Shop

De oorlog in Vietnam

Achtergrond voor een juridische discussie

Ph.P. Everts

Een juridische beoordeling van de oorlog in Vietnam stuit op tweeërlei moeilijkheid: er is onzekerheid over de inhoud van het internationale recht, maar ernstiger is de onzekerheid over de werkelijkheid van de feiten waar dat recht op moet worden toegepast. Over de inhoud van het internationale recht, op het gebied van begrippen als interventie, agressie, collectieve zelfverdediging en op dat van het oorlogsrecht, handelt een deel van de hierna opgenomen artikelen. In deze bijdrage willen wij proberen uit de veelheid van gebeurtenissen en argumenten de achtergrond te destilleren waartegen die juridische beschouwingen moeten worden geplaatst. Het hier geschetste overzicht van de historische ontwikkelingen en van de achtergronden van de oorlog impliceert - alleen al door de beknoptheid - een selectie uit de feiten . De oorlog in Vietnam is een uiterst gecompliceerd conflict. Ik laat er hierna iets van zien. Maar die ingewikkeldheid mag ons niet in de verleiding brengen om dan maar helemaal niet te kiezen uit de feiten en om dan maar helemaal geen conclusies te trekken. Het hierna weergegevene zou nog sterk kunnen worden aangevuld en verfijnd. Het zou de hoofdlijnen van het betoog echter niet aantasten.

Bijzonder nummer
juli 1968
AA19680238

De oorsprong van de term persoon in het Westerse recht

R.R. Brouwer

Post thumbnail

"‘Persoon’ gaat terug op het individuele masker dat werd gebruikt in Etruskisch-Romeinse grafrituelen én op het algemenere masker dat in zwang kwam in het Griekse theater. Via de in Rome werkende denker Panaetius (ca. 185-ca. 110) komt deze dubbele oorsprong van persoon terecht in de beginnende rechtswetenschap en wordt zo een centrale term in het westerse recht."

Verdieping | Verdiepend artikel
april 2018
AA20180281

De oorzaak van de verbintenis uit overeenkomst

G.J. Scholten

Mr. G.J. Scholten promoveerde op 28 september 1934 te Amsterdam met het onderwerp 'De oorzaak van de verbintenis uit overeenkomst'.

december 1985
AA19850744

De openbaarmaking van wetenschappelijke onderzoeksgegevens

A.H.A. Mohammad, Y.E. Schuurmans

Afdeling bestuursrecht Raad van State (ABRvS) 31 januari 2018, ECLI:​NL:​RVS:​2018:​321, nr. 201700494/1/A3 (Raad van bestuur NWO/Bureau Jansen en Janssen)

Annotaties en wetgeving | Annotatie
mei 2018
AA20180393

De openbare verdediging van proefschriften: kers op de taart of spelbreker?

R.A.J. van Gestel

Post thumbnail Mede naar aanleiding van een Tilburgse promotie, waarbij het doctoraat in eerste aanleg werd geweigerd vanwege een beweerdelijk ondermaatse verdediging, wordt hier de rol van de openbare verdediging bij promoties onderzocht. De stelling die wordt verdedigd is dat die verdediging een ceremoniële rol vervult die niet mag leiden tot weigering van het doctoraat nadat de dissertatie door de promotiecommissie is goedgekeurd. Indien universiteiten daarin verandering willen brengen zullen niet alleen de beoordelingscriteria voor de verdediging moeten worden geëxpliciteerd, maar behoren er ook extra eisen aan promotiecommissies gesteld te worden.

Perspectief | Perspectiefartikel
oktober 2022
AA20220814

De opgedrongen verrijking

T. van der Linden

Post thumbnail Teun van der Linden onderzoekt in dit artikel de problematiek rondom de opgedrongen verrijking. In hoeverre kan de verrijkte aansprakelijkheid uit hoofde van ongerechtvaardigde verrijking ontlopen met het verweer dat hem een bestedingspatroon is opgedrongen? Om deze vraag te beantwoorden belicht hij eerst het theoretische fundament van het verrijkingsrechtelijke uitgangspunt dat een opgedrongen verrijking niet voor schadevergoeding in aanmerking komt. Deze vuistregel is terug te voeren op het aan het systeem van het vermogensrecht ten grondslag liggende autonomiebeginsel. Betoogd wordt dat voor het antwoord op de gestelde vraag van doorslaggevend belang is in hoeverre de verrijkte daadwerkelijk in zijn autonomie wordt aangetast als hij schadevergoeding moet betalen. Van der Linden illustreert deze stelling aan de hand van een aantal casusposities die in het verlengde liggen van de zaakwaarneming, de precontractuele fase en onbevoegde vertegenwoordiging.

