Resultaat 661–672 van de 2057 resultaten wordt getoond
A.Q.C. Tak
Het is triest gesteld in ons land met de bescherming van het individu tegen zijn eigen overheid. Recent is door de Hoge Raad grote zorg geuit over het peil van het Nederlandse strafproces. Maar met het Nederlandse bestuursproces is het nog vele malen erger gesteld. De regering reageert echter laconiek op alle ernstige kritiek en legt die achteloos naast zich neer (zoals zij tegenwoordig vrijwel alle kritiek, ook van vaste adviesorganen als Raad van State, Algemene Rekenkamer, Nationale ombudsman en dergelijke naast zich neerlegt). Men waant zich terug bij Lodewijk XIV of de tijden van staatssoevereiniteit in plaats van rechtssoevereiniteit, al is de huidige dictatuur fluweliger en verpakt in illusies van grondrechtenwaardering en rechts-beschermingsmogelijkheden. Zeer recent zijn de drie Nederlandse top-bewindslieden (minister-president Balkenende, minister van Justitie Donner en minister van Binnenlandse Zaken Remkes) door de Nationale ombudsman gevoelig op de vingers getikt omdat ze het Nederlandse parlement hadden misleid over de rechtsstatelijke wantoestand die aan het licht werd gebracht in mijn tweedelig handboek van het Nederlands Bestuursprocesrecht in theorie en praktijk uit 2002. De bewindslieden hebben deze kritiek op hun falend normen- en waardenbesef verre van zich geworpen, daarmee een ‘fraai’ voorbeeld van respect gevend voor de officiële, constitutionele hoeder van die normen en waarden in ons land.
juli 2005AA20050564
P.W. den Hollander
Niet alleen het privaatrechtelijk aansprakelijkheidsrecht, maar ook het bestuursrecht kent sinds kort een relativiteitsvereiste. De wetgever plaatst dit bestuursrechtelijk relativiteitsvereiste eerst en vooral in het teken van een snel en ‘slagvaardig’ bestuursprocesrecht. De wijze waarop de Afdeling oordeelt of de ingeroepen norm strekt tot bescherming van het geschade belang verschilt bovendien van de wijze waarop de Hoge Raad dat doet.
Verdieping | Verdiepend artikeljuni 2012AA20120443
A.R. Hartmann
De handhaving van het recht door middel van het bestuursrecht staat de laatste jaren sterk in de belangstelling. Door de verantwoordelijkheid van het bestuur terzake van de handhaving te benadrukken, neemt het bestuursrecht meer en meer de handhavende taak over van het strafrecht, waardoor het onderscheid tussen beide rechtsgebieden steeds diffuser wordt. In deze bijdrage wordt in het kader van de Rode draad 'Bewijs en Bewijsrecht'het bewijs in het bestuursrecht en het strafrecht op enkele onderdelen onderling vergeleken.
Rode draad | Bewijs en bewijsrecht | Verdieping | Verdiepend artikelapril 1999AA19990217
R.H.T. Jansen
Democratische rechtsstaten staan onder druk. Autocraten stomen op en willen de wereldorde in hun voordeel herschikken. Zij schuwen inmenging in buitenlandse politieke processen daarbij niet. Een scenario waarin een Kamerlid geheime of anderszins gevoelige informatie doorsluist naar een buitenlandse mogendheid is dan ook niet ondenkbaar. Na een korte bespreking van de onderzoeksmogelijkheden van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten in een dergelijke situatie, zet deze bijdrage uiteen welke parlementsrechtelijke maatregelen en strafrechtelijke sancties mogelijk zijn, mocht een dergelijke situatie zich voordoen in Nederland.
Verdieping | Verdiepend artikeloktober 2025AA20250673
J.L.W. Broeksteeg
Op 18 januari j.l. verscheen in Binnenlands Bestuur een interview met de Nijmeegse burgemeester Thom de Graaf (D66). Uit het interview blijkt, dat de oud-minister voor Bestuurlijke Vernieuwing van mening is dat het burgemeestersreferendum moet worden afgeschaft. De Graaf, afgetreden omdat de Eerste Kamer een wetsvoorstel verwierp dat introductie van een gekozen burgemeester mogelijk zou maken, stelt: ‘Het referendum is niet langer een opstapje naar de gekozen burgemeester, maar een afstapje.’ Dat geeft te denken: een D66’er die tegen een referendum is? En waarom geen burgemeestersreferendum, maar wel een direct gekozen burgemeester? Wat is nu juridisch gezien het verschil?
