Burgerlijk recht

Produktenaansprakelijkheid: de voordelen van een dualistische rechtsorde

E.H. Hondius

Aan de hand van de produktenaansprakelijkheid wordt in deze bijdrage bekeken in hoeverre Europese Richtlijnen een disharmoniërende invloed hebben op het functioneren van het Nederlandse recht. Voorzover deze disharmonie bestaat, wordt zij nog vergroot door het samenbrengen van regelgeving van ver¬schillende herkomst in één wetboek, hoewel de voordelen hiervan de nadelen ruimschoots compenseren. Betoogd wordt dat een dualistisch rechtsstelsel een heilzaam effect kan hebben op de rechtsontwikkeling.

Bijzonder nummer | Rechtsharmonie - Wetsharmonie
mei 1996
AA19960324

Prof.mr. Herman C.F. Schoordijk (1926-2018)

M.J.G.C. Raaijmakers

Op 5 juli 2018 overleed op 91-jarige leeftijd prof.mr. Herman Schoordijk, emeritus hoogleraar burgerlijk en handelsrecht. Theo Raaijmakers staat in deze bijdrage stil bij het afscheid van de leermeester van zijn studiejaren en latere collega, de uitzonderlijke civilist H.C.F. Schoordijk.

Perspectief | Ars Longa Vita Brevis
december 2018
AA20181048

Profilering van Nederland als vestigings- en ondernemingsland?

P. Waverijn

Een uiteenzetting van de voorgestelde veranderingen die volgens de minister nodig zijn om Nederland aantrekkelijk te houden als vestigings- en ondernemingsland.

Opinie | Opiniërend artikel
december 2005
AA20051020

Proportionaliteit en abstractie van gegevensverwerking

B.P.F. Jacobs

Post thumbnail Proportionaliteit ziet op een redelijke verhouding tussen een inbreuk en het nagestreefde doel. In de praktijk zijn proportionaliteitsafwegingen lastig bij de verwerking van grote hoeveelheden persoonsgegevens, zeker wanneer de uiteindelijke uitkomst niet, of slechts in een enkel geval, tot personen herleidbaar is. Deze amuse stelt een nieuw begrip voor dat zijn nut zou kunnen hebben bij proportionaliteitsafwegingen: abstractie van de verwerking.

Opinie | Amuse
april 2023
AA20230246

Proportionele aansprakelijkheid bij onzeker causaal verband: deel 2

S.D. Lindenbergh, S.B. Pape

Hoge Raad 24 december 2010, nr. 09/01275, ECLI:NL:HR:2010:BO1799, LJN: BO1799, NJ 2011, 251 (Fortis/Bourgonje) In 2006 aanvaardde de Hoge Raad uitdrukkelijk de mogelijkheid dat de rechter bij onzeker causaal verband de aansprakelijkheid veroordeelt tot vergoeding van een percentage van de schade dat corre­spondeert met de kans dat de fout de schade heeft veroorzaakt.1 In de onderhavige uitspraak benadrukt de Hoge Raad dat deze methode terughoudend moet worden toegepast en neemt hij de gelegenheid te baat om uiteen te zetten – zij het in nogal abstracte bewoordingen – onder welke omstandigheden daarvoor plaats is.2 De aanleiding is een beleggingsgeschil.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
oktober 2011
AA20110720

Proportionele doorbreking van wettelijke limitering bij stilzitten wetgever

W.H. van Boom

Hoge Raad 18 mei 2018, nr. 16/06017, ECLI:NL:HR:2018:729 (X/Allianz Benelux B.V.). Ook wel bekend als gebroken giek.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 2019
AA20190199

Pruisken/Organice: schadevergoeding bij overlijden

T. Hartlief

Hoge Raad 16 december 2005, nr. C04/276HR, ECLI:NL:HR:2005:AU6089, RvdW 2006, 1 (Pruisken/Organice) Organice was verantwoordelijk voor het organiseren van een bedrijfsuitje van het hoogheemraadschap Delfland, maar op de toggle-baan ging het fout en kwam een van de deelnemers te overlijden. Organice erkent aansprakelijkheid, maar in dit arrest draait het om de omvangsfase van de schadevergoeding.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
april 2006
AA20060281

Publicatie van rechterlijke uitspraken en het vermelden van de partijnamen

O. van der Kind

Kort opiniërend artikel waarin de auteur pleit voor het achterwege van de partijnamen in uitspraken die gepubliceerd worden. Volgens de auteur kan hiermee alleen maar onnodig schade berokkend worden en heeft het publiceren van partijnamen geen meerwaarde.

Opinie | Opiniërend artikel
juli 1993
AA19930550

Punitive damages, immateriële schade en fundamentele rechtsbeginselen

A.J. Verheij

In het onderhavige artikel wordt een recente uitspraak van het Supreme Court van de Verenigde Staten behandeld waarin de hoogte van de punitive damages award in strijd met in de Amerikaanse grondwet neergelegde beginselen werd bevonden. Vervolgens komt aan de hand van een uitspraak van het Euro¬pese Hof voor de Rechten van de Mens de vraag aan de orde of de hoogte van een bedrag tot vergoe¬ding van immateriële schade eveneens onderworpen is aan bepaalde rechtsbeginselen.

Overig | Rode draad | Sancties
februari 1997
AA19970071

Puzzelen in het notariaat

Interview met mr. G.J.C. Lekkerkerker, hoofd van het Juridisch Bureau van de Koninklijke Notariële Broederschap

O. van Klinken, M.J. Kroeze

G.J.C. Lekkerkerker werd in 1950 te Amsterdam geboren. Na het behalen van zijn doctoraal in zowel het Nederlands recht als in de studie Geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Leiden, volgde hij tijdens het vervullen van zijn dienstplicht de notariële studierichting. Na zes jaar in het notariaat te hebben gewerkt, stapte hij over naar de wetenschappelijke denktank van de Koninklijke Notariële Broederschap: het Notarieel Juridisch Bureau. Lekkerkerker is momenteel hoofd van dit bureau en nog geregeld als kandidaat-notaris in de praktijk werkzaam. In de uitgebreide bibliotheek van het Juridisch Bureau hadden wij een gesprek met hem over de spannende tijden die het notariaat tegemoet gaat.

Verdieping | Interview
december 1992
AA19920776

Quint/Te Poel

J.H. Beekhuis

HR 30 januari 1959, nr. nep2, ECLI:NL:HR:1959:AI1600 (Quint/Te Poel)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 1959
AA19590171

Raamuitzetter

H. Cohen Jehoram

Hoge Raad 31 mei 1991, nr. 14253, ECLI:NL:HR:1991:ZC0259, NJ 1992, 391 (Borsumij/Stenman). Ook bekend als Raamuitzetter. Uitspraak van de Hoge Raad en daarbij behorende noot op het gebied van het octrooirecht. In de uitspraak komt aan de orde wat de verhouding is tussen de leer van de slaafse nabootsing en de modernere prestatieontlening. De Hoge Raad oordeelt dat de laatste leer de eerdere heeft geabsorbeerd. In de noot wordt dieper op deze problematiek ingegaan.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
september 1993
AA19930680