steeds beter opgeleide juristen in het bedrijfsleven en de advocatuur komen te staan. En dat terwijl volgens velen de gemeenten niet de sterkste positie innemen op de markt van pas afgestudeerde juristen. Een beroepsopleiding voor gemeentejuristen kan een antwoord zijn op deze uitdagingen.

Perspectief | Perspectiefartikel
juni 2002
AA20020418

Een lacune in het Haagse Verdrag inzake het toepasselijk recht op de vertegenwoordiging: de dubbele vertegenwoordiging

J.H.M. van Swaaij

Het Haags Verdrag betreffende het toepasselijke recht op de Vertegenwoordiging van 14 maart 1978 (Tractatenblad. 1987, 138) zal voor Nederland binnenkort in werking treden. De regeling van het Verdrag is toegesneden op de tripartite vertegenwoordigingsfiguur, waarbij de vertegenwoordiger, die optreedt voor een vertegenwoordigde, handelt met een derde. Voor de gevallen waarin ook de derde door een ander vertegenwoordigd wordt, blijkt de regeling een lacune te vertonen. Bovendien is niet geheel duidelijk of het Verdrag toepasselijk is op de verhouding middellijk vertegenwoordiger derde.

Verdieping | Studentartikel
juli 1991
AA19910530

Een kwestie van vertrouwen

J. Broekhuizen, A. van Veen

De redacteuren wijzen er in dit artikel op dat met de invoering van de geneeskundige behandelingsovereenkomst als bijzondere overeenkomst in boek 7 BW het gevaar ontstaat dat de verhouding arts-patiënt onnodig wordt gejuridiseerd zoals dit in de Verenigde Staten is gebeurd. Het kan volgens de redacteuren leiden tot onnodige aansprakelijkstellingen en conflicten.

Opinie | Redactioneel
maart 1994
AA19940135

Een kwestie van afhankelijkheid

J.C. Out

Een uiteenzetting van het Romeinse recht waaruit de overeenkomst van geldlening en van verbruiklening zijn voortgekomen.

Overig | Rode draad | Digesten
december 2005
AA20050992

Een kritische beschouwing over de mensenrechtendeclaratie van Caro

A. Ellian

De strijd om de naleving van de rechten van de mens in de islamitische wereld heeft uiteindelijk tot het verdrag The Cairo Declaration on Human Rights in Islam geleid. In dit artikel wordt dit verdrag in drie verschillende stappen aan een analyse onderwerpen. Allereerst wil ik de achtergronden ervan bespreken, daarna zal ik proberen de achterliggende motieven van de verdragsluitende partijen te achterhalen en ten slotte zal ik het verdrag (dus de afgekondigde rechten) met het daarin opgenomen beperkingsmechanisme trachten te exponeren. Dit artikel is geen kritische beschouwing van een wereldreligie. Het mag niet met de neokoloniale ideeën over de islamitische cultuur worden verward.

Verdieping | Verdiepend artikel
november 1997
AA19970793

Een kleine handleiding voor het schrijven van een juridisch promotievoorstel

J.J.J. Sillen, R.B.J. Tinnevelt

Post thumbnail Veel juristen lijken het schrijven van een promotievoorstel te beschouwen als bureaucratische ballast. Volgens ons is dat ten onrechte. Een goed onderzoeksvoorstel zet je onderzoek op de rails en signaleert op voorhand mogelijke problemen. Daarmee kun je jezelf later veel frustratie en tijdsverlies besparen. In deze bijdrage geven wij enkele tips die het vervaardigen van zo’n voorstel kunnen vergemakkelijken.

Perspectief | Perspectiefartikel
februari 2021
AA20210192

Een kleine beurt voor de Grondwet

H.R.B.M. Kummeling, T. Zwart

In dit artikel wordt ingegaan op de grondwetsherziening die in 1998 aan de orde was. Na een korte introductie over de herzieningsprocedure, waarbij ook andere landen aan de orde komen, wordt er ingegaan op de veranderingen voor de Grondwet.

Verdieping | Verdiepend artikel
april 1998
AA19980253

Een klein stapje in de richting van echte ‘Europese’ juristen?

H.E.G.S. Schneider

In dit artikel wordt ingegaan op Europa na 1992 voor wat betreft het optreden als advocaat in de Europese Gemeenschap. Daarbij komen de volgende vragen aan de orde: Wie zal er in Europa als advocaat mogen optreden?; Hoe zal een advocaat zijn beroep kunnen uitoefenen?; en waar zal hij zijn beroep mogen uitoefenen? Daartoe wordt een richtlijn die deze vragen beantwoordt besproken. Daarna komen de consequenties van vrije vestigingsmogelijkheden van advocaten aan de orde.

Bijzonder nummer | Europa 1992
mei 1989
AA19890368