Verdieping

Het recht op compensatie bij langdurige vertraging nader verduidelijkt

R. van der Hulle

Post thumbnail Sinds het Sturgeon-arrest hebben niet alleen passagiers van geannuleerde vluchten, maar ook passagiers van vertraagde vluchten recht op compensatie. Het arrest heeft geleid tot veel protest bij luchtvaartmaatschappijen, die onder andere door een beroep te doen op onduidelijkheden in de toepasselijke Verordening (EG) nr. 261/2004 onder hun verplichtingen uit proberen te komen. In het begin dit jaar gewezen Folkerts-arrest zijn deze onduidelijkheden aan de kaak gesteld.

Verdieping | Verdiepend artikel
oktober 2013
AA20130727

Het recht op gezondheid: geen recht om gezond te zijn

B. Toebes

Verdieping | Verdiepend artikel
december 1999
AA19990912

Het recht op hoor en wederhoor wordt nergens meer geschonden dan binnen de traditionele rechtswetenschap

Interview met Dorien Pessers

T.B. Trotman, K. Vos

Dorien Pessers werd in 1951 geboren te Tilburg. Zij studeerde van 1972 tot 1978 Nederlands Recht aan de Katholieke Universiteit Tilburg. Na haar studie werkte zij als redactiesecretaris bij het NJB en vervolgens als docente vrouwenstudies aan successievelijk de Katholieke Universiteit Nijmegen en de Universiteit van Amsterdam. Sinds 1987 is zij tevens verbonden aan het Clara Wichmann Instituut (CWI). Zij is redactrice van Nemesis en maakte tot 1989 deel uit van de redactie van het Nederlands Juristenblad (NJB). Zij is een productief publiciste, onder andere in het NJB, Nemesis en uitgaven van het Clara Wichmann Instituut.

Verdieping | Interview
januari 1991
AA19910027

Het recht op toegang tot noodzakelijke zorg

J.K.M. Gevers

Wat is de betekenis van het recht op gezondheidszorg in situaties van tekort, en wie kan de burger aansprakelijk stellen als hulp niet (tijdig genoeg) beschikbaar is? Juridische aanspraken op zorgontstaan eerst en vooral op grond van de wettelijke ziektekostenverzekeringen. Die maken dat de verzekeraar er jegens de verzekerde voor heeft in te staan dat die de noodzakelijke zorg kan krijgen. Recente rechtspraak toont dat de patiënt zijn aanspraak beter tot gelding kan brengen als het(slechts) om financiële tekorten gaat dan wanneer van feitelijke capaciteitstekorten sprake is. Ookde overheid is in dat laatste geval niet gemakkelijk aan te spreken. De toegang tot zorg kan op sommigepunten weliswaar beter gewaarborgd worden, maar tegelijk laat schaarste in de zorg zich niet door een eenvoudige juridische formule bezweren.

Verdieping | Verdiepend artikel
juni 2003
AA20030437

Het recht van vereniging en de ‘anti-democratische’ organisatie

B. Oosting

Na alle commotie rond de opvoering van Fassbinders vermeende antisemitische toneelstuk 'Het vuil, de stad en de dood' zijn de extremistische 'anti-democratische' groeperingen weer in het middelpunt van de belangstelling komen te staan.Hierdoor kwam de vraag naar de mogelijkheden tot juridische bestrijding van dergelijke organisaties prominent in beeld. Het meest geëigende instrument dat het Nederlandse recht kent is de beperking van het in de Grondwet neergelegde recht van vereniging door de artikelen 15 en 16 boek 2 BW. Door middel van deze artikelen kunnen organisaties verboden worden verklaard en/of worden ontbonden. In dit artikel volgt een beschouwing over de vraag of een democratie zich mag verweren tegen 'anti-democratische' organisaties en, zo ja, hoe ver men hierin mag gaan.Hierbij zal tevens het wetsontwerp verboden rechtspersonen, waarvan de parlementaire behandeling (1988) inmiddels is gevorderd tot en met het voorlopig verslag Eerste Kamer, aan de orde komen.

Verdieping | Studentartikel
juni 1988
AA19880359

Het Schotse referendum en het kiesrecht voor gedetineerden

R. van der Hulle

Post thumbnail Het kiesrecht voor gedetineerden is nog altijd een omstreden onderwerp binnen het Verenigd Koninkrijk. De Britse regering voert al jarenlang een felle strijd tegen de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: het EHRM), waaruit volgt dat een algehele, categorische uitsluiting van gedetineerden van deelname aan verkiezingen niet is toegestaan. Tegen die achtergrond werd het Britse Supreme Court gevraagd een oordeel te geven over de uitsluiting van gedetineerden van deelname aan het op 18 september 2014 gehouden Schotse referendum.

