Strafrecht

Strafrechtelijke causaliteit, alternatieve scenario’s en vingerwijzingen voor de rechtspraktijk

T. Kooijmans

Hoge Raad 27 maart 2012, nr. 10/00825, ECLI:NL:HR:2012:BT6362, LJN: BT6362, NJ 2012/301 m.nt. N. Keijzer (Groninger HIV)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
september 2012
AA20120645

Strafzaken in de media

Griezelen bij spannende verhalen of eerder stof tot nadenken?

L. Stevens

Post thumbnail De media zijn dol op strafzaken, ongetwijfeld vanwege het klassieke drama dat mensen kan doen huiveren. Maar dat is niet waarom het strafrecht zo’n boeiend rechtsgebied is, aldus Lonneke Stevens in deze amuse. Ze noemt drie voorbeelden van de dilemma’s die het strafrecht zo interessant maken.

Opinie | Amuse
mei 2021
AA20210430

Stroomlijning van het hoger beroep in strafzaken (Digitaal boek)

P.G. Wiewel, R.E. de Winter

Post thumbnail In dit boek wordt getracht de mogelijke consequenties van de in 2007 inwerkingtreding Wet stroomlijning hoger beroep te belichten. De auteurs zijn vrijwel allemaal raadsheer bij gerechtshof Amsterdam.

9789069167114 - 22-01-2007

Symboolrechtspraak: over recht doen aan samenleving en individu

Te Koop: fraudebestrijding (t.e.a.b.)

T.A. Keijzer, M. Samadi

De bestrijding van fraude gepleegd door multinationale ondernemingen (MNO's) is een complexe aangelegenheid. De opsporing van dit type strafbare feiten vergt veel inspanning en expertise van de justitiële autoriteiten, en bovendien komt veelal aan meerdere landen gelijktijdig rechtsmacht toe. In de praktijk wordt vaak gekozen voor een schikking om dit type delicten af te doen. Hoewel dit een efficiënte manier van afdoening is, bergt deze praktijk het risico in zich dat MNO's kunnen kiezen voor de jurisdictie met het gunstigste strafrechtklimaat. Ter voorkoming van deze vorm van forumshopping is coördinatie op internationaal niveau noodzakelijk.

Opinie | Redactioneel
september 2015
AA20150643

Tegen de leer van de redelijke toerekening

N. Rozemond

Post thumbnail Is de leer van de redelijke toerekening wel zo redelijk? Deze leer speelt een belangrijke rol in het materiële strafrecht bij causaliteit, aansprakelijkheid van rechtspersonen en ontoerekenbaarheid bij psychische stoornissen. Zonder nadere uitleg van redenen voor strafrechtelijke aansprakelijkheid is de toepassing van de leer van de redelijke toerekening een vorm van rechterlijke willekeur op basis van machtspreuken. Die redenen kunnen worden gevonden in de beginselen van het strafrecht en de belangen die door het strafrecht worden beschermd.

Rode draad | Dissenting opinions
oktober 2024
AA20240872

Telediagnostiek: verantwoordelijkheid op afstand?

E.E. Nauta, S.N.P. Wiznitzer

Telediagnostiek is in opkomst. Aan het stellen van een diagnose op afstand zijn voordelen verbonden. Huisartsen hoeven bijvoorbeeld minder patiënten door te verwijzen en patiënten hoeven voor een diagnose de deur niet meer uit. Telediagnostiek betekent echter ook minder contact tussen arts en patiënt. Om de potentieel negatieve effecten hiervan te ondervangen zijn aanvullende richtlijnen gewenst.

