Toont alle 9 resultaten

Artikel 6:211 BW en de Engelse law of restitution

H.J. van Kooten

Kan hetgeen ter nakoming van een nietige overeenkomst is gepresteerd, uit onverschuldigde betaling worden teruggevorderd? Onder het oude BW beantwoorde de Hoge Raad deze vraag bevestigend. Immers, een nietige overeenkomst doet geen verbintenissen ontstaan en hetgeen uit doen hoofde is betaald, kan daarom ongedaan worden gemaakt. Dat is ook de hoofdregel onder het huidige BW. De terugvorderingsactie zal echter niet slagen voor zover deze in strijd komt met de redelijkheid en billijkheid. In deze bijdrage wordt onderzocht wat redelijkheid en billijkheid in artikel 6:211 BW eisen. Het Engelse restitutierecht dient daarbij als bron van inspiratie.

Bijzonder nummer | Rechtsvergelijking
mei 1994
AA19940311

Cont(r)actbreuk…

Beantwoording rechtsvraag (318) Verbintenissenrecht

S.R. Damminga, I. Haazen

In deze beantwoording van de rechtsvraag wordt onder andere ingegaan op: geldigheid overeenkomst, onverschuldigde betaling, vernietigingsgronden.

Perspectief | Rechtsvraag
juni 2005
AA20050520

De onmiskenbare vergissing en de bedoeling van de betaler

P.J. Neijt

Een onverschuldigde betaling aan een gefailleerde (rechts)persoon kan ongedaan gemaakt worden wanneer er sprake is van een onmiskenbare vergissing. Ik ben van mening dat van een dergelijke onmiskenbare vergissing slechts sprake is, wanneer de betaler zich vergist in de persoon aan wie betaald moet worden.

Opinie | Opiniërend artikel
oktober 2002
AA20020722

Hebben de Nederlandse banken een strafpleiter nodig?

L.H. de Boer

De auteur van dit artikel schrijft over valutering bij overschrijving van gelden van de ene naar de andere bankrekening. De auteur betoogt dat latere valutering zowel strafbaar is van de bank als dat zij zichzelf ongerechtvaardigd verrijkt. Ook wordt mening van de banken en de politiek.

Opinie | Opiniërend artikel
september 1998
AA19980764

maart 2007

Katern 102: Burgerlijk procesrecht

R.J.C. Flach

december 1991

Katern 41: Burgerlijk recht

S.D. Lindenbergh, B.E. Reinhartz, J.M. Smits, F.A. Steketee

september 2002

Katern 84: Burgerlijk recht

D.J. Beenders, C.G. Breedveld-de Voogd, P.C. van Es, R.M.Ch.M. Koot, B.T.M. van der Wiel

Ontvanger/Hamm q.q.

R.D. Vriesendorp

Hoge Raad 5 september 1997, nr. 16400, ECLI:NL:HR:1997:ZC2419 (Ontvanger/Hamm q.q.) De Hoge Raad heeft in dit arrest degene die een onverschuldigde betaling doet aan een in staat van faillissement zijnde boedel willen beschermen. Hoewel het resultaat niet tot gehele ontevredenheid lijdt, is annotator niet geheel tevreden met de redenatie van de Hoge Raad.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
juli 1999
AA19990564

Van der Werf q.q.- BLG

R.D. Vriesendorp

Hoge Raad 8 juni 2007, nr. C05/329HR, ECLI:NL:HR:2007:AZ4569, LJN: AZ4569, RvdW 2007, 552 (Van der Werf q.q./BLG) De noot bij dit arrest van de Hoge Raad sluit aan bij het arrest Ontvanger/Hamm q.q. waarbij de onverschuldigde betaling in faillissement aan de orde is. De Hoge Raad stelt vast dat indien een betaling aan de gefailleerde onmiskenbaar bij vergissing is voldaan, waarbij er van de curator onderzoek mag worden gevergd naar de onverschuldigdheid van de betaling, deze betaling onmiddellijk dient te worden teruggestort aan de betalende partij. Vriesendorp vindt de regeling niet goed en er dient volgens hem meer aansluiting gezocht te worden bij de regels van het Anglo-Amerikaanse recht inzake de 'mistake'.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
februari 2008
AA20080128

Toont alle 9 resultaten