Opinie | Amuseapril 2008AA20080258
L.J.A. Damen
Centrale Raad van Beroep (CRvB) 24 september 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:3123, nr. 13-190 WMO, NJB 2014/1793, ABKort 2014/341 Procederen over procederen; het moeten procederen voor een deugdelijke motivering van een besluit rechtvaardigt een proceskostenveroordeling; een besluit moet steeds deugdelijk gemotiveerd zijn zodat het geen nadere uitleg behoeft. Artikel 3:46, 3:47, 8:74, 8:75 Algemene wet bestuursrecht (Awb)
Annotaties en wetgeving | Annotatiejanuari 2015AA20150040
J.F.C.W. van den Brekel, R.P.A. Douwenga
Voetbalvandalisme is al decennia een maatschappelijk probleem. De Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB) is de belangrijkste sanctionerende partij in de aanpak van voetbalvandalisme. In oktober 2022 werd de beroepsprocedure tegen een door de KNVB opgelegd stadionverbod fors onderuitgehaald door de rechter, vanwege een gebrek aan hoor en wederhoor. In deze bijdrage onderzoeken de auteurs hoe het met het civielrechtelijk stadionverbod en zijn alternatieven staat. Vanuit juridisch oogpunt zijn er namelijk een aantal knelpunten rondom het civielrechtelijk stadionverbod te identificeren. Deze worden in onze bijdrage behandeld, waarbij de focus voornamelijk ligt op (het gebrek aan) beschermende waarborgen. Daarnaast wordt ingezoomd op de bestaande wettelijke mogelijkheden om voetbalvandalisme aan te pakken.
Verdieping | Verdiepend artikelfebruari 2024AA20240133
G.H. Addink
In deze bijdrage gaat Henk Addink in op de Principles of Good Governance op nationaal niveau. Centrale vragen in het artikel zijn: wat is de inhoud van het juridische concept van goed bestuur, welke benadering wordt daarbij gekozen en welke praktische, normatieve consequenties zijn daaraan verbonden?
Verdieping | Verdiepend artikelapril 2012AA20120266
G.K. Sluiter
In deze bijdrage staat de vraag centraal wat de rol en betekenis is van het internationaal strafrecht ten aanzien van het conflict in Gaza. De slotsom is dat de gevechtshandelingen van alle strijdende partijen in veel gevallen te beschouwen zijn als oorlogsmisdrijven; dit volgt uit de jurisprudentie van internationale straftribunalen. Het Internationaal Strafhof heeft rechtsmacht over deze strafbare feiten en zal moeten laten zien dat effectieve vervolging van politieke en militaire leiders zal plaatsvinden.
Opinie | Opiniërend artikeljuni 2024AA20240518
M.T.A.B. Laemers
Perspectief | Perspectiefartikelfebruari 2017AA20170155
S. Garvelink
Op 30 juni 2008 deed het Europese Hof voor de Rechten van de Mens uitspraak in de geruchtmakende zaak Gäfgen tegen Duitsland. Het ging daar onder meer om de vraag of levensbedreigende situaties aanleiding kunnen zijn om het taboe op foltering in de rechtsstaat te doorbreken. Dit artikel geeft een overzicht van de feitenen procedures en gaat in op de rechtsfilosofische achtergronden.
Verdieping | Studentartikeljanuari 2009AA20090022
E.J. Dommering
De Commissie-Thomassen had tot opdracht een Grondwetsvoorstel in Jip en Janneke-taal te maken en ook de grondrechten die over informatietechnologie gaan (de artikelen 7-13 Gw) te moderniseren. De Commissie bracht in 2011 een verdeeld advies uit. Daarvan is nu een voorstel tot wijziging van artikel 13 (brief- en telefoongeheim) overgebleven. Een voorontwerp zal vermoedelijk dit jaar gevolgd worden door een definitief voorstel aan de Tweede Kamer. Dit artikel onderwerpt het voorontwerp en het voorstel van de Commissie aan een kritische analyse.
Verdieping | Verdiepend artikelmei 2013AA20130378