Resultaat 253–264 van de 1707 resultaten wordt getoond
M.F.J. Haak, J. Struycken
Redactioneel artikel waarin wordt ingegaan op de destijds bijzondere plannen van de minister van Justitie om eerder tot kwijtschelding van straf over te gaan bij goed gedrag door delinquenten. De redacteuren gaan dieper op dit voorstel in en analyseren de gevolgen voor onder meer de strafoplegging door de rechter.
Opinie | Redactioneelnovember 1994AA19940715
P.P.T. Bovend'Eert
De meeste Eerste Kamerleden hebben naast hun parlementaire functie een of meer andere functies bij de overheid, in het bedrijfsleven of bij maatschappelijke organisaties. Deze combinatie van functies kan risicovol zijn met het oog op (de schijn van) belangenverstrengeling. De nieuwe Gedragscode integriteit Eerste Kamer bevat een aantal voorschriften die het tegengaan van belangenverstrengeling betreffen. Eerste Kamerleden die in hun andere functies lobbyactiviteiten ontplooien, handelen in strijd met de gedragscode. Lobbyactiviteiten zijn niet verenigbaar met het Eerste Kamerlidmaatschap.
Opinie | Opiniërend artikelmei 2020AA20200475
R. Ortlep
Het leerstuk omtrent de gemachtigde advocaat blijft zich ontwikkelen. In het verleden ging het veelal om de ‘fictie’ dat, wanneer een verdachte een advocaat machtigt, hij daarmee afstand doet van zijn aanwezigheidsrecht. In het verlengde hiervan volgt de vraag of het verschijnen van een gemachtigde advocaat de nietigheid van de dagvaarding moet dekken.
Opinie | Opiniërend artikeloktober 2003AA20030762
A.J. Nieuwenhuis
Opinie | Opiniërend artikeljanuari 2016AA20160021
G.J.H. van der Sangen
Familiebedrijven zijn anders dan andere ondernemingen, zo legt Ger van der Sangen uit in deze amuse. Een aparte rechtsvorm of corporate governance code hebben zij echter niet. Zou dat wel toegevoegde waarde hebben?
Opinie | Amusejuni 2020AA20200526
J.M. Barendrecht
In deze column gaat Barendrecht in op het voornemen van het Ministerie van Binnenlandse Zaken om een Staatscommissie een ontwerp te laten maken dat de Grondwet toegankelijker moet maken voor burgers. Barendrecht doet zelf een voorzet door een 'fair trial-artikel' in niet-juridisch jargon te redigeren.
Opinie | Columnjuni 2009AA20090388
M.H. van Bellen, S.H. Kraak
De regering negeerde een dringend advies van de Afdeling advisering van de Raad van State en stelde dat de Grondwet geen wiskunde is. Dit redactioneel betoogt dat deze handelingswijze niet alleen de verhouding tussen de staatsmachten aantast, maar ook de relatie tussen burger en overheid. De Grondwet biedt geen formule, maar wel rechtsstatelijke richting.
Opinie | Redactioneelmaart 2026AA20260171
J.W. Sap
Politiek wordt vaak gezien als de kunst van het mogelijke, maar het is tijd dat politici zich persoonlijk geroepen voelen om zich te richten op het ‘onmogelijke’. In brede kring wordt het inmiddels als onverantwoordelijk beschouwd wanneer politici weigeren stappen te zetten op het gebied van staatsrechtelijke vernieuwing. Ten diepste is aan de orde hoe wij in Nederland met elkaar willen samenleven. Inzake de democratische rechtsstaat kan een staat niet neutraal zijn.
Opinie | Opiniërend artikelmei 2014AA20140354
In deze column komt kort ter sprake wat mensen gelukkig maakt en hoe de jurist daar een rol in kan spelen.
Opinie | Columnjanuari 2008AA20080041
B.H.M. Custers
Sinds de invoering van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) in 2018 zijn bedrijven in rep en roer, want als zij niet zorgvuldig met persoonsgegevens omgaan, kan hen dit op hoge boetes komen te staan. Maar door de complexiteit en de open normen in de AVG, weet niemand werkelijk wanneer écht aan de regels is voldaan. In deze amuse stelt Bart Custers voor de AVG in te vullen aan de hand van de ‘gulden regel voor persoonsgegevens’.
Opinie | Amuseseptember 2022AA20220614
G. Hupperetz
In dit artikel pleit de auteur voor een grotere waardering voor hbo-juristen. Volgens de auteur kunnen hbo-juristen die daarna een master hebben gevolgd aan de universiteit in de veranderende juridische praktijk goed gebruikt worden.
Opinie | Opiniërend artikeloktober 2008AA20080754
A.M. Overheul, K.A.M. van Vught
In zijn arrest van 29 januari 2016 oordeelt de Hoge Raad dat de Hangmat-regel niet van toepassing is op de risicoaansprakelijkheid van artikel 6:179 BW. Aanvaarding van aansprakelijkheid jegens medebezitters zou namelijk leiden tot een stortvloed van claims. Deze redenering laat zich herleiden tot stellingen van de verzekeraar in de procedure, en steunt op bepaalde veronderstellingen van de maatschappelijke werkelijkheid. Kan deze wijze van rechtsvinding door de beugel?
Opinie | Redactioneelmei 2016AA20160323