Toont alle 11 resultaten

Boek 8 en het internationaal privaatrecht

J.C. Schultsz

In dit artikel wordt een nieuwe wet inzake het internationaal privaatrecht besproken, te weten 'Enige bepalingen van internationaal privaatrecht met betrekking tot het zeerecht en het binnenvaartrecht'. In deze wet komen moderne verwijzingsregels voor die niet alleen bepalen wanneer de Nederlandse wet op een bepaalde vervoersovereenkomst van toepassing is.

Bijzonder nummer | Vervoersrecht
Mei 1993
AA19930351

De bocht van de Herengracht

Rechtsvraag (338) internationaal privaatrecht/goederenrecht

S. van Dongen, H.L.E. Verhagen

Rechtsvraag op het gebied van het internationaal privaatrecht en het goederenrecht waarbij een realistische casus wordt behandeld. Aan de orde komen de totstandkoming van het zekerheidsrecht en het toepasselijk recht daarop en de verplaatsing van zaken voor het toepasselijke recht op zekerheidsrechten.

Perspectief | Rechtsvraag
Oktober 2009
AA20090691

De Vleeschmeesters: over de opheffing van een Frans faillisement en de gevolgen daarvan in Nederland

P. Vlas

Hoge Raad 31 mei 1996, nr. 16007, ECLI:NL:HR:1996:ZC2091, RvdW 1996, 133 C (Coppoolse/De Vleeschmeesters) Geding waarin in een casus over een faillissement speelt of naar Nederlands internationaal privaatrecht een vordering tegen een debiteur kan worden ingesteld nadat er in een ander land dan Nederland als reeds een faillissementsprocedure is geweest en deze is afgesloten bij het ontbreken aan baten. De Hoge Raad oordeelt dat naar Nederlands IPR dit mogelijk is en dat er in Nederland een vordering kan worden ingesteld om hetgene dat nog niet voldaan is te verkrijgen.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
April 1997
AA19970233

Doorbraak van aansprakelijkheid in het IPR

A.A.H. van Hoek

Hof van Justitie Europese Unie (HvJ EU) (Vijfde kamer) 18 juli 2013, zaak C‑147/12, ECLI:EU:C:2013:490 (ÖFAB, Östergötlands Fastigheter AB/Frank Koot, Evergreen Investments BV (Öfab))

Annotaties en wetgeving | Annotatie
December 2013
AA20130948

Een geïntegreerde rebel

E.H. Hondius

In deze column zet Ewoud Hondius de markante jurist Ulli Jessurun d’Oliveira in de schijnwerpers.

Opinie | Column
Mei 2021
AA20210443

Internationaal Privaatrecht 2020-2022

K.R.S.D. Boele-Woelki, R.J. ter Rele

Post thumbnail

Internationaal Privaatrecht bevat Verordeningen, Verdragen & Wetten in de volgende rechtsgebieden: Algemeen en Persoonlijke staat, Familie- en Erfrecht, Vermogensrecht, Procesrecht. Teksten zoals deze gelden op 1 april 2020.

9789492766878 - 6-4-2020

Jurisprudentie Internationaal Privaatrecht 2020

M.J. de Rooij

Post thumbnail

De belangrijkste vonnissen van 1924 tot en met 2019 op het gebied van het Internationaal Privaatrecht.
Deze uitspraken zijn speciaal geselecteerd voor gebruik in het onderwijs, maar zijn natuurlijk ook zeer bruikbaar in de rechtspraktijk.

9789492766861 - 6-4-2020

Maart 2000

Katern 74: Informaticarecht

J.E.J. Prins

Prof.mr. Herman C.F. Schoordijk (1926-2018)

M.J.G.C. Raaijmakers

Op 5 juli 2018 overleed op 91-jarige leeftijd prof.mr. Herman Schoordijk, emeritus hoogleraar burgerlijk en handelsrecht. Theo Raaijmakers staat in deze bijdrage stil bij het afscheid van de leermeester van zijn studiejaren en latere collega, de uitzonderlijke civilist H.C.F. Schoordijk.

Perspectief | Ars Longa Vita Brevis
December 2018
AA20181048

Rechtsvraag (230) Internationaal vermogensrecht

The Merchant of Venice

M.V. Polak

Rechtsvraag op het gebied van het internationaal privaatrecht waarbij de hoofdvraag is welke rechtsstelsels bij deze casus van toepassing zijn naar Nederlands internationaal privaatrecht.

Perspectief | Rechtsvraag
Januari 1994
AA19940051

Vreemd recht

Over de toepassing van buitenlands recht in het Nederlandse burgerlijk proces(recht)

E.S. Pannebakker

Post thumbnail Civiel recht van alle rechtsstelsels van onze planeet kennen en toepassen, is dit science-fiction? Niet helemaal, zo laat deze amuse zien. Op een geschil dat een internationaal karakter heeft kan buitenlands recht van toepassing zijn. Om zo’n geschil te beslechten dient de Nederlandse rechter op grond van artikel 10:2 BW vreemd recht ambtshalve toe te passen. In deze bijdrage worden enkele knelpunten bij de toepassing van buitenlands recht in de Nederlandse rechtspraak in kaart gebracht.

Opinie | Amuse
Maart 2019
AA20190174

Toont alle 11 resultaten