Maandbladartikel

Kind van de rekening: het belang van het kind en de ongedaanmaking van internationale kinderontvoering. Italiaans-Nederlandse kinderontvoering

M.V. Polak

Hoge Raad 20 januari 2006, nr. R05/083HR, ECLI:NL:HR:2006:AU4795, LJN: AU4795, RvdW 2006, 103, JOL 2006, 37, NIPR 2006, 1, JIN 2006, 99 Uit artikel 3 lid 1 aanhef en onder a Haags Kinderontvoeringsverdrag volgt dat voor de beantwoording van de vraag of een overbrenging of vasthouding van een kind ongeoorloofd is, beslissend is het gezagsrecht overeenkomstig het recht van de staat waarin het kind zijn gewone verblijfplaats had onmiddellijk voorafgaande aan de overbrenging. Het oordeel omtrent de vraag waar het kind op het relevante tijdstip zijn gewone verblijfplaats had, is van feitelijke aard en kan in cassatie niet op zijn juistheid worden onderzocht. Doel en strekking van het Haags Kinderontvoeringsverdrag brengen mee dat de weigeringsgrond van artikel 13 lid 1 aanhef en onder b restrictief dient te worden toegepast. Dit betekent dat de rechter van de aangezochte staat, die zich dient te onthouden van een oordeel omtrent het gezagsrecht en het omgangsrecht, de in die bepaling gestelde strenge voorwaarden niet reeds vervuld mag achten, louter op grond van zijn oordeel dat het belang van het kind in het land van herkomst minder goed gediend is dan in het land van de aangezochte rechter.

Annotaties en wetgeving | Annotatie
september 2006
AA20060646

Kinderalimentatie: is een wetswijziging echt nodig?

M. Antokolskaia

Post thumbnail

Dit artikel bespreekt de wetswijzigingen die worden voorgesteld in het initiatiefvoorstel van de ‘Wet herziening kinderalimentatie’. Deze betreffen onder meer de afbakening van de reikwijdte van de contractvrijheid van de ouders bij het maken van overeenkomsten over kinderalimentatie; de afschaffing van de onderhoudsplicht van stiefouders; en wijzigingen in het recht op alimentatie van jongmeerderjarige kinderen.

Opinie | Opiniërend artikel
december 2016
AA20160924

Kinderen hebben recht op geen seks. Seksuele exploitatie en seksueel misbruik van minderjarigen in juridisch perspectief

S. Meuwese

In deze bijdrage tracht de auteur een actueel overzicht te geven van recente ontwikkelingen rond de zedenmisdrijven waarvan kinderen het slachtoffer zijn. Hoewel kinderen niet altijd het slachtoffer, maar soms ook dader zijn zal de nadruk liggen op kinderen als slachtoffer.

Overig | Rode draad | Minderjarigen in het recht
maart 2000
AA20000136

Kinderen in (echt)scheidingszaken. Nog een wereld te winnen?

G.C.A.M. Ruitenberg

Post thumbnail Kinderen verdienen bijzondere bescherming. Dat geldt ook voor kinderen die betrokken zijn bij (echt)scheidingen. Voor hun positie is veel aandacht en er zijn allerlei plannen ontwikkeld om deze te verbeteren. Betekent dit dat kinderen nu voldoende worden beschermd? Of valt op dit punt nog een wereld te winnen?

Rode draad | Beschermenswaardige partijen
juni 2020
AA20200614

Kinderen in de gevangenis

S. Meuwese, O. Themeli, S. de Vries

De bescherming van kinderen die in gevangenissen terechtkomen krijgt veel aandacht in internationalejuridische documenten zoals het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind. De internationale standaarden vormen de leidraad voor deze beschouwing. Een rondblik in de wereld laat zien hoe moeilijkminderjarigen het kunnen hebben in gesloten inrichtingen, van India tot Honduras, van de Verenigde Staten tot de Oekraïne. Ook in Nederland voltrekken zich sluipend veranderingen in de justitiële jeugdinrichtingen. Onafhankelijk toezicht kan wellicht bijdragen aan een verbetering van het lot van opgesloten jeugdigen.

Verdieping | Verdiepend artikel
januari 2001
AA20010023

Kinderen op de digitale snelweg – prijsschieten?

A. Bouichi, M. Zwiers

Dit redactioneel pakt de problemen aan die ontstaan doordat er steeds meer nieuwe elektronische diensten komen. Het gaat er in dit artikel over of kinderen niet beschermd moeten worden tegen het kopen van artikelen middels de nieuwe elektronische hulpmiddelen.

