Shop

De wetboeken der volkeren worden mettertijd gemaakt; maar strikt genomen maakt men ze niet

H.T.M. Kloosterhuis, C.E. Smith

In deze aflevering van 'Vijf minuten rechtsfilosofie' gaan Carel Smith & Harm Kloosterhuis in op de wijze en bescheiden woorden van een van de ontwerpers van de Code Civil, Jean-Étienne-Marie Portalis: 'De wetboeken der volkeren worden mettertijd gemaakt; maar strikt genomen maakt men ze niet'.

Perspectief | Column
februari 2020
AA20200205

De wetenschap van een rechtspersoon: toerekening van bestuurlijke kennis of van onkunde?

S.M. Bartman

Hoge Raad 11 september 2020, nr. 19/02396, ECLI:NL:HR:2020:1413 (Treston/HDI-Gerling Verzekeringen)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
november 2020
AA20201056

De wetenschappelijke ‘cover your ass-clausule’

K.J. Krzeminski, H. van der Zwan

Het redactioneel staat deze keer in het licht van het exoratie- en vrijtekeningsbeding, oftewel de zogenaamde 'cover your ass-clausule'.

Opinie | Redactioneel
september 2005
AA20050653

De wetenschapswinkel rechten RUU

A.B. Terlouw

Sinds 1 maart 1987 bestaat de Utrechtse wetenschapswinkel rechten. Een bemiddelingsinstantie tussen universiteit en maatschappij, een instantie die de juridische faculteit toegankelijker wil maken voor vragen uit die maatschappij. In deze bijdrage wordt een indruk gegeven van het karakter van de vragen. Daarnaast wordt ingegaan op de verschillende soorten instanties: Rechtswinkels, Bureau's voor Rechtshulp, en wetenschapswinkels. Met name het fenomeen wetenschapswinkel wordt uitgebreid toegelicht.

Perspectief | Perspectiefartikel
oktober 1989
AA19890838

De wetgever als gangmaker van de flexibilisering van de arbeid

H. van Drongelen

Post thumbnail

In deze bijdrage wordt een antwoord gezocht op de vraag of de wetgever als gangmaker van de flexibilisering van de arbeid kan worden gezien. Wat blijkt? Het antwoord ligt zoals zo vaak verborgen in de geschiedenis.

Opinie | Amuse
april 2018
AA20180278

De wetgever neemt normverdragen niet serieus

H. van der Most

Vanuit de problematiek rondom de Algemene Nabestaandenwet wordt ingegaan op de directe werking van normen uit verdragen. Er wordt ingegaan op een ieder verbindendheid van bepalingen uit verdragen.

Opinie | Opiniërend artikel
oktober 1998
AA19980816

De wetgeving inzake de opheffing van het algemeen bordeelverbod

J.J. Wiarda

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
september 2000
AA20000653

De wetgeving inzake de reorganisatie van het openbaar ministerie

P.J. van der Flier

onderstaand artikel behandeld de wetswijzigingen die doorgevoerd zijn ter reorganisatie van het openbaar ministerie.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
oktober 1999
AA19990740

De wetgeving inzake goedkeuring en uitvoering van het Verdrag inzake de bestrijding van terroristische bomaanslagen en het Internationaal Verdrag ter bestrijding van de financiering van terrorisme

J.J. Wiarda

Dit artikel behandelt de nieuwe wetgeving inzake terrorismebestrijding.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
oktober 2002
AA20020766

De wetgeving voor de modernisering van de rechterlijke organisatie

A.M.F. Loof-Donker

Dit artikel behandeld de nieuwe wetten die in werking zijn getreden om de rechterlijke organisatie te moderniseren.

Annotaties en wetgeving | Wetgeving
maart 2002
AA20020158

De wetgevingsjurist: croupier of poortwachter?

R.A.J. van Gestel

Post thumbnail Wetgevingsjuristen worden momenteel meer gedrukt in de rol van coproducenten van beleid dan in die van poortwachters die onrechtmatige wetgeving helpen tegenhouden. Wanneer we vinden dat wetgevingsjuristen een belangrijke rol hebben bij het bewaken van de effectiviteit en rechtsstatelijkheid van wetgeving verdient hun vermogen tot het bieden van tegenspraak versterking.

Blauwe pagina's | Recht en politiek
april 2020
AA20200316

De wetshistorische wortels van ons stille pandrecht. Waardoor verloor Meijers de slag om het registerpand?

A.F. Salomons

Post thumbnail

Ruim twintig jaar geleden voerde Nederland het stille pandrecht in voor zowel roerende zaken als vorderingen. Het betrof een van de belangrijkste vernieuwingen die het nieuwe Burgerlijk Wetboek in petto had. De vorm waarin het nieuwe zekerheidsrecht was gegoten (zonder registratie in openbare registers) was afgedwongen door de Tweede Kamer, die daarmee inging tegen de wens van de regering om een ‘registerpandrecht’ in te voeren. Het stille pandrecht was evenmin de eerste keus van de voornaamste gebruiker van dat recht, de bancaire sector. De nieuweling stond in 1992 dus geen hartelijk onthaal te wachten. De vraag die zich nu opdringt is hoe het zo ver heeft kunnen komen. Waaraan hebben wij dat door niemand echt gewilde geheime pandrecht te danken?

Overig | Rode draad | Historische wortels van het recht
april 2013
AA20130319