Resultaat 373–384 van de 1279 resultaten wordt getoond
J.M.W. Lindeman
De strafrechtelijk veroordeelde die een opgelegde schadevergoedingsmaatregel niet betaalt, wordt uiteindelijk gegijzeld (art. 6:4:20 Sv). De rechtspositie van de veroordeelde is in deze procedure zwak. Net als in het civiele executierecht zou in het strafrecht het ultimum-remedium-karakter van de gijzeling benadrukt moeten worden.
Opiniefebruari 2021AA20210136
M. Visser
In dit artikel zal aan de hand van rechtspraak en literatuur worden ingegaan op de positie van financieel onvermogende procesdeelnemers bij het inschakelen van een (contra-)expert. Daarbij zullen de regelingen in het straf-, privaat- en bestuursrecht voor de mogelijke vergoeding van kosten (achteraf) in kaart worden gebracht en zal worden bezien of deze regelingen voldoen aan het recht op equality of arms. Naast een juridische analyse zal de problematiek ook worden beschouwd vanuit een sociaalwetenschappelijke invalshoek.
Literatuur | Proefschriftbijdragemaart 2024AA20240272
J.M. ten Voorde
Hoge Raad 5 november 2019, nr. 17/03378, ECLI:NL:HR:2019:1702
Annotaties en wetgeving | Annotatiefebruari 2020AA20200187
H.U. Jessurun d'Oliveira
In deze eerste bijdrage van Ulli d'Oliveira (toen nog student) in Ars Aequi bespreekt hij kritisch de oratie van prof.dr. H.D. Wiersma, getiteld Gronden van Misdaad. Met naschrift van prof. Wiersma.
Opinie | Reactie/nawoordoktober 1958AA19580006
N.F. de Groot, D.A.G. van Toor
Het kabinet is van plan om bij het oplossen van cold cases in te zetten op het gebruik van particuliere genealogische DNA-databanken. In deze bijdrage bespreken we deze opsporingsmethode vanuit het perspectief van group privacy. Welke lessen kunnen we trekken uit het juridisch en ethisch debat omtrent de (strafrechtelijke) toepassing van grootschalige gegevensanalyse?
Verdieping | Verdiepend artikelmaart 2025AA20250185
T. Vink
In dit artikel Ton Vink een reactie op een eerder gepubliceerd artikel in Ars Aequi over de zorgvuldigheidseisen bij hulp bij zelfdoding en betoogt dat de zorgvuldigheidseisen uit de WTL niet van toepassing zijn op niet-artsen. (zie ook: Rb. Amsterdam, 22-1-2007, LJN: AZ6713).
Opinie | Reactie/nawoordoktober 2007AA20070760
M. van Noorloos
Marloes van Noorloos promoveerde op 16 december 2011 aan de Universiteit Utrecht. Haar promotoren waren prof.dr. C.H. Brants en prof.mr. J. Goldschmidt. In deze bijdrage vertelt zij waar haar stellingen in de kern op neerkomen.
Literatuur | Proefschriftbijdragemei 2012AA20120400
I. Giesen, A.J. Verheij
In dit redactionele artikel gaan twee redacteuren in op het beleid van het ministerie van justitie op de inkomsten te verhogen door meer processen-verbaal uit te schrijven. Volgens de redacteuren is dit geen goed idee en staat dit idee ver af van het eigenlijke idee van criminaliteitsbestrijding.
Opinie | Redactioneeljanuari 1994AA19940003
J. Boksem
Auteur gaat in op de wijzigingen die door de Wet Vormverzuimen zijn aangebracht t.a.v. de mogelijkheden de tenlastelegging te veranderen en de onderbouwing daarvan door de Minister.De Auteur concludeert dat deze niet overtuigend zijn mede omdat het beginsel van de materiële waarheidsvinding nog altijd wordt beperkt door de grondslagleer. Auteur pleit voor een gematigd materieel feitsbegrip: ‘de verweten gedraging’.
Opinie | Opiniërend artikelfebruari 1999AA19990099
D. Roef
Het belang van de neurowetenschappen neemt in het recht snel toe. Zo wordt in strafzaken steeds meer gebruik gemaakt van neurobiologische informatie voor het bepalen van de toerekeningsvatbaarheid. Maar betekent dit nu ook dat de fundamenten van het strafrecht, zoals schuld en wilsvrijheid, slechts verzinsels zijn, zoals sommige hersenonderzoekers beweren?
Opinie | Amuseoktober 2014AA20140698
G.A.M. Strijards
Milieuramp. Aansprakelijkheid van ondernemer voor gevolgen op de ‘omgeving’.
Perspectief | Rechtsvraagnovember 1982AA19820676
J. de Hullu
In deze laatste bijdrage bij de rode draad 'Materieel strafrecht in beweging' gaat De Hullu mede aan de hand van de eerdere bijdragen aan de rode draad in op de herrijking van het Wetboek van Strafrecht. Hij bekijkt daarbij de dogmatiek, systematiek van de strafrechtwetgeving, internationalisering en praktische bezwaren. Ook schrijft hij over een integrale herziening of in delen.
Overig | Rode draad | Materieel strafrecht in bewegingdecember 1994AA19940788