Resultaat 4093–4104 van de 7258 resultaten wordt getoond
H. Camps
In 1976 is door de regering het wetsontwerp Uitbreiding rechtsbescherming en rechtsbijstand vreemdelingen ingediend. Tot op heden is dit wetsontwerp in de fase van het eindverslag blijven steken. In dit wetsonderwerp worden onder andere een aantal wijzigingen voorgesteld om te komen tot een betere rechtsbijstandsvoorziening voor vreemdelingen. De vraag dringt zich op in hoeverre vreemdelingen, dat wil zeggen minderheden zonder de Nederlandse nationaliteit op dit moment recht hebben op kosteloze rechtsbijstand. In dit artikel wil ik deze vraag beantwoorden, de rechtsbijstandsmomenten die liggen besloten in de Vreemdelingenwet en de Uitleveringswet opsommen, ingaan op de rechtsbijstandsvoorziening bij de inbewaringstelling en ruime aandacht schenken aan het wetsontwerp Uitbreiding rechtsbescherming en rechtsbijstand vreemdelingen.
oktober 1981AA19810596
J.W. Zwemmer
Hoge Raad 11 april 2001, nr. 35729, ECLI:NL:HR:2001:AB0990, BNB 2001/257 Naar Nederlands belastingrecht zijn de financieringskosten van een buitenlandse deelneming niet aftrekbaar. De vraag is of deze beperking in strijd is met EG-recht. De Hoge Raad stelt vragen aan het Hof van Justitie EG.
Annotaties en wetgeving | Annotatiemaart 2002AA20020175
Hoge Raad 13 maart 1996, nr. 31286, ECLI:NL:HR:1996:AA1999, BNB 1996/171 In dit arrest van de Hoge Raad en de daarbij behorende noot wordt ingegaan op de aftrekbaarheid van de kosten van de huur van kantoorruimte bij de inkomstenbelasting. Dit is mogelijk indien het grootste gedeelte van het inkomen ook daadwerkelijk in deze gehuurde kantoorruimte wordt verdiend.
Annotaties en wetgeving | Annotatieoktober 1996AA19960639
R.J.Q. Klomp
In deze amuse wordt besproken in hoeverre een bepaalde gedraging onder bepaalde omstandigheden onrechtmatig is.
Opinie | Amuseseptember 2003AA20030608
J.J.M. Peters
Het Bureau Krediet Registratie (BKR) houdt het Centraal Krediet Informatiesysteem bij. Op grond van de Wet op het financieel toezicht moeten kredietverstrekkers aan een stelsel van kredietregistratie deelnemen. De wetgever heeft echter geen specifieke instantie genoemd. Alle kredietverstrekkers laten in de praktijk het verstrekte krediet registreren in het Centraal Krediet Informatiesysteem. Het BKR is daarmee de enige uitvoerder van het stelsel als bedoeld in de wet. Welke gevolgen heeft die rol voor de positie van het BKR en voor de normering van diens handelen?
Overig | Ars Aequi-prijswinnaar | Verdieping | Studentartikeldecember 2019AA20190937
Hof van Justitie Europese Unie (HvJ EU) 1 maart 2016, ECLI:EU:C:2016:127, gevoegde zaken C-443/14 en C-444/14 (Kreis Warendorf/Ibrahim Alo en Amira Osso/Region Hannover)
Annotaties en wetgeving | Annotatiejuni 2016AA20160456
W.C.L. van der Grinten
Hoge Raad 11 maart 1977, nr. 11086, ECLI:NL:HR:1977:AC1877, RvdW 1977/46 (Stolte/Schiphoff). Ook bekend als Kribbenbijter.
Annotaties en wetgeving | Annotatiejanuari 1977AA19770589
P. van Schilfgaarde
Hoge Raad 12 juni 1987, nr. 12939, ECLI:NL:HR:1987:AC2558, RvdW 1987, 139 (Kriek/Smit) Huwelijksgoederenrecht. Waardevermeerdering van op naam van de man gesteld maar door de vrouw gefinancierd onroerend goed bij uitsluiting van elke gemeenschap. Vergoedingsrecht gebaseerd op de goede trouw.
Annotaties en wetgeving | Annotatiedecember 1987AA19870780
G.L. Coolen
In deze bijdrage wordt ingegaan op de juridische status van krijgsgevangenen en welke rechtsregels op het krijgsgevangenschap van toepassing zijn.
Verdieping | Verdiepend artikelapril 1997AA19970211
A.M. Hol
Artikel behorende bij de reeks 'Recht & cultuur' waarbij wordt ingegaan op de sterkere democratische legitimatie dan wordt gedacht. Aan bod komen de rechterlijke besluitvorming, transparantie bij feiten en overwegingen, de herkenbaarheid, openheid naar het publiek. Deze vier kenmerken brengen de auteur tot de stelling dat rechtspraak meer tot de verbeelding spreekt dan de werkzaamheden van het parlement. Vervolgens wordt er ingegaan op kritiek van parlementariërs en de voor en tegens hierbij.
Blauwe pagina's | Recht en Cultuuroktober 2009AA20090618
I. van Loo
Contractenrecht in perspectief is als studieboek voorgeschreven aan rechtenstudenten in de bachelorfase aan de Universiteit van Amsterdam. Het derde hoofdstuk van het boek draagt als titel ‘Een rechtvaardige prijs, een historischperspectief’. Dit hoofdstuk bespreek ik kritisch. Ik maak van de gelegenheid gebruik om uit te weiden over een aantal zaken die Hesselink niet of niet juist heeft behandeld, te weten de verhouding tussen de ‘iustum pretium’-leer en de ‘laesioenormis’, de op §138 Bürgerliches Gesetz Buch (BGB) gebaseerde Duitse‘woekerlaesio’ en de Oostenrijkse ‘dwalingslaesio’.
Opinie | Opiniërend artikeloktober 2008AA20080757
E.H. Hondius
Enkele promoties bekritiseerd.
Opinie | Columnjanuari 2007AA20070019