Opinie | Redactioneel
oktober 2018
AA20180771

Ten geleide

Congres ‘100 jaar wetboek van Strafrecht: de functie van het strafrecht in de verzorgingsstaat’

mei 1981
AA19810221

Ter voorkoming van preventie

J. Breed, L. Verkleij

Nadat in Breda, op 30 april jl., ter gelegenheid van het bezoek van koningin Beatrix, 144 mensen door de politie waren opgepakt, ontstonden er felle discussies over de al dan niet wenselijkheid en toelaatbaarheid van preventieve vrijheidsbeneming van potentiële ordeverstoorders. Die discussie ging tot dan toe voornamelijk over de wenselijkheid om preventieve vrijheidsbeneming als dwangmiddel in de wet op te nemen, uitgaande van het standpunt dat zij momenteel, bij gebrek aan een toereikende juridische formulering, onrechtmatig was. Na Breda echter liep de discussie over een tweede schijf: de huidige wetgeving bleek onverhoede mogelijkheden te bezitten. In dit artikel wordt nader ingegaan op een aantal problemen rond het accepteren van preventieve vrijheidsbeneming als dwangmiddel ter handhaving van de openbare orde. Daarbij gaat het ons niet om een causale analyse van de huidige problemen rond ordehandhaving. Een uitgewerkt alternatief om de politie van bevoegdheden te voorzien zal men ook niet aantreffen. Centraal staat hel signaleren van risico’s bij het mogelijk maken van preventieve vrijheidsbeneming. Naar aanleiding van het Bredase gebeuren en een blik op de politieke nasleep (hoofdstuk 2) wordt ingegaan op de juridische constructie van de aan de politie toegekende, bij de openbare ordehandhaving van belang zijnde bevoegdheden en wordt er een beoordeling (hoofdstuk 3) daarvan gegeven om meer zicht te krijgen op met name de juridische problemen rond preventieve vrijheidsbeneming als dwangmiddel. Deze benadering wordt verder uitgewerkt wanneer de rechtsstaat en de openbare orde ter sprake komen (hoofdstuk 4). Daarna worden op een aantal terreinen de risico’s van preventieve vrijheidsbeneming (zowel bij gelijkblijvende als bij veranderde juridische regeling) besproken (hoofdstuk 5). De moraal, het waarschuwende vingertje, volgt op het eind (hoofdstuk 6).

november 1981
AA19810675

Terrorisme voorkomen in plaats van genezen via het straf(proces)recht?

M.A.H. van der Woude

Post thumbnail

Het straf(proces)recht wordt gezien als een belangrijk middel in de internationale strijd tegen terrorisme. In deze strijd lijkt het straf(proces)recht steeds te worden ingezet als een instrument om terrorisme te voorkomen. De recente jurisprudentie rondom teruggekeerde Syriëgangers lijkt dit alleen maar verder te bevestigen. In hoeverre past dit bij de klassieke uitgangspunten van het straf(proces)recht? En schieten we er eigenlijk wel wat mee op?

Opinie | Amuse
oktober 2015
AA20150746

The Collapse of American Criminal Justice – W.J. Stuntz

M.A.H. van der Woude

Post thumbnail The Collapse of American Criminal Justicewerd door rechtsgeleerde William Stuntz afgerond op zijn sterfbed. Daardoor heeft hij niet meer kunnen meemaken wat het boek teweeg heeft gebracht. Maartje van der Woude bespreekt in deze bijdrage het boek, dat volgens haar verplichte kost zou moeten worden voor Nederlandse juridische masterstudenten.

Literatuur | Boekbespreking
januari 2014
AA20140073

Tijd slijt?

De wenselijkheid van afschaffing van de vervolgingsverjaring van jegens minderjarigen gepleegde zedenmisdrijven

L.G. de Graaf

Post thumbnail In dit artikel wordt de wenselijkheid van afschaffing van de vervolgingsverjaring van jegens minderjarigen gepleegde zedenmisdrijven onderzocht. Ingegaan wordt met name op de (on)mogelijkheid van het vergaren en waarderen van bewijs waar het gaat om (tientallen) jaren geleden gepleegde zedenmisdrijven. Aan bod komt onder meer de aan zedendelicten inherente bewijsproblematiek, de rechtspsychologische theorie van hervonden herinneringen en een rechtspraakonderzoek. Bovendien worden enkele principiële argumenten besproken.

Overig | Ars Aequi-prijswinnaar | Verdieping | Studentartikel
juni 2013
AA20130431