Verdieping | Verdiepend artikel
juni 2015
AA20150454

Het SER-advies van 15 mei 1992 over de betrokkenheid van de ondernemingsraad bij de voorbereiding van belangrijke beleidsbeslissingen en projecten

J. Zegers

Volgens een in 1987 uitgevoerd onderzoek is één van de knelpunten in het functioneren van ondernemingsraden dat ze in het algemeen pas op een laat tijdstip bij adviesplichtige besluiten worden betrokken. De onderzoekers wijten dit onder andere aan het huidige systeem van artikel 25 van de Wet op de Ondernemingsraden. Naar aanleiding van dit onderzoek heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in 1989 aan de SER de vraag voorgelegd of dit 'knelpunt' aanleiding is om tot wijziging van de Wet op de Ondernemingsraden over te gaan. De SER heeft deze vraag beantwoord in zijn advies van 15 mei 1992. Het standpunt van de SER is het onderwerp van dit artikel.

Verdieping | Studentartikel
december 1992
AA19920762

Het slachtoffer en de afgedwongen verschijning van de verdachte

Het strafrecht als cement van de samenleving

Interview met prof.mr. Th.W. van Veen

F.G.H. Kristen, K. Schrijvers

Prof.mr. Th.W. van Veen studeerde voor de oorlogsjaren (1938-1939) rechten in Utrecht en voltooide zijn studie tijdens de oorlog in Groningen. Een drieëneenhalf uur durend mondeling examen bij prof.mr. M.P. Vrij vormde de basis voor een verdergaande samenwerking. Hoewel Vrij — op dat moment reeds raadsheer in de Hoge Raad — in wezen zijn promotor was, promoveerde Van Veen in 1949 op het thema generale preventie bij prof.mr. B.V.A. Röling. Na twintig jaar als journalist bij het Vrije Volk gewerkt te hebben, waarvan de laatste zes jaar als hoofdredacteur, aanvaardde hij in 1969 het hoogleraarschap in Groningen. Sedertdien heeft Van Veen talloze malen van zich laten horen met wetenschappelijke publicaties, de bewerking van Van Bemmelens handboek Ons Strafrecht en de vele noten in de Nederlandse Jurisprudentie. Op 11 januari 1996 spraken wij met de emeritus hoogleraar in zijn woning te Zuidhorn.

Verdieping | Interview
september 1996
AA19960550

Het strafrecht voorbij

M. Wladimiroff

Er wordt wel eens gezegd dat in oorlog en liefde alles geoorloofd zou zijn. Ethici onder ons zullen zich — afgezien van de vraag of liefde als een vorm van oorlogsvoering kan worden gezien — afvragen waarom in tijd van oorlog geoorloofd zou zijn wat in tijd van vrede ontoelaatbaar is. In deze bijdrage wordt de ontwikkeling van het internationale humanitaire recht als een middel tot beperking van ethisch onrecht besproken. In dit recht staat zowel de bescherming van het niet bij de strijd betrokken individu, als de individuele verantwoordelijkheid voor schendingen van dat recht, centraal. Het beoogt, ondanks of juist vanwege het met een gewapend conflict gepaard gaande onrecht, algemeen aanvaarde normen te handhaven. Aldus heeft zich een rechtssysteem ontwikkeld dat de universele geldigheid van humanitaire normen, als onaantastbaar rechtsgoed, geldend maakt. Het ideaal van universele gelding wordt echter beter gediend wanneer naast zwakke nationale handhaving ook effectieve internationale handhaving van deze humanitaire normen algemeen zou worden aanvaard.

Overig | Rode draad | Recht en ethiek | Verdieping | Verdiepend artikel
december 1998
AA19980942

Het Studie- en Informatiecentrum Mensenrechten (SIM)

I. Boerefijn

Beschrijving van de werkzaamheden van het in 1982 opgerichte Studie- en informatiecentrum Mensenrechten. Er wordt ingegaan op de langdurige projecten, zoals het in kaart brengen van alle rechtspraak op het gebied van de mensenrechten (Digest-project). Verder wordt de documentatie, kortlopende projecten en een nadere uitwerking van het Digest-project gegeven.

Verdieping | Verdiepend artikel
juni 1990
AA19900378

Het subsidiariteitsbeginsel in de Europese Grondwet: panacee of paard van Troje?

P. de Jonge

Het subsidiariteitsbeginsel zoals uitgewerkt zoals uitgewerkt in de in 2005 verworpen 'Europese Grondwet', zou bij aanvaarding hebben geleid tot de transformatie van de EU tot een federale superstaat.

Overig | Ars Aequi-prijswinnaar | Verdieping | Studentartikel
december 2006
AA20060857