Verdieping | Verdiepend artikel
januari 2013
AA20130011

De opheffing van het Hoog Militair Gerechtshof (HMG)

Th.W. van den Bosch

De oproep van de redactie van Ars Aequi om een artikel te schrijven over de opheffing van het HMG is voor tweeërlei uitleg vatbaar. Zij kan van oordeel zijn dat het langzamerhand tijd wordt dat er een necrelogie van het HMG wordt geschreven. Weliswaar is de patiënt nog niet overleden, maar op hem wordt wel actieve euthanasie gepleegd door middel van het wetsontwerp betreffende de militaire strafrechtspraak (17804), dat onder andere beoogt het HMG te vervangen door een militaire kamer van het gerechtshof te Arnhem. Zij kan ook van oordeel zijn dat de voorgenomen opheffing van het HMG nog voor discussie vatbaar is. Op deze laatste veronderstelling wil de auteur het houden. Na iets verteld te hebben over de geschiedenis van het HMG, over de voordelen van zijn huidige samenstelling, over de bezwaren daartegen en over zijn voornaamste lotgevallen, zal de schrijver tot de conclusie komen dat de militaire justiciabelen nog niet zo slecht af zijn met het HMG en dat het eigenlijk jammer is als het zou verdwijnen. Ten slotte wordt een pleidooi gehouden voor een organisatie van de militaire strafrechtspraak waarbij deze in eerste instantie wordt uitgeoefend door een afzonderlijke militaire arrondissementsrechtbank en in hoger beroep door een afzonderlijk militair gerechtshof, het laatste wel geïntegreerd in het gerechtshof te Arnhem.

Opinie | Column
januari 1988
AA19880017

De opkomst van de transparante burger

Over de identificatieplicht in N ederland en om ringende landen

G. Cebe, B.M.J. van Klink, N. Zeegers

In dit artikel wordt ingegaan op de vraag of een verband bestaat tussen de aanslagen op de Twin Towers en de steeds verdergaande indentificatieplicht in verschillende Nederland, Duitsland, Engeland en Belgi.

Opinie | Opiniërend artikel
juli 2007
AA20070600

De opleiding tot advocaat in Nederland

L. Hanekroot

Onderwijs
oktober 1982
AA19820583

De opleiding tot mediator en verwijzer

M. Pel

In deze bijdrage wordt ingegaan op de opkomst van de mediator als andere wijze van geschilbeslechting dan door een gang naar de rechter. Er wordt duidelijk welke opleiding men nodig heeft voor het beroep van mediator.

Perspectief | Perspectiefartikel
mei 2005
AA20050399

De oplossing voor het Kroonberoep; een tijdelijke rechter als adviseur

J. Mekel

Op 19 april jongstleden is in de Tweede Kamer een wetsvoorstel ingediend, dat een einde moet maken aan de onzekerheid welke in het stelsel van rechtsbescherming is ontstaan naar aanleiding van de uitspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in de Benthem-zaak. In onderstaand artikel wordt uiteengezet wat de hoofdlijnen van dit voorstel van wet zijn. Tevens zal ook aandacht worden besteed aan de kritiek die op dit voorstel is geuit.

oktober 1986
AA19860604

De opstanding van Europa (Digitaal boek)

J.W. Sap

Post thumbnail Door gerommel aan de grenzen, nationale reflexen en aanslagen blijkt Europa kwetsbaarder dan gedacht. Interne en externe dreiging drijft de Europese Unie uit elkaar. Heeft Europa de kracht om weer op te staan?

9789069168142 - 12-05-2016