Maandbladartikel

Kosteloze rechtsbijstand voor vreemdelingen

H. Camps

In 1976 is door de regering het wetsontwerp Uitbreiding rechtsbescherming en rechtsbijstand vreemdelingen ingediend. Tot op heden is dit wetsontwerp in de fase van het eindverslag blijven steken. In dit wetsonderwerp  worden onder andere een aantal wijzigingen voorgesteld om te komen tot een betere rechtsbijstandsvoorziening voor vreemdelingen. De vraag dringt zich op in hoeverre vreemdelingen, dat wil zeggen minderheden zonder de Nederlandse nationaliteit op dit moment recht hebben op kosteloze rechtsbijstand. In dit artikel wil ik deze vraag beantwoorden, de rechtsbijstandsmomenten die liggen besloten in de Vreemdelingenwet en de Uitleveringswet opsommen, ingaan op de rechtsbijstandsvoorziening bij de inbewaringstelling en ruime aandacht schenken aan het wetsontwerp Uitbreiding rechtsbescherming en rechtsbijstand vreemdelingen.

oktober 1981
AA19810596

Kosten van een buitenlandse deelneming

J.W. Zwemmer

Hoge Raad 11 april 2001, nr. 35729, ECLI:NL:HR:2001:AB0990, BNB 2001/257 Naar Nederlands belastingrecht zijn de financieringskosten van een buitenlandse deelneming niet aftrekbaar. De vraag is of deze beperking in strijd is met EG-recht. De Hoge Raad stelt vragen aan het Hof van Justitie EG.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
maart 2002
AA20020175

Kosten van kantoorruimte

J.W. Zwemmer

Hoge Raad 13 maart 1996, nr. 31286, ECLI:NL:HR:1996:AA1999, BNB 1996/171 In dit arrest van de Hoge Raad en de daarbij behorende noot wordt ingegaan op de aftrekbaarheid van de kosten van de huur van kantoorruimte bij de inkomstenbelasting. Dit is mogelijk indien het grootste gedeelte van het inkomen ook daadwerkelijk in deze gehuurde kantoorruimte wordt verdiend.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
oktober 1996
AA19960639

Krab als toetje

R.J.Q. Klomp

In deze amuse wordt besproken in hoeverre een bepaalde gedraging onder bepaalde omstandigheden onrechtmatig is.

Opinie | Amuse
september 2003
AA20030608

Kredietregistratie tussen publiekrecht en privaatrecht

J.J.M. Peters

Post thumbnail Het Bureau Krediet Registratie (BKR) houdt het Centraal Krediet Informatiesysteem bij. Op grond van de Wet op het financieel toezicht moeten kredietverstrekkers aan een stelsel van kredietregistratie deelnemen. De wetgever heeft echter geen specifieke instantie genoemd. Alle kredietverstrekkers laten in de praktijk het verstrekte krediet registreren in het Centraal Krediet Informatiesysteem. Het BKR is daarmee de enige uitvoerder van het stelsel als bedoeld in de wet. Welke gevolgen heeft die rol voor de positie van het BKR en voor de normering van diens handelen?

Overig | Ars Aequi-prijswinnaar | Verdieping | Studentartikel
december 2019
AA20190937

Kreis Warendorf/Ibrahim Alo en Amira Osso/Region Hannover

Hof van Justitie Europese Unie (HvJ EU) 1 maart 2016, ECLI:EU:C:2016:127, gevoegde zaken C-443/14 en C-444/14 (Kreis Warendorf/Ibrahim Alo en Amira Osso/Region Hannover)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
juni 2016
AA20160456

Kribbebijter-arrest

W.C.L. van der Grinten

Hoge Raad 11 maart 1977, nr. 11086, ECLI:NL:HR:1977:AC1877, RvdW 1977/46 (Stolte/Schiphoff). Ook bekend als Kribbenbijter.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
januari 1977
AA19770589

Kriek/Smit

P. van Schilfgaarde

Hoge Raad 12 juni 1987, nr. 12939, ECLI:NL:HR:1987:AC2558, RvdW 1987, 139 (Kriek/Smit) Huwelijksgoederenrecht. Waardevermeerdering van op naam van de man gesteld maar door de vrouw gefinancierd onroerend goed bij uitsluiting van elke gemeenschap. Vergoedingsrecht gebaseerd op de goede trouw.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
december 1987
AA19870780

Krijgsgevangenen

G.L. Coolen

In deze bijdrage wordt ingegaan op de juridische status van krijgsgevangenen en welke rechtsregels op het krijgsgevangenschap van toepassing zijn.

Verdieping | Verdiepend artikel
april 1997
AA19970211

Kritiek op het oordeelsvermogen (zeer vrij naar Kant)

A.M. Hol

Artikel behorende bij de reeks 'Recht & cultuur' waarbij wordt ingegaan op de sterkere democratische legitimatie dan wordt gedacht. Aan bod komen de rechterlijke besluitvorming, transparantie bij feiten en overwegingen, de herkenbaarheid, openheid naar het publiek. Deze vier kenmerken brengen de auteur tot de stelling dat rechtspraak meer tot de verbeelding spreekt dan de werkzaamheden van het parlement. Vervolgens wordt er ingegaan op kritiek van parlementariërs en de voor en tegens hierbij.

Blauwe pagina's | Recht en Cultuur
oktober 2009
AA20090618

Kritiek op Martijn Hesselinks boek Contractenrecht in perspectief

I. van Loo

Contractenrecht in perspectief is als studieboek voorgeschreven aan rechtenstudenten in de bachelorfase aan de Universiteit van Amsterdam. Het derde hoofdstuk van het boek draagt als titel ‘Een rechtvaardige prijs, een historischperspectief’. Dit hoofdstuk bespreek ik kritisch. Ik maak van de gelegenheid gebruik om uit te weiden over een aantal zaken die Hesselink niet of niet juist heeft behandeld, te weten de verhouding tussen de ‘iustum pretium’-leer en de ‘laesioenormis’, de op §138 Bürgerliches Gesetz Buch (BGB) gebaseerde Duitse‘woekerlaesio’ en de Oostenrijkse ‘dwalingslaesio’.

Opinie | Opiniërend artikel
oktober 2008
AA20080757

Kritiek, maar met mate?

E.H. Hondius

Enkele promoties bekritiseerd.

Opinie | Column
januari 2007
AA20070019