Resultaat 937–948 van de 1087 resultaten wordt getoond
S.J. Tans
Schendingen van EU-recht kunnen zowel op grond van EU- als Nederlands recht tot aansprakelijkheid voor ontstane schade leiden. De EU-voorwaarden van staatsaansprakelijkheid vormen daarbij de ondergrens. Het EU-relativiteitsvereiste wordt geacht soepel te worden toegepast, en dus minder ruimte te laten voor toepassing van de Nederlandse variant. Aan de hand van de uitspraak EnergyClaim plaatst dit artikel daar kanttekeningen bij.
Verdieping | Verdiepend artikelmei 2019AA20190345
A.C.M. Meuwese
Wij hebben in Nederland een lange traditie om mogelijke grondwetswijzigingen te laten voorbereiden door een staatscommissie. Sinds 1917 lijkt het een bijkomende traditie te worden dat de adviezen van deze staatscommissies niet of nauwelijks worden opgevolgd. Nu het in staatsrechtelijke kringen vurig geanticipeerde rapport van de Staatscommissie-Thomassen met slechts één maand vertraging op 11 november 2010 gepresenteerd is, rijst de vraag hoe het de aanbevelingen ditmaal zal vergaan.
Verdieping | Verdiepend artikelapril 2011AA20110291
S. Daniëls
De coronacrisis en het kabinetsvoornemen om het staatsnoodrecht te moderniseren leiden tot een stevig debat over de vraag hoe het staatsnoodrecht eruit moet komen te zien. Dit debat wordt gekleurd door een onjuist begrip van de toepassingscriteria van het staatsnoodrecht, met als mogelijk gevolg dat toekomstige noodwetgeving het staatsnoodrecht complexer maakt. Het zou beter zijn om het staatsnoodrecht overeenkomstig reeds gehanteerde terminologie te harmoniseren, om zodoende tot consistentie en vereenvoudiging te komen.
Verdieping | Verdiepend artikeloktober 2022AA20220778
M.R. Bruning, K.A.M. van der Zon
De afgelopen maanden is er in het maatschappelijke debat volop aandacht geweest voor uithuisplaatsingen van kinderen. Op verzoek van de Dienst Parlement en Wetenschap stelden we een factsheet op over de huidige wetenschappelijke inzichten over uithuisplaatsingen in Nederland. In deze bijdrage beschrijven we de huidige kennis over uithuisplaatsingen en benoemen we de belangrijkste juridische knelpunten daarbij.
Verdieping | Verdiepend artikelseptember 2022AA20220649
C. Syrier
‘Het parlementair stelsel is verkracht’, oordeelde staatsrechtgeleerde Bovend’Eert. Naar mening van Kortmann werd door de gang van zaken rond de kabinetscrisis van december 2006 honderdvijftig jaar staatsrecht in de prullenbak gegooid. Deze ferme uitspraken bleven niet onweersproken. Bij confrontaties zoals die van december 2006, zo betoogde Boon, eist het politieke spelelement een eigen, zelfstandige rol voor zich op. ‘Het Nederlandse staatsrecht biedt voor zo’n rol alle ruimte.’ De kwestie over een generaal pardon voor asielzoekers heeft veel stof doen opwaaien. Daarbij was het niet zelden de demissionaire status van het kabinet die tot controverse leidde. In dit artikel staat de analyse en de beoordeling van de staatsrechtelijke gang van zaken tijdens de kabinetscrisis van december 2006 centraal.
Verdieping | Studentartikelapril 2008AA20080261
F.D. Schild
Waarom bemoeit Brussel zich met het inzamelen van oud papier en het aanleggen van een glasvezelnetwerk in Appingedam? Dit artikel biedt een overzicht van de stand van zaken op het gebied van staatssteunrecht en van het beleid ten opzichte van diensten van algemeen economisch belang. Ook worden enkele kritiekpunten op het Commissiebeleid besproken aan de hand van de genoemde voorbeelden.
Verdieping | Verdiepend artikelmaart 2006AA20060182
J. van Slooten
State of the art is een uit de VS overgewaaide term die het best vertaald kan worden met 'stand van wetenschap en techniek'. Met de opkomst van nieuwe rechtsgebieden als milieu- en productenaansprakelijkheidsrecht is ook haar belang in het Nederlandse recht toegenomen. Daarbij wordt de stand van wetenschap en techniek gezien als één van de laatste verweermiddelen die producenten en vervuilers nog ten dienste staan om aansprakelijkheid af te weren.
Verdieping | Studentartikelmei 1992AA19920239
M. Kanetake, C.M.J. Ryngaert, S. Zwijsen
In this article, Silke Zwijsen, Machiko Kanetake and Cedric Ryngaert examine whether an arms-exporting State is internationally responsible if the importing State goes on to use these arms to commit internationally wrongful acts, or if the exporting State accepts the risk that such acts might be committed.
Verdieping | Verdiepend artikelfebruari 2020AA20200151
J.C. Hage
In deze bijdrage wordt de aandacht van de lezer gevraagd voor een ander aspect van de werking van rechtsregels, namelijk dat sommige regels betrekking hebben op tijdloze relaties tussen feiten, terwijl andere rechtsregels betrekking hebben op de dynamiek van het recht. Dit gegeven vindt zijn weerklank in een onderscheid tussen twee soorten rechtsfeiten waaraan tot nog toe niet of nauwelijks aandacht werd besteed in Nederland, namelijk het onderscheid tussen statische en dynamische rechtsfeiten. In het artikel wordt eerst ingegaan op hoe de werking van regels kan leiden tot nieuwe feiten. Daarna komt het onderscheid aan de orde tussen statische en dynamische rechtsfeiten en – in het verlengde daarvan – tussen statische en dynamische rechtsregels.
Verdieping | Studentartikelfebruari 2009AA20090091
W.T. Eijsbouts
Verdieping | Verdiepend artikeljuli 2000AA20000521
J.H. Crijns
Elke rechtenstudent wordt tijdens zijn studie geconfronteerd met de gedachte dat het strafrecht moet worden beschouwd als ultimum remedium; alleen als (is gebleken dat) geen enkel ander middel geschikt is, dient te worden gekozen voor de inzet van het strafrecht. De in de toepassing van het strafrecht besloten liggende gedachte van subsidiariteit gaat in die zin reeds aan het gehele strafrecht vooraf. Het is echter geen geheim dat de ultimum remedium-gedachte het de laatste jaren moeilijk heeft.
Verdiepingjanuari 2012AA20120011
P.A.M. Mevis
Auteur vraagt zich af waarom er thans zo expliciet aandacht aan ‘ethiek’ wordt besteed. Niet valt uit te sluiten dat daarmee wordt beoogd de inhoud van de strafrechtelijke ethiek een nieuwe, beleidsmatige inhoud te geven. Een aantal ontwikkelingen past in zo een tendens. Daarmee wordt echter de inherente doelgerichtheid van het strafrecht ten onrechte losgelaten.
Overig | Rode draad | Recht en ethiek | Verdieping | Verdiepend artikelnovember 1998AA19980870