Maandbladartikel

Het eerste arrest over steunverlening aan de banken gedurende de financiële crisis

P.J. Slot

Hof van Justitie Europese Unie (HvJ EU) 2 maart 2012, gevoegde zaken T-29/10 en T-33/10, ECLI:EU:T:2012:98 (Koninkrijk der Nederlanden (T-29/10) en ING Groep NV (T-33/10) t. Europese Commissie)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
juni 2012
AA20120465

Het EG-anti-dumpingsbeleid, de Japanse Antimonopoly Law en het vrijhandelsprincipe

W. Stappers

De handelsrelatie tussen Europa en Japan is gespannen. Aan de ene kant voelen Europese producenten zich in hun bestaan bedreigd door de overmatige export van Japanse producten naar Europa en aan de andere kant is er heftige kritiek op de ontoegankelijkheid van de Japanse markt voor buitenlandse (Europese) producten. Hoewel de Europese- en Japanse overheden met de ondertekening van de Algemene Overeenkomst voor Tarieven en Handel het vrijhandelsprincipe hebben aanvaard, hebben zij zich ter bescherming van hun nationale producenten laten verleiden tot protectionistische handelswijzen. Dit protectionisme komt onder andere tot uiting in de manier waarop de EG-anti-dumpingwetgeving en de Japanse Antimonopoly Law gehanteerd worden.

Verdieping | Studentartikel
oktober 1992
AA19920561

Het EHRM slaat geen nieuwe piketpaaltjes in het relatierecht.

Geen schending artikel 8 EVRM door beperking van het verschoningsrecht tot formele relaties

W.M. Schrama

Post thumbnail Het Nederlandse strafprocesrecht kent in artikel 217 aanhef en onder 3 Sv alleen een verschoningsrecht toe aan bloed- of aanverwanten in de rechte lijn en in de zijlijn tot in de derde graad en aan de (voormalig) echtgenoot of (voormalig) geregistreerd partner, maar niet aan informele samenleefrelaties. Ongehuwd samenlevende partners moeten dus getuigen, ook als dat strafrechtelijk gezien in het nadeel van hun partner is. Een zaak waarin dit zich voordeed is voorgelegd aan het Europese Hof voor de Rechten van de Mens, dat in april 2012 uitspraak heeft gedaan. Deze beslissing staat in dit artikel centraal.

Opinie | Opiniërend artikel
april 2013
AA20130281

Het einde van de bestuursrechtelijke ne bis in idem-rechtspraak

A.T. Marseille

Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State (ABRvS) 23 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3131, nr. 201502095/1/A3

Annotaties en wetgeving | Annotatie
april 2017
AA20170321

Het einde van de joint venture

W.J. Slagter

Er kunnen redenen zijn om een einde te maken aan de in de joint venture belichaamde samenwerking. Daarbij valt bijvoorbeeld te denken aan onoplosbare verschillen van inzicht, opzegging door de ene joint venture-partner omdat de andere partner wordt overgenomen of opzegging door een van beide partners in verband met de verliesgevendheid van de joint venture-onderneming. In dit artikel komt aan de orde op welke wijze in de joint venture-overeenkomst hiermee rekening kan worden gehouden. Daarbij zal onder andere aandacht worden besteed aan de 'shot gun'-clausule.

Bijzonder nummer | Joint Ventures
mei 1995
AA19950401

Het einde van het bankgeheim nabij?

De voorstellen van eurocommissaris Kovács en recente ontwikkelingen nader bezien

G.H. Sjobbema

Post thumbnail Bij het woord ‘bankgeheim’ denken veel mensen al snel aan ‘zwarte vermogens’ die op een veelal Zwitserse bankrekening zijn gezet om zo te voorkomen dat de fiscus belasting over het vermogen kan heffen. Dit is natuurlijk een onwenselijke situatie. Daarom heeft eurocommissaris László Kovács voorgesteld het bankgeheim op te heffen ten behoeve van de belastingheffing. In het artikel ‘Het einde van het bankgeheim nabij?’ van fiscaal jurist Gerhard Sjobbema wordt duidelijk dat het bankgeheim steeds meer onder druk komt te staan.

januari 2010
AA20100011

Het ERASMUS-programma en de ERASMUS-workshop ‘European Trade Law’

M.H.R.N.Y. Cordewener, J.J.A. Hamers

In het kader van het ERASMUs-programma vond van 12 tot en met 23 maart 1990 de workshop 'European Trade Law' plaats te Trier (BRD). In dit artikel wordt enerzijds aandacht besteed aan het ERASMus-programma als vorm van Europeanisering van het onderwijs als een van de middelen tot het creëren van een 'EUROPA voor de burgers'. Anderzijds zal de inhoud van de workshop nader worden belicht.

Perspectief | Perspectiefartikel
december 1990
AA19900948

Het EU-handelsakkoord met Marokko: ook van toepassing in de Westelijke Sahara?

C.M.J. Ryngaert

Hof van Justitie Europese Unie (HvJ EU) 10 december 2015, nr. T-512/12, ECLI:EU:T:2015:953 (Front Polisario/Raad van de EU)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 2016
AA20160208

Het Eurlings

E.H. Hondius

Opinie | Column
januari 2011
AA20110025

Het Europa College in Brugge: een life-time experience

E.J. Poelman

In dit artikel wordt de éénjarige Master's opleiding in het Europees recht verzorgd door het Europa college in Brugge beschreven. Aan de orde komen het curriculum, de docenten, huisvesting en het studentenleven.

Perspectief | Perspectiefartikel
oktober 1997
AA19970710

Het Europa van de student

Studentenmobiliteit binnen de Europese Unie

H.A. de la Porte, L. Zegveld

Het ERASMUS-programma is populair onder studenten. In het academisch jaar 1993/1994 hebben ruim 4000 Nederlandse studenten in het kader van het ERASMUS-programma een deel van hun studie in een andere Lid-Staat van de Europese Unie gevolgd. De meeste studenten weten echter niet, dat het EG-Verdrag hen de mogelijkheid biedt om op eigen gelegenheid, buiten ERASMUS om, over de grens te gaan studeren. In de praktijk blijkt de drempel om naar het buitenland te gaan aanzienlijk hoger voor de student die zijn verblijf zelf organiseert dan voor de Erasmusstudent. Dit is het gevolg van de goede rechtspositie van de Erasmusstudent en de extra voorzieningen, die hem worden geboden in de Lid-Staat waar hij tijdelijk verblijft. Hieronder volgt een vergelijking van de twee hoedanigheden van de gemeenschapsstudent en een pleidooi voor stimulering van de mobiliteit van de 'niet-Erasmusstudent'.

Perspectief | Perspectiefartikel
september 1995
AA19950685

Het Europees Concert, de handhaving van de vrede en veiligheid in Europa tussen 1815 en 1914

H. Drenth

In dit artikel wordt het Europees Concert besproken en zal de vraag centraal staan wat deze organisatie in de vokenrechtsgeschiedenis heeft betekend voor de collectieve handhaving van de vrede en veiligheid in Europa. Hierbij wordt ook gekeken in welke mate de lijn van het Concert is opgepakt en voortgezet in latere internationale organisaties.

Verdieping | Studentartikel
oktober 2005
AA20050783