Opinie | Redactioneel
maart 2003
AA20030139

Kinderen zonder verblijfsrecht en kinderbescherming

T.P. Spijkerboer

In dit artikel wordt ingegaan op het koppelingsbeginsel (alleen legaal in Nederland verblijvende personen kunnen aanspraak maken op voorzieningen van de verzorgingsstaat) en de bescherming van de belangen van kinderen.

Verdieping | Verdiepend artikel
november 2003
AA20030831

Kindermishandeling en de meldcode

J.E. Doek

Kindermishandeling, een vreselijk verschijnsel, maar wat is een goede remedie om het aan te pakken? Er is gepleit voor een verplichting van hulpverleners om het te melden, maar dit is met redenen weer van tafel geveegd.

Verdieping | Verdiepend artikel
april 2005
AA20050243

Kinderopvangtoeslag ook voor beurspromovendi

N. Lgarah, D.W. van Maurik

Het promotieonderzoek van zogenoemde beurspromovendi wordt gefinancierd door een (externe) beurzenverstrekker. Hoewel beurspromovendi te vergelijken zijn met werknemerpromovendi, worden zij geconfronteerd met stopzettings- en terugvorderingsbesluiten van hun kinderopvangtoeslag. Beurspromovendi sluiten namelijk geen arbeidsovereenkomst met de universiteit waaraan zij studeren. Daarnaast is het onzeker of zij kunnen worden aangemerkt als resultaatgenieters. In de parlementaire geschiedenis van de Wet kinderopvang heeft geen evenwichtige en uitgebreide afweging voor beurspromovendi plaatsgevonden.

Opinie | Redactioneel
mei 2020
AA20200435

Kinderopvangtoeslagen: wel of geen beleidsvrijheid voor de Belastingdienst/Toeslagen?

A.T. Marseille

Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) 23 oktober 2019, ECLI:NL:RVS:​2019:3535 (Kinderopvangtoeslagen), nr. 201900753/1/A2, AB 2020/85, m.nt. A. Drahman, D.K. Jongkind, JB 2020/19, RSV 2020/22, m.nt. P.J. Huisman, N. Jak, E.J.E. Groothuis, NLF 2019/2474, m.nt. E. Thomas, V-N 2019/52.20, m.nt. redactie

Annotaties en wetgeving | Annotatie
april 2020
AA20200393

Kindsoldaten als internationaal rechtsprobleem

S. Meuwese

Kindsoldaat is een term die indruist tegen alles wat wij over kinderen denken. Het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind geeft een internationale standaard over het inschakelen van minderjarigen bijoorlogsgeweld. De huidige norm is te laag, maar het is binnen het VN-systeem nog niet gelukt eenstemmigheid te krijgen over een betere standaard. Nederland heeft daarbij bepaald niet het voortouw.Het inzetten van kinderen in een gewapend conflict, dat niet in overeenstemming is met de geldende bepalingen, kan beschouwd worden als een ‘crime against childhood’.Maar zolang kinderen de facto deel uit maken van een leger, zijn op hen de iure ondubbelzinnig alleandere bepalingen uit het VN-kinderrecht van toepassing, zoals recht op onderwijs. Het belang van het kind staat daarbij voorop. Dit ‘belang van het kind’ kan heel concreet worden ingevuld. Discipline in het leger moet — net als discipline op school — worden gehandhaafd met inachtneming van de rechten van het kind. Als kinderen als lid van een krijgsmacht betrokken raken bij misdrijven, inclusief oorlogsmisdrijven,dan zijn alle normen uit het internationale kinderstrafrecht onverkort van toepassing.

Verdieping | Verdiepend artikel
juli 1998
AA19980681

Kindsoldaten: met recht beschermd

P.J.C. Schimmelpenninck van der Oije

Sinds mensenheugenis zijn kinderen de dupe van oorlogen. In extreme gevallen worden ze (gedwongen) ingezet om mee te vechten of om de vechtenden te assisteren. Daartegen bestaan internationaal juridische normen, zowel in het humanitair oorlogsrecht als in mensenrechtenverdragen. Het feit dat die afspraken niet zelden worden geschonden, doet niets af aan hun belang. Wel leggen die regels meer gewicht in de schaal naarmate er grotere druk kan worden uitgeoefend op landen om zich eraan te houden. Hieruit volgt onder andere dat landen c.q. Nederland daadwerkelijk een eind moeten maken aan het rekruteren van minderjarigen.

Verdieping | Verdiepend artikel
juni 2002
AA20020422