Strafrecht
Resultaat 433–444 van de 459 resultaten wordt getoond
Veroordeling en Vrijspraak bij het ICC. Lubanga, Ngudjolo en Controversiële Aansprakelijkheidsconstructies
E. van Sliedregt
Internationaal Strafhof/International Court of Justice (ICC), Trial Chamber I, Case No. ICC-01/04-01/06, 14 maart 2012 (Prosecutor v. Thomas Lubanga Dyilo); Internationaal Strafhof/International Court of Justice (ICC), Trial Chamber II, Case No. ICC 01/04-02/12, 18 december 2012 (Prosecutor v. Mathieu Ngudjolo Chui) Zie de volledige uitspraak Prosecutor v. Thomas Lubanga Dyilo Zie de volledige uitspraak Prosecutor v. Mathieu Ngudjolo Chui
Annotaties en wetgeving | Annotatie
april 2013
AA20130302
Resultaat 433–444 van de 459 resultaten wordt getoond





In welke mate hebben de verordeningen van de wetgever het strafrecht daadwerkelijk gereguleerd. Werden de wettelijke strafbepalingen ook toegepast door de strafrechter? En welke rechtsregels werden door hem gehanteerd in gevallen waarvoor de wetgever geen bepalingen had opgesteld, dan wel bepalingen die in de ogen van de rechter niet voldeden?
Het wetsvoorstel dat in dit artikel wordt besproken, beoogt een nieuwe grond voor voorlopige hechtenis te introduceren in het Wetboek van Strafvordering. De voorgenomen toepassing van het snelrecht moet bij verdenking van specifieke misdrijven gepleegd tijdens evenementen en in het uitgaansleven grond worden voor de toepassing van voorlopige hechtenis. Het wetsvoorstel is juridisch niet houdbaar, aangezien het in strijd is met het Nederlandse wettelijke stelsel van voorlopige hechtenis en met artikel 5 EVRM. Zo wordt de rechter de bevoegdheid onthouden om een belangenafweging te maken voorafgaand aan zijn beslissing tot inbewaringstelling. Nu het enige doel van de voorgestelde grond voor voorlopige hechtenis lijkt te zijn om te zorgen dat een verdachte vastzit tot aan de snelrechtzitting, is het voorstel in strijd met de onschuldpresumptie.
In de zomer van 2018 bereikte de reguliere Nederlandse media het nieuws dat met mobiele telefoons beeldmateriaal wordt gemaakt van verkeersongevallen en meer in het bijzonder van slachtoffers daarvan. De media wisten te vertellen dat het filmen van slachtoffers van verkeersongevallen in Nederland, anders dan in Duitsland, niet strafbaar is gesteld. In deze bijdrage buigen Tineke Cleiren en Jeroen ten Voorde zich over de vraag of het strafbaar stellen van het fotograferen of filmen van slachtoffers van verkeersongevallen ook voor Nederland zou moeten worden overwogen.
Dertig jaar geleden overleed de Franse filosoof en geschiedkundige Michel Foucault. Zijn naam is onlosmakelijk met het begrip ‘kritiek’ verbonden. Niet heel lang na zijn heengaan, doofde ook het vuur van de ‘kritische’ strafrechtswetenschap, althans binnen Nederland, goeddeels uit. Dat hoeft geen grote verwondering te wekken, nu de denkbeelden van Foucault intussen sterk aan populariteit hebben ingeboet, zelfs ook wel zijn verguisd. Hieronder wil ik bepleiten dat de huidige tijd sterk verlegen zit om een nieuwe kritische benadering in de strafrechtswetenschap.